|
6132 |
602 INDUSTRIEELE ONDERNEMINGEN. |
|
6133 |
UITGEKEERD DIVIDEND OVER DE BOEKJAREN 1919 EN VOLGENDE. |
|
6134 |
1920 (19 Mei) eerste en eenige uitkeering 3 pct. superdiv. over 1919 met f 30 (no. 6 C). |
|
6135 |
1920 (1 Aug.) 3 pct. interim 1920 of f 30 (no. 7A). |
|
6136 |
De prioriteits-aandeelen (f 100.000) zijn uitgegeven ter handhaving van het |
|
6137 |
nationaal karakter der vennootschap. |
|
6138 |
· Inzake het dividend op de B's no's 1-7000. Bij de emissie dezer aandeelen |
|
6139 |
werd bepaald, dat haar dividend naar den pondenkoers betaalbaar zou worden |
|
6140 |
gesteld. Door de daling van den koers van het pond sterling als gevolg van den |
|
6141 |
wereldoorlog werd zoodoende het dividend op deze categorie aandeelen belangrijk |
|
6142 |
besnoeid. Dit was aanleiding dat in de „Nieuwe Financier & Kapitalist" van 4 |
|
6143 |
Augustus 1918 ingevolge enkele desbetreffende vragen van een abonné een bespreking |
|
6144 |
werd gewijd aan de statutaire positie der aandeelen B. no's 1-7000. De Directie der |
|
6145 |
N.V. Anton Jurgens' Ver. Fabrieken richtte daarop een schrijven aan de redactie |
|
6146 |
van de „N. F. & K." (zie de correspondentierubriek dezer courant van 28 Augustus |
|
6147 |
1918) waarin zij aan het slot mededeelt: „Eigenmachtig kunnen wij aan de houders |
|
6148 |
van aandeelen B niet tegemoetkomen, doch wij zijn in hun belang bereid aan |
|
6149 |
Commissarissen voor te stellen, uit billijkheidsoverwegingen, een door ons inmiddels |
|
6150 |
uitgewerkt plan te aanvaarden, hetwelk beoogt de houders dier aandeelen voor de |
|
6151 |
toekomst te vrijwaren tegen eene teleurstelling als bereids door hen werd onder- |
|
6152 |
vonden. Wij hopen de beslissing van Commissarissen ten spoedigste te kunnen mede- |
|
6153 |
deelen." In deze kwestie werd in de alg. verg. van 24 Jan. 1919 het volgende voor- |
|
6154 |
stel van het bestuur aangenomen: „Voor de uitbetaling der in de toekomst ver- |
|
6155 |
„vallende dividenden op de cum. pref. winstdeelende aandeelen B., nos. 1 tot en |
|
6156 |
„met 7000, welke in Nederland betaalbaar zijn, zal, zoolang de zichtkoers op Londen |
|
6157 |
„minder dan f 12 bedraagt, een herleidingskoers van f 12 worden aangenomen, voor |
|
6158 |
„zoover de winsten der vennootschap toelaten zulks te doen zonder nadeel voor de |
|
6159 |
„overige houders van cum. pref. winstdeelende aandeelen B." |
|
6160 |
De inschrijvingen stonden telkens open bij de Rotterdamsche Bankveree- |
|
6161 |
niging (Rott. Bank, Labouchere, Oyene & Co.'s Bank), de Amsterdamsche |
|
6162 |
Bank en ten kantore der Vennootschap. Voor het prospectus der emissies |
|
6163 |
in 1919 zie men aan het eind van deel I, jaarg. 1920. Bij de toewijzing |
|
6164 |
der jongste emissies genoten inschrijvers tot het aantal aandeelen, |
|
6165 |
waarvoor zij op beide laatste soorten hadden ingeschreven, de voor- |
|
6166 |
keur boven andere inschrijvers. Winstverdeeling: Allereerst |
|
6167 |
6 pct. (cumulatief) op de preferente aandeelen; vervolgens 6 pct. |
|
6168 |
(cumulatief) op de preferente winstdeelende aandeelen B en daarna |
|
6169 |
6 pct. (cumulatief) op de pref. winstd. aandeelen C, van het restant |
|
6170 |
6 pct. op de gewone aandeelen. Van het overschot wordt uitgekeerd aan |
|
6171 |
commissarissen f 5000, of zooveel minder als de overwinst minder bedraagt, |
|
6172 |
en indien deze meer dan f 5000 beloopt, zoo mogelijk 2 pct. aan directeuren |
|
6173 |
en 16 pct. aan directeuren en beambten van de vennootschap en van de |
|
6174 |
ondernemingen waarin deze aandeel heeft. Het overige kan geheel of ge- |
|
6175 |
deeltelijk in het reservefonds worden gestort. Geschiedt dit niet, noch |
|
6176 |
wordt het overschot op nieuwe rekening overgebracht, zoo moet het worden |
|
6177 |
uitgekeerd aan houders van gewone aandeelen, van pref. winstd. aand. B |
|
6178 |
en dito C. Eerstgenoemden ontvangen eerst 4 pct. boven hun primair divi- |
|
6179 |
dend; voor elk procent dat meer wordt uitgekeerd, ontvangen houders van |
|
6180 |
pref. winstd. aandeelen B 1/10 pct. en houders van idem C 1/5 pct. Is |
|
6181 |
op deze wijze aan houders van pref. winstd. aand. B 2 pct. en aan die van |
|
6182 |
dito C 3 pct. uitgekeerd, dan komt het overige geheel aan gew. aandeel- |
|
6183 |
houders ten goede, met dien verstande, dat in dit geval eerst zoo mogelijk |
|
6184 |
aan de houders van prioriteits-aandeelen 6 pct. over hun kapitaal wordt |
|
6185 |
uitgekeerd. Indien de uitkeering uit de overwinst aan houders |
|
6186 |
van gewone aandeelen meer dan f 250.000 bedraagt, wordt even- |
|
6187 |
wel te voren 2 pct. van hetgeen deze uitdeeling meer bedraagt, |
|
6188 |
aan commissarissen uitgekeerd. Wat dan nog overschiet komt ten |