|
11563 |
MIJNBOUW-MAATSCHAPPIJEN (Nederland en Koloniën). 745 |
|
11564 |
Aandeelen groot f 1000. Van de eerste werd den 10 Juni 1901 f 600.000 |
|
11565 |
tegen 120 pct. ter inschrijving aangeboden door de H.H. Numan & Hansen |
|
11566 |
te Amsterdam en te 's Gravenhage, en Gebr. van Buren te Rotterdam. Bij |
|
11567 |
deze inschrijving genoten aandeelhouders der „Guyana Goud Placer Maat- |
|
11568 |
schappij" de voorkeur. Einde 1901 werd door den heer Bos Sulpke een syn- |
|
11569 |
dicaat gevormd tot overname van f 700.000 aand. 2e serie à 120 pct. (Het |
|
11570 |
bleek in December 1908 dat men aandeelen 3e serie plaatste om uit de op- |
|
11571 |
brengst daarvan den aankoop van een baggermachine te besteden.) De mpij. |
|
11572 |
werd in 1903 in staat van faillissement verklaard. Dit faillissement |
|
11573 |
eindigde toen op 4 Juli 1905 de eenige uitdeelingslijst verbindend werd. Voi- |
|
11574 |
gens deze uitdeelingslijst kregen schuldeischers 100 pct. (f 6.207.83*), terwijl |
|
11575 |
de faillissementskosten f 3800 bedroegen. Voor uitvoeriger bijzonderheden |
|
11576 |
omtrent deze maatschappij zoowel wat den inbreng betreft als wat den gang |
|
11577 |
van zaken sedert hare oprichting aangaat, verwijzen wij naar vorige jaar- |
|
11578 |
gangen en in het bijzonder naar blz. 656 van den jaargang voor 1906. |
|
11579 |
*) De vordering der Guyana Goud Placer mpij. ad f 153.980.74} werd door deze |
|
11580 |
ingetrokken. |
|
11581 |
Gang van zaken in 1907-1908. Door het syndicaat der aandeelen 2e serie was |
|
11582 |
op 14 December 1907 een vergadering van houders van aandeelen ie en 2e serie |
|
11583 |
belegd. Volgens een communiqué, werd in deze vergadering (waar 1237 aandeelen, 52 |
|
11584 |
stemmen, vertegenwoordigd waren), „tot tevredenheid der belangstellenden, om- |
|
11585 |
standig en in den breede toegelichte rekening en verantwoording gedaan." Ter |
|
11586 |
vergadering werd de vraag gesteld, in hoeverre iets gedaan zou kunnen worden |
|
11587 |
voor de aandeelhouders le serie der „Mindrineti", waarop mededeeling werd gedaan, |
|
11588 |
dat door eventueelen inbreng, op zeer aannemelijke voorwaarden, van een als rijk |
|
11589 |
bekend staand placer in deze voor aandeelhouders zeer zeker iets zou zijn te be- |
|
11590 |
reiken. Waar echter de vergadering niet was opgeroepen overeenkomstig het be- |
|
11591 |
paalde bij de statuten der ,,Mindrineti", werd besloten om een buitengewone |
|
11592 |
algemeene vergadering van aandeelhouders bijeen te roepen, teneinde te trachten |
|
11593 |
aan het tot hiertoe gesprokene vasten vorm te verleenen. In afwachting van een |
|
11594 |
en ander werd ter vergadering een voorloopig comité benoemd, om nadere gege- |
|
11595 |
vens te verkrijgen, teneinde op vaste en serieuse basis aan de volgende buitenge- |
|
11596 |
wone algemeene vergadering vaste voorstellen te kunnen doen." Op 25 September |
|
11597 |
1908 vond te 's Gravenhage wederom een buitengewone vergadering van aandeel- |
|
11598 |
houders plaats, waar vertegenwoordigd waren 497 aandeelen 1e serie en 370 aandeelen |
|
11599 |
2e serie, totaal 870 aandeelen. De voorzitter, de heer J. C. A. Bos Sulpcke, die |
|
11600 |
mededeelde dat 1200 à 1300 aandeelen zich bij hem hadden aangesloten (waarom |
|
11601 |
hij gemeend had niet te mogen weigeren deze vergadering bijeen te roepen) zeide, |
|
11602 |
dat het twijfelachtig was of hij nog directeur was, uithoofde van het (later opge- |
|
11603 |
heven) faillissement der mpij. Op zijn verzoek werd daarop het voorzitterschap der |
|
11604 |
vergadering aan den heer P. B. Kool overgelaten; de heer Bos Sulpcke hield de |
|
11605 |
leiding. Naar aanleiding van het eerste punt der agenda: verkiezing van een |
|
11606 |
nieuw bestuur, werd, mede in verband met een vraag om eerst een uiteenzetting |
|
11607 |
van de positie der mpij. te geven, geantwoord dat er eerst een bestuur moest |
|
11608 |
komen. Wilde men werkelijk iets doen, dan kon dit - waar er feitelijk geen be- |
|
11609 |
stuur was - niet zonder een wettig gekozen bestuur. Gekozen werden daarop de |
|
11610 |
h.h. T. A. van Helten tot directeur, en de h.h. J. Molendijk, T. Bakker, P. B. Kool |
|
11611 |
en H. Luyten te 's Gravenhage en G. W. Zandvoort te Leiden tot commissarissen. |
|
11612 |
Allen (met uitzondering van den heer Luyten, die niet aanwezig was) namen de |
|
11613 |
benoeming aan. (Voor de later ingekomen bedankjes, zie hieronder). Het oude |
|
11614 |
bestuur werd décharge verleend voor het gevoerde beheer en het nieuwe kreeg |
|
11615 |
machtiging de boeken en bescheiden der mpij. bij den voormaligen curator Mr. |
|
11616 |
Struyken aan te vragen. De voorzitter stelde alsdan voor het nieuwe bestuur |
|
11617 |
machtiging te geven voor het aangaan eener dading met een aandeelhouder, den |
|
11618 |
heer M. C. Verloop. Deze was nl. bereid een groot bedrag aan aandeelen Min- |
|
11619 |
drineti aan de Mpij. te schenken en daarmede kon dan gevolg worden gegeven |
|
11620 |
aan het plan een waardevol placer in de mpij. in te brengen. De heer Verloop |
|
11621 |
had deze toezegging gedaan onder voorwaarde dat geen nieuwe processen tegen |
|
11622 |
hem zouden worden begonnen. Naar aanleiding van dit voorstel ontspon zich een |
|
11623 |
uitvoerige discussie, voornamelijk tusschen Mr. Kappeyne van de Copello, die op |
|
11624 |
een desbetreffende vraag verklaarde voor den heer Verloop op te treden, en die de |
|
11625 |
dading aanbeval, en den heer Vreeburg, die ze critiseerde. De heer Kappeyne |