|
14478 |
CULTUUR-ONDERNEMINGEN. 725 |
|
14479 |
gen), elk groot f 250, rentende 5 pct. per jaar en aflosbaar bij uitloting. |
|
14480 |
Aanv. geschiedden uitkeering en aflossing geregeld, doch in 1884 moesten zij, |
|
14481 |
tengevolge van de hevige daling der suikerprijzen, worden gestaakt en ble- |
|
14482 |
ven 4 coupons onbetaald. In eene den 13 April 1889 gehouden vergadering |
|
14483 |
werd bepaald, dat ook voortaan de vaste rentebetaling van 5 pct. zou wor- |
|
14484 |
den gestaakt en dat daarvoor in de plaats zou komen uitkeering als dividend |
|
14485 |
van wat telken jare verdiend mocht zijn. De uitkeering van 5 pct. divi- |
|
14486 |
dend werd echter cumulatief. Aan houders der Liquidatie-aandeelen werd |
|
14487 |
beginnende met het boekjaar 1884/85, een jaarlijksche rentevergoeding van |
|
14488 |
5 pct. in uitzicht gesteld, zoodat hun, eindigende met boekjaar 1911/12 bij |
|
14489 |
voldoende winst te zamen 140 pct. dividend zou zijn uitgekeerd. De in dit |
|
14490 |
tijdsverloop gedane uitkeeringen bedroegen te zamen 133 pct., zoodat uit de |
|
14491 |
overwinsten boven 5 pct. 's jaars nog 7 pct. moest worden gedelgd. In |
|
14492 |
1912/13 werd 7 pct. achterstallig en 5 pct. verplicht dividend uitgekeerd, |
|
14493 |
totaal 12 pct., zoodat in dat boekjaar de achterstallige rente ge- |
|
14494 |
heel werd aangezuiverd. Na de uitloting in 1918 stonden nog f 2.137.750 |
|
14495 |
aandeelen in totaal uit. Commissie van beheer en liqui- |
|
14496 |
datie: J. Ph. Levert en L. Kuiper. Commissie van rekening en |
|
14497 |
verantwoording : M. Paul Voûte, H. E. Levert en R. van Lennep. Zetel: |
|
14498 |
Seorabaja. Het boekjaar loopt van 1 April-31 Maart. |
|
14499 |
Conversie (aflossing) der liquidatieaandeelen. De per 31 Juli 1919 opge- |
|
14500 |
richte Maatschappij tot Exploitatie der Cultuuronderne- |
|
14501 |
mingen van E. Moorman & Co., berichtte in haar prospectus betreffende |
|
14502 |
hare eerste kapitaals-emissie (zie aan het einde van dit deel), dat houders van |
|
14503 |
bovengenoemde liquidatieaandeelen voorkeursrecht hadden bij de inschrijving op |
|
14504 |
de cum. pref. winstdeelende aandeelen dezer nieuwe maatschappij. Voor elke 4 |
|
14505 |
liq .- aandeelen ad f 250 kon ingeschreven worden op f 1000 cum. pref. aandeelen. |
|
14506 |
De betaling vond plaats door afgifte der oude aandeelen. Daartoe moesten bij in- |
|
14507 |
schrijving coupons 23 en volgende worden ingeleverd. Bij de verwisseling der |
|
14508 |
oude met de nieuwe stukken werden de 6 pct. aflossingspremie en de 5 pct. rente |
|
14509 |
in contanten voldaan. |
|
14510 |
Niet ter conversie aangeboden liq. aandeelen werden 1 Oc- |
|
14511 |
tober 1919 aflosbaar gesteld ad f 283.75 (f 265 hoofdsom en f 18.75 rente, 1 April 1918- |
|
14512 |
1 October 1919). Met 1 October eindigt de rentevergoeding op de aandeelen, zoodat |
|
14513 |
vanaf dien datum de liquidatie als geeindigd kan worden beschouwd. |
|
14514 |
Bedrijfs- Boedel |
|
14515 |
31 Reserve kapi- Moor- Winst Winst Winst Bruto Netto Divi- |
|
14516 |
Mrt. Aand. W Aand.G. e.bkj.1) taal2) mann ikerf.3) ente comm winst winst4) dend |
|
14517 |
1893 1.019.250 2.478.500 569.236 2.497.811 179.868 25.045 32.019 366.436 271.113 73% |
|
14518 |
1900 1.019.250 2.478.500 684.995 2.434.916 282.871 5.871 28.239 317.231 188.502 4 % |
|
14519 |
1905 1.019.250 2.478.500 118.183 766.122 2.374.211 264.446 27.240 34.198 327.459 282.417 4 % |
|
14520 |
1910 1.019.250 2.478.500 90.196 981.942 2.599.882 395.190 68.007 44.522 604.230 632.639 123% |
|
14521 |
1911 1.019.250 2.478.500 109.376 1.072.993 2.589.878 403.863 75.638 49.726 723.544 534.021 123% |
|
14522 |
1912 1.019.250 2.478.500 1.168.740 2.481.375 586.666 80.127 52.734 719.527 658.588 151% |
|
14523 |
1913 1.019.250 2.478.500 1.116.497 2.478.227 569.896 72.068 51.364 693.327 616.335 12 % |
|
14524 |
1914 1.019.250 2.478.500 1.089.488 2.476.328 328.692 70.809 42.598 442.099 341.713 5 % |
|
14525 |
1915 994.750 2.443.000 939.437 2.411.654 266.694 67.897 42.412 377.003 250.585 5 % |
|
14526 |
1916 994.750 2.443.000 1.091.109 2.410.933 427.165 56.30.1 43.788 590.854 466.287 5 % |
|
14527 |
1917 912.750 2.339.750 1.292.607 2.214.472 1.134.978 42.159 68.453 3 1.245.589 1 1.192.410 5 % |
|
14528 |
1918 584.750 1.853.000 301.0205 1.347.616 958.576 73.587 73.184 1.264.345 1.111 605 5 % |
|
14529 |
1919 461.750 1.676.000 484.8515 1.029.616 332.736 124.905 46.550 1.543.138 1.477.682 5 % |
|
14530 |
1) In 1906/07 werd de reserve (tegen crediteuren) per ult Mei 1906 afgeschreven |
|
14531 |
op „ontginning“, terwijl van 1909/10 af het bedrag der reserve van vorig jaar in |
|
14532 |
het credit der winst- en verliesrekening wordt gebracht en opnieuw een bedrag |
|
14533 |
gelijk aan diverse crediteuren wordt gereserveerd. 2) Na uitkeering van dividend. |
|
14534 |
3) Djombang en Pandaän (voor 1913/14 en 1914/15 alleen Djombang en voor 1915/16 en |
|
14535 |
1916/17 incl. Kali Baroe. 4) Vóór afschrijvingen, zie ook noot 1. * ) Benevens 23 pct. |
|
14536 |
over f 60.000 uitgelote aandeelen. 5) Excl. uitschotten voor volgend(e) oogstjaar(en) |
|
14537 |
voor 1917/18 ad f 1.870.032 en voor 1918/19 f 1.734.567 |