|
56403 |
1570 SPOORWEGFONDSEN. |
|
56404 |
betaalbaar 1 Juli d.a.v. (voor het eerst in 1915), van f 21.000, plus bespaarde |
|
56405 |
rente. Na 1 Januari 1920 recht tot vervroegde geheele of gedeeltelijke af- |
|
56406 |
lossing voorbehouden. De op 8 Januari 1914 eveneens bij bovengenoemde |
|
56407 |
emittenten tot den koers van 994 pct. uitgegeven obligatiën vormen de |
|
56408 |
5e-10e serie eener bij besluit van 18 Juni 1912 gesloten leening ad f 10.000.000, |
|
56409 |
waarvan de eerste 4 seriën in een 4 pcts. leening werden geplaatst. (Zie |
|
56410 |
hieronder). Obligatiën, coupons en aflossing als voren. Na |
|
56411 |
1 Januari 1919 recht tot vervroegde geheele of gedeeltelijke aflossing voorbe- |
|
56412 |
houden. Oprichters en aandeelhouders hadden bij deze uitgiften voorkeurs- |
|
56413 |
recht (5 aand. - 1 obligatie). Op 1 Jan. 1921 was van elk dezer uitgiften |
|
56414 |
nog f 5.861.000 uitstaande. |
|
56415 |
Koersen 1914: 1012-100; 1915: 981-93; 1916: 1002-95; 1917: 1014-98; 1918: 988-87. |
|
56416 |
1919: 902-80; 1920: 823-76. |
|
56417 |
Nederlandsch Indische Spoorweg Mpij. 4 pcts. lee- |
|
56418 |
ning van 1901 en 1906, resp. groot f 15.000.000 en f 10.000.000, seriën |
|
56419 |
van f 1.000.000. Door de Ned. Hand. Mpij. werd op de eerste 3 seriën de |
|
56420 |
inschrijving à 100} pct. op 15 April 1901 opengesteld ten kantore der h.h. |
|
56421 |
H. Oyens & Zonen en Wurfbain & Zoon, met voorrecht van inschrijving |
|
56422 |
voor oprichters en aandeelhouders. De daaropvolgende 5 serien werden in |
|
56423 |
een 33 pcts. leening geplaatst. (Zie hieronder). Op de seriën 9-13, te zamen |
|
56424 |
f 5.000.000 was op dezelfde wijze en bij dezelfde kantoren op 21 Maart 1904 |
|
56425 |
de inschrijving opengesteld à 1002 pct. Op de Seriën 1-3 (f 3.000.000) eener |
|
56426 |
nieuwe leening van 1906, nominaal f 10.000.000, was op 12 Februari |
|
56427 |
1907 à 100} pct. bij de h.h. H. Oyens & Zonen en Wurf- |
|
56428 |
bain & Zoon de inschrijving opengesteld. Op de seriën 14 en 15 der lee- |
|
56429 |
ning ad f 15.000.000 van 1901 was op 13 April 1908 tot den koers |
|
56430 |
van 100 pct. de inschrijving opengesteld bij de h.h. H. Oyens & Zonen |
|
56431 |
en Wurfbain & Zoon. Op 6 Februari 1911 en op 5 Februari 1912 stond bij |
|
56432 |
genoemde kantoren de inschrijving open op resp. f 3.000.000 en f 4.000.000, |
|
56433 |
(4-6e en 7-10e serie) der leening van 1906 groot f 10.000.000, telkens à 100 |
|
56434 |
pct. Oprichters en aandeelhouders hadden voorkeursrecht, respectievelijk in |
|
56435 |
verhouding van 10 : 1 en 7} : 1. Obligatiën, groot f 1000, |
|
56436 |
coupons 1 Mei en 1 November. Aflossing in 60 jaren, door |
|
56437 |
uitloting in Aug. te houden voor afbetaling op 1 Nov. d.a.v. Recht tot vroegere |
|
56438 |
geheele of gedeeltelijke aflossing. De aflossingen begonnen in Augustus |
|
56439 |
1902, 1904 en 1907 voor de eerste drie uitgiften, en namen voor de uitgifte |
|
56440 |
van 1908 in Augustus 1909 een aanvang, terwijl van de leening 1911 |
|
56441 |
f 13.000 en van de leening van 1912 f 17.000 op 1 Augusus 1913 (aflossing |
|
56442 |
1 November d.a.v.) uitgeloot wordt en vervolgens ieder jaar gelijk bedrag |
|
56443 |
(afgerond in duizendtallen) vermeerderd met de vrijgevallen rente. Van |
|
56444 |
de leening van 1906 (seriën 7-10 loot jaarlijks f 17.000 uit, op 1 November, |
|
56445 |
voor 't eerst in 1913. Geheel of gedeeltelijke aflossing à pari is te allen tijde |
|
56446 |
toegestaan. Op 1 Januari 1921 was uitstaande resp. f 2.651.000, f 4.541.000, |
|
56447 |
f 2.790.000, f 1.874.000, f 2.867.000 en f 3.845.000. De seriën 4, 5, 6, 7 en 8 |
|
56448 |
der leening van 1901 werden in 1902 als 3} pct. obligatiën uitgegeven. |
|
56449 |
1901 1902 1904 1905 1906 1907 1908 1909 1910 1911 1912 1913 1914 |
|
56450 |
Hoogste koers ......... 1024 1042 103 1033 104 1021 1028 103 1028 1028 1002 973 972 |
|
56451 |
Laagste koers 101 102 101 101} 100% 982 100 100% 100g 100 98 932) 94 |
|
56452 |
1915: 943-87; 1916: 952-868; 1917: 93-883; 1918: 883-799; 1919: 84-76; 1920: 778-66. |