|
24252 |
838 SCHEEPVAART-MAATSCHAPPIJEN. |
|
24253 |
van haar doel bevorderen. Sedert 1910 wordt ook een lijn tusschen Nederl. |
|
24254 |
Indië en Australië en Siam geëxploiteerd. Regeeringsovereen- |
|
24255 |
komst: Aan de maatschappij is de paketvaart in den Ar- |
|
24256 |
chipel opgedragen bij overeenkomst, welke in 1888 gesloten, in 1899 en in |
|
24257 |
1915 werd vernieuwd, nu voor 10 jaar. De verplichtingen tegenover de |
|
24258 |
Regeering werden bij de laatste wijziging belangrijk uitgebreid en in over- |
|
24259 |
eenstemming gebracht met de tengevolge van de ontwikkeling van Ned. |
|
24260 |
Indië zooveel grootere verkeersbehoefte. In plaats van 13 lijnen, als in |
|
24261 |
het oude contract, werden thans 30 lijnen in de overeenkomst opgenomen. |
|
24262 |
De uit de overeenkomst voortvloeiende ontvangsten zullen ongeveer de- |
|
24263 |
zelfde blijven. Hier volgen nog enkele bepalingen: |
|
24264 |
„De Koninklijke Paketvaart Maatschappij verbindt zich om in Nederlandsch- |
|
24265 |
Indie een aantal, in de overeenkomst, wat de hoofdpunten en het aantal vaart- |
|
24266 |
beurten betreft, te omschrijven lijnen regelmatig te bevaren. |
|
24267 |
De Koninklijke Paketvaart Maatschappij zal jaarlijks op de hiervoren bedoelde |
|
24268 |
lijnen ten minste 1.500.000 zeemijlen (van zestig in een graad) doen bevaren. |
|
24269 |
De Gouverneur Generaal bepaalt welke lijnen als regelmatig bevaren moeten |
|
24270 |
worden geacht. |
|
24271 |
De bepalingen der overeenkomst zullen in het algemeen mede op de vrije regel- |
|
24272 |
matig bevaren lijnen van toepassing zijn. |
|
24273 |
Door het Land zal aan de Koninklijke Paketvaart Maatschappij voor iedere |
|
24274 |
zeemijl, in de verplichte en in de vrije regelmatige lijnen afgelegd, wegens het |
|
24275 |
vervoer met hare schepen van de paketten van de brievenpost worden betaald eene |
|
24276 |
vergoeding van f 0.25 tot een bedrag van ten hoogste f 500.000 .- 's jaars. |
|
24277 |
Het Land heeft het recht om te allen tijde een of meer stoomschepen van de |
|
24278 |
Koninklijke Paketvaart Maatschappij welke voor verplichte of vrije regelmatige |
|
24279 |
lijnen worden gebezigd in huur te nemen. |
|
24280 |
Voorts heeft het Land het recht te allen tijde een of meer stoomschepen van de |
|
24281 |
Maatschappij in gebruik of in eigendom over te nemen tegen zoo noodig door |
|
24282 |
deskundigen te bepalen waarde. |
|
24283 |
De Maatschappij verbindt zich bij inhuur van schepen door het Land in tijd |
|
24284 |
van oorlog of dreigend oorlogsgevaar de gages der bemanning van de ingehuurde |
|
24285 |
schepen te verhoogen met hoogstens 100 pct .; deze verhoogingen zullen niet door |
|
24286 |
het Land worden vergoed." |
|
24287 |
Kapitaal, thans f 25.000.000, waarvan f 19.000.000 uitgegeven; |
|
24288 |
het werd in 1907 gebracht van f 12.000.000 op f 15.000.000 en |
|
24289 |
in 1912 op f 25.000.000, verdeeld in 19 seriën, de le groot f 4.000.000, |
|
24290 |
waarvan op f 3.250.000 (f 750.000 was reeds geplaatst) de inschrij- |
|
24291 |
ving werd opengesteld den 19 September 1888, tot den koers van 100 pct .; |
|
24292 |
de 2e groot f 2.000.000, de overige 19 seriën elk groot f 1.000.000; er zijn 15 |
|
24293 |
seriën geplaatst, te zamen f 19.000.000, waarvan de 7e tot en |
|
24294 |
met de 15e zijn overgegaan aan de Ned. Scheepvaart Unier (zie aldaar). Er |
|
24295 |
zijn 1600 winstbewijzen uitgegeven. Aandeelen groot f 1000 |
|
24296 |
aan toonder. Zij waren eerst voorzien van coupons, verschijnende 1 Jan. |
|
24297 |
1889-1891, betaalb. met 4 pct. per jaar; sedert genieten zij gewone dividen- |
|
24298 |
den. Winstverdeeling: eerst 6 pct. aan de aandeelhouders en van |
|
24299 |
de overwinst 10 pct. aan het reservefonds, totdat dit 10 pct. van het geplaatst |
|
24300 |
kapitaal bereikt heeft (sedert 1911 het. geval); van het restant 15 pct. |
|
24301 |
aan den raad van bestuur en den directeur in Nederland te zamen, 5 pct. aan |
|
24302 |
den president-directeur in Nederlandsch-Indië, 5 pct. ten behoeve van het |
|
24303 |
personeel, 20 pct. aan de houders der winstaandeelen en 55 pct. aan de aan- |
|
24304 |
deelhouders. Dividenden 1891-1915: 0, 2, 7, 9, 73, 10, 9, 91, 83, 10, 10, |
|
24305 |
8, 7, 7, 9, 91, 81, 81, 6, 10, 9, 9, 9, 5 en 10 pct. (betaalbaar op no. 27, 14 Juli |
|
24306 |
1916). Bew. nos. 8, 10 en 12 waren claims bij emissie van aandeelen. Uit- |
|
24307 |
keering op 1600 winstbewijzen 1893-1915, in guldens: 13.60, |