|
29948 |
PETROLEUM-MAATSCHAPPIJEN. 1031 |
|
29949 |
20. de inkomstobligaties zijn vanaf 1 April 1920 à f 1195.10 |
|
29950 |
betaalbaar, mits voorzien van coupon no. 6 en volgende en talon en plus |
|
29951 |
rente van 1 April 1918 tot 31 Maart 1920 ten bedrag van f 119.51, dus in |
|
29952 |
totaal f 1314.61. |
|
29953 |
30. De oprichtersbewijzen zijn vanaf 1 April 1920 à f 154.11} |
|
29954 |
per stuk betaalbaar, mits voorzien van dividendbewijs no. 4 en volgende en |
|
29955 |
talon plus 5 pct. rente van 1 April 1918 tot 31 Maart 1920, dus in totaal |
|
29956 |
f 169.52. De plaats van inlevering der sub. 20 en 30. genoemde stukken |
|
29957 |
zal nader in twee Nederlandsche dagbladen bekend gemaakt worden. |
|
29958 |
De 5 pct. inkomst-obligatiën luiden in stukken groot f 1000, |
|
29959 |
welke 5 pct. rente ontvangen, of zooveel minder als uit de winst betaald |
|
29960 |
kan worden. Aflossing: zie onder winstverdeeling. In Dec. 1912 werden |
|
29961 |
(voor 't eerst) 105 inkomst-obligatiën à pari afgelost. Uitstaand bedrag op |
|
29962 |
30 Juni 1916 f 686.000. De inkomst-obligatiën à pari ontvangen bij liqui- |
|
29963 |
datie, boven de hoofdsom hetgeen sedert 1 Jan. 1910 minder dan 5 pct. is |
|
29964 |
uitgekeerd. Op 4 Februari 1910 werden door de H.H. Jolles & Co. |
|
29965 |
te Amsterdam nieuwe aandeelen tot den koers van 76 pct., de inkomst- |
|
29966 |
obligatiën tot' den koers van 80 pct., door verkoop ter beurze aan de |
|
29967 |
markt gebracht. Winstverdeeling: na afschrijvingen eerst |
|
29968 |
5 pct. aan de inkomst-obligatiën ; daarna 6 pct. aandeelhouders; van het |
|
29969 |
resteerende: 50 pct. voor aflossing à pari van inkomst-obligatiën (door |
|
29970 |
uitloting in December, betaalbaar Januari d.a.v.). Van het dan over- |
|
29971 |
blijvende, na uitkeering van een zeker bedrag aan commissarissen en |
|
29972 |
dotatie aan het reservefonds: 65 pct. aandeelhouders, 20 pct. oprichters- |
|
29973 |
bewijzen, 10 pct. directie en 5 pct. commissarissen. Het reservefonds wordt |
|
29974 |
opgevoerd tot de helft van het gestort kapitaal; het alsdan vrijkomende |
|
29975 |
komt aan aandeelhouders, oprichtersbewijzen en bestuur, in bovengenoemde |
|
29976 |
verhouding. Er zijn 6000 o p richters bewijzen uitgegeven. Divi- |
|
29977 |
dend 1899/1900-1911/12: 0, 0, 4, 8, 7, 3, 6, 6, 6, 0, 0, 0, 4, 9 (no. 9); sedert |
|
29978 |
nihil. Op de inkomst-obligatiën werd betaald: 1909/10: nihil; 1910/11- |
|
29979 |
1914/15: telkens 5 pct. Sedert niets uitgekeerd. Dividend oprichters- |
|
29980 |
aandeelen 1911/12 f 3.30; sedert nihil. Directie: C. M. Dozy. Com- |
|
29981 |
missarissen: P. Vuyk, F. J. D. Theyse en L. Vuyk. |
|
29982 |
KOERSEN DER AANI EELEN. |
|
29983 |
1904 1905 1906 1907 1908 1909 19101) 1911 1912 1913 1914 |
|
29984 |
Laagste Hoogste koers koers 89 1084 83 99 85 1123 108 74 14 011 84% 18 329 203 68 88% 881 145 71₴ 119% 1837 136 973 12 87 |
|
29985 |
Koersen 1915: 792-833; 1916: 65-120; 1917: 60-170; 1918: 2032-160; 1919: geen koers. |
|
29986 |
1920: E.K. 210. |
|
29987 |
1) Gereduceerde aandeelen. |
|
29988 |
KOERSEN DER INKOMST-OBLIGATIEN. |
|
29989 |
1910 1911 1912 1913 1914 |
|
29990 |
Laagste koers 62 68₺ 85 70% 78 |
|
29991 |
Hoogste koers 83% 918 98 92 85 |
|
29992 |
Koersen 1915: 741-75; 1916: 713-822; 1917: 65-79%; 1918: 1142 85; 1919: 115-90. |
|
29993 |
1920: 1302-1102. |
|
29994 |
Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot Exploi- |
|
29995 |
tatie van Petroleumbronnen in Nederlandsch-Indië, te |
|
29996 |
's Gravenhage. Opgericht 16 Juni 1890. Duur tot 5 Augustus 1958. |
|
29997 |
Doel: Het opsporen en het exploiteeren van petroleumbronnen en delf- |
|
29998 |
stoffen in Nederlandsch-Indië of elders, of het deelnemen in naamlooze of |