|
17691 |
754 MIJNBOUW-MAATSCHAPPIJEN. |
|
17692 |
goudmijn in den Staat Californië. Het geheel beslaat een oppervlakte van . |
|
17693 |
280 acres (19 claims) en bevat een tot voor korten tijd nog in exploitatie |
|
17694 |
geweest zijnde goudmijn, als de „Highland”-groep bekend. Inbreng: |
|
17695 |
de inbreng geschiedde voor f 2.125.000 aandeelen en f 625.000 in contanten. |
|
17696 |
Van de inbreng-aandeelen is f 1.625.000 geblokkeerd, totdat 50 pct. |
|
17697 |
dividend zal zijn uitgekeerd, terwijl in geval van liquidatie de eventueel dan |
|
17698 |
nog geblokkeerde aandeelen niet mededeelen in de baten. Directie: |
|
17699 |
R. C. van der Meulen te Hilversum. Commissarissen: F. H. van |
|
17700 |
Gheel Gildemeester, R. Th. van Goens, D. G. van Nieuwenhove Helbach |
|
17701 |
te 's Gravenhage. Kapitaal: f 3.750.000 aandeelen, waarvan f 3.000.000 |
|
17702 |
geplaatst. Op f 650.000 dezer aandeelen, elk groot f 250, was op |
|
17703 |
27 Oct. 1910, ten kantore der H.H. Willemse & Dyserinck te Amsterdam en |
|
17704 |
bij de Giro-Bank te 's Hage, de inschrijving opengesteld tot den koers |
|
17705 |
van 100 pct. De mpij. keerde nog geen dividend uit en het verliessaldo |
|
17706 |
bedroeg volgens de balans per 31 December 1913 (zie jaargang 1915/16, deel |
|
17707 |
I, pag. 680) f 64.348.89. Voor de geschiedenis der laatste jaren, de re or- |
|
17708 |
ganisatie, de voorgestelde omzetting in een nieuwe vennootschap, de |
|
17709 |
Geconsolideerde Highland Maatschappij zie men de |
|
17710 |
kleine letter. |
|
17711 |
Koersen 1910: 1054-100; 1911: 1062-44; 1912: 583-14}; 1913: 26-5; 1914: 123-43; |
|
17712 |
1915: 9-1; 1916: 24-2%. |
|
17713 |
Bijzonderheden. Naar aanleiding van op de algemeene vergadering in 1912 ge- |
|
17714 |
rezen twijfel, betreffende het vinden van betaalbaar erts, heeft de directie inzage |
|
17715 |
verleend van brieven van den heer Hoogerhuyze (broeder van den president-com- |
|
17716 |
missaris), waaruit bleek dat van 19-27 Aug. $ 2500 specimen-erts en $ 1900 milling-erts. |
|
17717 |
was gevonden. De afgetreden commissaris, de heer R. O. v. d. Meulen, deelde in |
|
17718 |
September mede, dat wanbeheer en onkunde en waarschijnlijk nog ergere mis- |
|
17719 |
standen op de mijn heerschen, doch dat zij zeer rijk erts bevat. |
|
17720 |
Op eene in Sept. 1914 gehouden vergadering van aandeelhouders ontspon zich een |
|
17721 |
breede discussie over de ontslagaanvrage van den directeur. Deze zeide gemeend te- |
|
17722 |
hebben door zuinig beheer de Mpij. eindelijk in goede bedding te zullen brengen, doch |
|
17723 |
daarin door den heer Van der Meulen te zijn tegengewerkt. Laatstgenoemde merkte |
|
17724 |
op, dat f 8 à f 9.000 reiskosten en andere dergelijke posten niet getuigen van zuinig |
|
17725 |
beheer. Voorts deed hij uitkomen, dat het verkeerd is, gelden eener Mpij. te depo- |
|
17726 |
neeren bij een bank (Giro-Bank), wier directeur tegelijk president-commissaris der |
|
17727 |
deponeerende Mpij. is. Ten slotte werd den directeur ontslag en décharge verleend. |
|
17728 |
De groote meerderheid van aandeelen berustte in handen van het bestuur. In ver- |
|
17729 |
band met het feit, dat in enkele actiefposten ook exploitatiekosten zijn begrepen en |
|
17730 |
de balans door den accountant niet is geteekend (enkele copieën uit Amerika waren |
|
17731 |
niet aanwezig) werd den heer IJ. B. Vorst, een der aanwezige aandeelhouders opge- |
|
17732 |
dragen balans en winst- en verliesrekening over 1913 te onderzoeken en hierover in |
|
17733 |
een eerstvolgende vergadering rapport uit te brengen. Met den heer Van Leeuwen |
|
17734 |
werd hem toegestaan de geheele zaak sedert de oprichting te onderzoeken. Door de |
|
17735 |
meerderheid van stemmen aan den bestuurstafel werd de heer F. van Erkel, pro- |
|
17736 |
curatiehouder der Giro-Bank, tot onbezoldigd directeur benoemd. |
|
17737 |
Later bleek, dat bij de stemming was gebruik gemaakt van, 800 aandeelen, behoorende |
|
17738 |
aan erfgenamen van een overleden familielid des heeren Hoogerhuyzen en die met |
|
17739 |
andere waarden aan den notaris d'Aumérie, Den Haag, in bewaring waren gegeven. |
|
17740 |
Van deze en nog eenige andere feiten werd de heer Officier van Justitie bij de |
|
17741 |
Arrondissements-Rechtbank te 's Gravenhage in kennis gesteld door een Commissaris |
|
17742 |
der Highland, een oud-commissaris, de eigenaar van bovengenoemde 800 aandeelen |
|
17743 |
en eenige andere bona-fide aandeelhouders. Medio Juli 1915 werd een gerechtelijk |
|
17744 |
onderzoek ingesteld, waarna op 20 Aug. d.a.v. de mpij. in staat van faillissement |
|
17745 |
kwam, welke echter op 9 September 1915 door de Arr. Rechtbank te Den Haag werd |
|
17746 |
opgeheven. Curator was Mr. Takken, Den Haag. Op een vergadering van een |
|
17747 |
groep aandeelhouders, dato 30 Augustus, welke volgens den rechtskundigen adviseur |
|
17748 |
Mr. de Haart, een wettelijk karakter droeg, werden de president-commissaris Mr. |
|
17749 |
Hoogenhuyze en de directeur, F. van Erkel, ontslagen (zonder décharge) en tot |
|
17750 |
nieuwe commissarissen benoemd de heeren Van Meurs, Mr. de Haart en Dr. van |