Page 1126 in yearbook 1915

Page 1126 in yearbook 1915

Page Block

Scanned page

Yearbook Vol. Seq P.no Type Size File
1915 vanoss_1915-16_domestic 1126 1064 content 1630 × 2385 1915/20759

Blocks on this page 0

No blocks have been marked on this page.

Page content 63

The raw OCR output of this page, line by line.
36243 1064 SPOORWEGFONDSEN.
36244 f 17.000.000 mogen overtreffen. Art. 74. De Staat waarborgt aan de vennootschap
36245 over het tijdvak tusschen 1 Januari 1869 en 31 December 1906, een rente van 42 pct.
36246 over het in art. 73 genoemde kapitaal. Het maximum dier garantie wordt bepaald
36247 op f 765.000 's jaars. Art. 76. De door den Staat voor te schieten gelden stellen een
36248 schuld daar, ten laste van de vennootschap en ten behoeve van den Staat welke
36249 sehuld echter geen rente draagt. De terugbetaling daarvan geschiedt op den voet
36250 bij art. 90 bepaald. Art. 90. Zoodra de winst- en verliesrekening een zuivere
36251 winst aantoont van meer dan 5 pct., zal dat meerdere tot een bedrag van
36252 1 pct. worden ingehouden tot terugbetaling aan den Staat van hetgeen deze voor
36253 rente gedurende den tijd van aanbouw heeft betaald, en van de eventueele voor-
36254 schotten, door hem verstrekt, ten gevolge van den waarborg der rente. Zoolang
36255 de Staat crediteur der vennootschap is, zal geene hoogere winst dan 7 pct. aan
36256 de aandeelhouders mogen worden uitgekeerd, maar het meerdere voor twee derde
36257 deelen mede moeten strekken tot delging der schuld, aan den Staat, terwijl van het
36258 overige de helft wordt uitgekeerd aan het bestuur der vennootschap, en de andere
36259 helft op de reserverekening wordt gebracht. Zoodra de schuld aan den Staat ge-
36260 heel is afgedragen, treedt deze o voor een deel der winsten, die jaarlijks boven
36261 de 5 pct. worden verkregen, zullende dit meerdere alsdan worden verdeeld: 50 pct.
36262 aan de aandeelhouders, 25 pct. aan den Staat, 15 pct. aan het reservefonds, 10 pct.
36263 aan het bestuur der vennootschap. Zoodra het reservefonds tot het maximum
36264 van f 500.000 is gebracht, houdt de bijdrage onder dit hoofd op, en wordt gebracht
36265 op de amortisatie-rekening.
36266 Gewijzigde concessievoorwaarden voor de Stoomtramwegen der
36267 N. I. S. in Midden Java.
36268 De voornaamste bepalingen dezer in October 1913 gewijzigde concessievoorwaarden
36269 volgen hieronder.
36270 Concessie is verleend voor de volgende groepen :
36271 K.M
36272 Groep 1 Djokja-Brossot met zijlijnen 59
36273 2 Djokja-Willem I 111
36274 3 Goendih-Soerabaja 383
36275 4 Bojolali-Solo-Kakak 99
36276 5 Semarang-Gambringan 62
36277 714
36278 Duur der concessie: tot 31 December 1971.
36279 Naastingsrecht. Na 31 December 1935 kunnen de tramwegen te allen tijde
36280 door het Gouvernement worden genaast, mits voorafgaande kennisgeving van één
36281 jaar, welke kennisgeving echter geen bindende kracht heeft. Bij naasting van den
36282 spoorweg Semarang-Vorstenlanden vóór of op het tijdstip waarop de concessie voor
36283 dien spoorweg afloopt, is het Gouvernement verplicht den tramweg Djokja-Brossot
36284 tevens over te nemen. Voor groep 5 is naasting te allen tijde mogelijk 10 jaren
36285 na het eerste jaar, waarop de hoofdlijn dier groep in dienst werd gesteld.
36286 Bedrag te betalen bij naasting of bij overneming na het
36287 einde der concessie.
36288 I. Als naastingssom geldt voor elke groep afzonderlijk een bedrag A, berekend
36289 naar onderstaande formule:
36290 C-D
36291 A = B + (25 E-B) X ---
36292 C .
36293 Verklaring:
36294 B = de boekwaarde der goederen op het oogenblik van naasting, t.w. het totaal
36295 der bouw- en uitbreidingsrekening plus de kostprijs van het bij naasting aanwezige
36296 rollend materieel. Deze kostprijs is te verminderen met 1} pct. voor elk kalender-
36297 jaar, verloopen sedert het eerste jaar van indienststelling; maximum korting 25 pct.
36298 C = het aantal maanden tusschen 1 Jan. 1913 en 31 Dec. 1971.
36299 D = het aantal maanden op het oogenblik van naasting verstreken sedert
36300 1 Januari 1913.
36301 E = de gemiddelde netto-opbrengst per jaar gedurende de voordeeligste 5 van de
36302 laatste 7 boekjaren, voorafgaande aan den dag van naasting. Als netto-opbrengst
36303 wordt verstaan het verschil tusschen: eenerzijds alle baten, inclusief wagenhuren,
36304 vergoedingen voor gemeenschappelijk gebruik, pachtsommen, renten van kesgeld,
36305 enz., doch niet de opbrengst van vervreemde goederen; anderzijds: alle lasten der