|
36142 |
1062 SPOORWEGFONDSEN. |
|
36143 |
Op 1 Januari 1915 was van de leening van 1901 nog uitstaande f 1.899.000, |
|
36144 |
van die van 1903 f 1.909.000, van de leening 1908 f 2.945.000 en van de |
|
36145 |
leening 1912 f 2.980.000. |
|
36146 |
1901 1905 1906 1907 1908 1909 1910 1911 1912 1913 1914 |
|
36147 |
Laagste koers 101ª 1014 99% 98 99% 101} 100 100 98 90% 91} |
|
36148 |
Hoogste koers 1023 103g 104 102 102} 102g 102% 101₴ 101 972 95 |
|
36149 |
Nederlandsche Centraal Spoorweg. 3} pct. leening |
|
36150 |
van 1899, geautoriseerd bedrag, geheel uitgegeven f 940.000. Door de |
|
36151 |
H.H. Vlaer & Kol te Utrecht, was 30 September 1902 de gelegenheid open- |
|
36152 |
gesteld de bewijzen van uitgestelde schuld tegen deze obligatiën te ver- |
|
36153 |
wisselen in de verhouding van 3 bewijzen voor f 100. Voor uitgestelde be- |
|
36154 |
wijzen zie hieronder. Obligatiën groot f 1000 (ook f 100, niet in |
|
36155 |
de noteering). Coupons per 1 Januari en 1 Juli. Aflossing in |
|
36156 |
76 jaren, door uitlotingen in November, betaalbaar 2 Januari d.a.v. Op |
|
36157 |
1 Januari 1915 was van deze leening nog onafgelost f 893.000, waartegen- |
|
36158 |
over echter op 1 Januari 1915 nog f 650.400 in portefeuille. Voor de voor- |
|
36159 |
waarden waartegen bewijzen van uitgestelde schuld verwisselbaar waren |
|
36160 |
tegen deze obligaties, zie men onder bewijzen van uitgestelde schuld. |
|
36161 |
1899 1900 1901 1902-1903 1904 1905 1906 1907-1910 1911 1912 1913 1914 |
|
36162 |
Laagste koers 93 93 - 99 97₴ 78% |
|
36163 |
Hoogste koers 95} 952 98 99% 98 - 94 90} 843 |
|
36164 |
Nederlandsche Centraal Spoorweg Mij. 3 pct. lee- |
|
36165 |
ning van 1894, groot f 12.000.000 (24 seriën), uitgegeven in 1894, ter con- |
|
36166 |
versie van de gestempelde obligatiën. Bij deze conversie werd voor elke obli- |
|
36167 |
gatie van f 235, inclusief de coupons van 1 Juli 1892 en 1 Januari 1893, afge |
|
36168 |
geven eene nieuwe obligatie van f 250 nominaal, voorzien van coupons, |
|
36169 |
verschijnende 1 Januari en 1 Juli, waarvan de eerste, op 31 December 1894 |
|
36170 |
verschijnende, met f 3 .- betaalbaar was, de volgenden met f 3.75, per |
|
36171 |
obligatie van f 250. De gelegenheid tot conversie blijft voortdurend open- |
|
36172 |
gesteld, doch in de maand November gesloten. Op 1 Januari 1915 was |
|
36173 |
nog f 10.393.750 dezer obligatiën in omloop, waarvan f 493.250 in porte- |
|
36174 |
feuille. Op 16 November 1914 werden uitgeloot 152 obligatiën à 250 en |
|
36175 |
71 à f 1000, tezamen f 109.000. Obligatiën groot f 250 en f 1000, |
|
36176 |
waarvan elke soort afzonderlijk wordt genoteerd. De aflossing ge- |
|
36177 |
schiedt, behoudens vervroegde en versterkte aflossing. binnen |
|
36178 |
66 jaren na de uitgifte, met 0.4791 pct. per jaar. De uit- |
|
36179 |
lotingen hebben plaats in November, aangevangen in 1895, ter uit- |
|
36180 |
betaling à pari op 31 December d.a.v. De bewijzen van uitgestelde rente, |
|
36181 |
voortgesproten uit de conversie van 1866, zijn aflosbaar à pari uit de helft |
|
36182 |
der winst, na aftrek van het benodigde voor rentebetaling en uitloting der |
|
36183 |
obligatiën. Bij bovenbedoelde conversie (van 1866) werd bepaald dat de |
|
36184 |
rente op 3 pct. per jaar vastgesteld bleef, terwijl de rente ten deele in geld |
|
36185 |
en ten deele in scrip werd voldaan. Voor de voorwaarden waartegen bewijzen |
|
36186 |
van uitgestelde schuld verwisselbaar waren tegen deze obligatiën, zie men |
|
36187 |
onder bewijzen van uitgestelde schuld. Op 4 Juni 1879 werd de gelegenheid |
|
36188 |
opengesteld deze scrip te verwisselen in: Nederlandsche Centraal |