|
4074 |
INDUSTRIEELE ONDERNEMINGEN. 583 |
|
4075 |
Men zie het prospectus aan het eind van deel I, jrg. 1918/19. Dividend |
|
4076 |
gewone aandeelen 1893-1913: gemiddeld 10.95 pct .; 1914-1920: |
|
4077 |
10, 10, 112, 15, 20, 18} en 10 pct. (no. 29, 22 April 1921) ; pre f. a ande e- |
|
4078 |
I en 1915-1920 : 2.8 (5 mnd.), 7.1, 7.7, 8.7, 8.35 en 6.75 pct. (no. 7). 42 pct. |
|
4079 |
obligatiën, groot f 1000, met coupons per 1 Mei en 1 Nov. De |
|
4080 |
opbrengst dezer obligatieleening diende tot versterking van het be- |
|
4081 |
drijfskapitaal. Aflossing door jaarlijksche uitloting à pari in |
|
4082 |
Maart, betaalbaar 1 Mei d.a.v., voor het eerst in 1915. Aantal jaarlijks |
|
4083 |
af te lossen obligatiën (1915 -- 1942), 8, 9, 9, 10, 11, 11, 12, 12, 14, 14, 15, 15, |
|
4084 |
16, 16, 17, 18, 19, 19, 20, 21, 22, 23, 25, 26, 27, 29, 30, 32. Versterkte aflos- |
|
4085 |
sing voorbehouden. De Mpij. zal geen obligatie- of hypothecaire schuld mo- |
|
4086 |
gen aangaan, zoolang de onderhavige leening niet zal zijn afgelost. 4 pct. |
|
4087 |
hypothecaire obligatiën, groot f 1000, met coupons per ] |
|
4088 |
April en 1 Oct. Deze eerste hypothecaire leening van 1899, groot f 1.200.000, |
|
4089 |
is thans geheel uitgegeven. Zij diende tot conversie der 43 pct. leening |
|
4090 |
van 1893, waarvan de rente met ingang van 1 April 1895 tot 4 pct. werd |
|
4091 |
gereduceerd. Trustee is de Nederlandsche Trust-Maatschappij. Aflos- |
|
4092 |
sing door jaarlijksche uitloting à pari, in Maart, betaalbaar 1 April |
|
4093 |
d.a.v. Jaarlijks moet minstens f 20.000 worden uitgeloot. Op 1 Jan. 1921 |
|
4094 |
nog uitstaande f 780.000. Winstverdeeling: eerst 6 pct. aan |
|
4095 |
pref. aandeelhouders, cumulatief; daarna 6 pct. over de gewone aandeelen. |
|
4096 |
Van de overwinst wordt 6 pct. in de reserve of in de extra-reserves gestort; |
|
4097 |
zoodra en zoolang de reserve 10 pct. van het maatschappelijk kapitaal be- |
|
4098 |
draagt, komt de dotatie aan een voor bepaalde doeleinden bestemde reeds |
|
4099 |
bestaande of alsnog te creëeren extra reserves); voorts 23 pct. aan het |
|
4100 |
bestuur; 3 pct. aan commissarissen; 10 pct. aan W. Hovy en 10 pct. |
|
4101 |
aan J. Schwartz; 40 pct. aan gewone- en 8 pct. aan preferente |
|
4102 |
aandeelhouders. Bij overlijden der H.H. Hovy en Schwartz wordt de |
|
4103 |
storting in de reserve of extra-reserve van 6 pct. verhoogd tot 10 pct., |
|
4104 |
de dotatie aan het bestuur van 23 tot 27 pct., met het overige wordt de |
|
4105 |
dotatie aan aandeelhouders verhoogd. |
|
4106 |
KOERSEN 4 POT. OBLIGATIEN. |
|
4107 |
1901 1902 1903 1904 1905 1906 1907 1908 1909 1910 1911 1912 1913 1914 |
|
4108 |
Hoogste koers 98₴ 1003 100 100 100% 100 95 96% 981/15 972 97} 97 972 882 |
|
4109 |
Laagste koers 99 99% 100 99% 94₴ 97 97 94 90 |
|
4110 |
1915: geen koers; 1916: 892-85; 1917: 852-85; 1918: E.K. 85; 1919: 85-84. |
|
4111 |
1920: 74-72. |
|
4112 |
Koersen 43 pct. obligatiën 1913: 98-92; 1914, 1915 en 1916: geen koers; 1917: 91-882. |
|
4113 |
1918: 904-89; 1919: E.K. 85; 1920: geen koers. |
|
4114 |
Koersen pref. aand. 1915: E.K. 100%; 1916: 103-97; 1917: 105-99; 1918: 107-96; |
|
4115 |
1919: 1122-98; 1920: 115-104}. |
|
4116 |
Koersen gewone aand. 1918: 137-128; 1919: 184-140; 1920: 160-140. |
|
4117 |
DEBET. WINST- EN VERLIESREKENING. CREDIT. |
|
4118 |
1920 1919 1920 1919 |
|
4119 |
Gulden Gulden Gulden Gulden |
|
4120 |
Algem. onkosten 166.882.66 132.504.862 Saldo expl. reken. 518.940.48 779.946.15₺ |
|
4121 |
Interest 46.163.213 19.135.21 Diverse baten 19.931.40 50.627.702 |
|
4122 |
Pensioenen 14.552.28 13.690.20 |
|
4123 |
Verlies op belegging 30.755 88 |
|
4124 |
Afschrijvingen 115.456.233 145.188.65 |
|
4125 |
Saldo winst 195.817.49 489.299.052 |
|
4126 |
538.871.88 830.573.86 538.871.88 830.573.86 |