|
266 |
468 INDUSTRIEELE ONDERNEMINGEN (Binnenland). |
|
267 |
Het exploiteeren van lijsten- en spiegelfabrieken, het verzilveren van glas, |
|
268 |
het fabriceeren van, en handel drijven in lithographiën, platen, gravures, de |
|
269 |
voortzetting der zaken tot dusverre gedreven door de firma Joh. van Vor- |
|
270 |
stenberg & Zoon. Directeur: J. van Vorstenberg. Commissa- |
|
271 |
rissen: Jhr. L. J. van Teijlingen, H. W. A. van Marle, W. Hovy, L. J. Han- |
|
272 |
sen en B. Janse Johzn. Aandeelenkapitaal: oorspr. f 1.000.000, waar- |
|
273 |
van geplaatst f 500.000. Dividenden 1892/95 resp. 21, 3, 4 en 4 pct. In 1899 |
|
274 |
werd het kapitaal met 70 pct. tot f 300.000 gereduceerd, waarvan dus ge -. |
|
275 |
plaatst f 150.000.(Zie omtrent deze reductie het laatst den jaargang 1909 |
|
276 |
blz. 465). Sedert dien tijd werd op de obligatie-leening f 190.000 afgelost. |
|
277 |
Het boekjaar 1904 liet weder eene uitkeering van 3 pct. toe. Dit bedrag |
|
278 |
is voor aandeelhouders gereserveerd, zoodat dividend-bewijs no. 5 zich nog |
|
279 |
aan de aandeelen bevindt. Door de directie werd een bedrag van f 130.000 |
|
280 |
ter leen verstrekt voor de uitbreiding der nieuwe lijstenfabriek. Er zijn |
|
281 |
50 oprichtersbewijzen uitgegeven. Aandeelen thans groot |
|
282 |
f 150. Winstverdeeling: Eerst wordt f 20.000 aan aandeelhouders |
|
283 |
uitgekeerd. De meerdere winst is verdeeld als volgt: 25 pct. gewone aan- |
|
284 |
deelhouders ; (25 pct. preferente aandeelen indien deze geplaatst zijn). In |
|
285 |
1904 werd door het bestuur der Mpij. voorgesteld f 200.000 prefe- |
|
286 |
rente aandeelen te plaatsen. Deze zouden voor een groot deel door de |
|
287 |
directie en commissarissen genomen zijn geworden wanneer alle 2 ton te |
|
288 |
plaatsen waren geweest. Op dat tijdstip was dit niet het geval en zijn |
|
289 |
deze 2 ton nog bij de mpij. in portefeuille), 17} pct. obligatiehouders, 12} |
|
290 |
pct. directie, 10 pct. commissarissen en 10 pct. oprichtersaandeelen. 4 pct. |
|
291 |
obligatiën, groot f 1000, met coupons per 1 Febr. en 1 Aug. |
|
292 |
Leening van 1895, oorspronkelijk groot f 525.000, bedrag op 1 Januari 1910 |
|
293 |
f 315.000. De inschrijving op deze leening was op 16 Juli 1895 à 99 pct. |
|
294 |
opengesteld bij de Maatschappij „Geldbelegging" te 's Gravenhage en bij |
|
295 |
de H.H. Labouchere Oyens & Co. te Amsterdam. Aflossing à pari: |
|
296 |
door uitloting in Juli, ter betaling 1 Aug. d.a.v .; jaarlijks wordt minstens |
|
297 |
f 15.000 afgelost, doch de maatschappij kan de amortisatie versterken. |
|
298 |
Gewaarborgd door eerste hypothecair verband op alle onroe- |
|
299 |
rende goederen. Behalve de vaste rente hebben deze obligatiën |
|
300 |
recht op 17} pct. der overwinst, nadat aan aandeelhouders 4 pct |
|
301 |
is uitgekeerd. Commissarissen der leening : G. G. D. A. van der Werff, |
|
302 |
A. van Walcheren en Corn. Borst. Voor pogingen der mpij. in 1903 aan- |
|
303 |
gewend om vermindering der verplichte jaarlijksche aflossing (van mini- |
|
304 |
mum f 15.000) te verkrijgen, zie het laatst den jaargang 1908. |
|
305 |
Kapi- Obli- Arbeids- uto Exploi Winst Divi- Aandeel. Obligat. |
|
306 |
taal gatiën loonen winst1 onkost. saldo dend Afschr. HK.LK .* ) HK.LK .* ) |
|
307 |
1903 150.000 405.000 90.128 81.710 68.278 13.431 0 % 13.431 |
|
308 |
1904 150.000 391.000 105.438 84.119 64.673 14.446 3 %2 11.946 |
|
309 |
19053 150.000 375.000 102.183 86.910 71.355 15.555 0 % 15.555 |
|
310 |
1906 150.000 360.000 122.578 113.191 87.046 26.095 0 % 26.095 |
|
311 |
1907 150.000 345.000 134 255 97.111 80.809 16.202 0 % 16.202 E.K. 75 76 75 |
|
312 |
1908 150.000 330.000 133.604 104.295 85.843 18.452 0 % 18.452 E.K. 70 E.K 80 |
|
313 |
1) Na aftrek der fabrieksonkosten. 2) Gereserveerd, niet uitgekeerd. * ) Laatste |
|
314 |
noteering voor aandeelen vóór 1903 90 pct. in 1900, voor obligatiën 60-70 pct. |
|
315 |
Voor Hoogsten en Laagsten Koers 1909, zie index. |
|
316 |
Bedrijf 1908. Aan het communiqué der directie waarvan de cijfers in boven- |
|
317 |
staande tabel zijn opgenomen, ontleenen wij nog: Indien de algemeene slechte |
|
318 |
toestand in zaken niet van invloed was geweest dan zouden de resultaten beter |
|
319 |
zijn. De uitvoer naar Engeland is daardoor belangrijk minder geweest |