|
50381 |
1458 DIVERSEN. |
|
50382 |
der Vlugt; commissarissen zijn dezelfde als bij de moedermpij. Voorts is |
|
50383 |
er nog een zustermpij. in ndilë. De mpij is sedert 31 Oct. 1922 in liqui- |
|
50384 |
datie (zie kleine letter). Kapitaal: thans geautoriseerd |
|
50385 |
f 1.000.000, waarvan geplaatst f 710.0000, verdeeld in aandeelen groot |
|
50386 |
f 500; aanv. bedroeg het kapitaal f 180.000, in 1918 werd het tot f 1.000.000 |
|
50387 |
verhoogd en achtereenvolgens f 30.000 (ondershands) en f 500.000 geplaatst. |
|
50388 |
Er zijn 10 winstbewijzen uitgegeven, welke elk recht hebben op |
|
50389 |
1/10 der na te noemen dotatie. Winstverdeeling: eerst 10 pct. in |
|
50390 |
het reservefonds, totdat dit } van het gestort kapitaal bedraagt, daarna |
|
50391 |
6 pct. aan aandeelhouders en een gratificatie voor het personeel. Van de |
|
50392 |
overwinst komt: ter beschikking van aandeelhouders 60 pct., aan de di- |
|
50393 |
rectie 15 pct., aan commissarissen 15 pct. en aan houders van winstbe- |
|
50394 |
wijzen 10 pct. Dividenden verjaren na 5 jaar. Dividend 1918 en |
|
50395 |
1919: 10 en 7} pct. (no. 6, Juli 1920). Op 9 Dec. 1918 stond bij de kantoren |
|
50396 |
der Bankassociatie de inschrijving open op f 500.000 aand. tot den koers |
|
50397 |
van 105 pct., incl. div. 1919. Zij werden op 10 Juli 1919 in de officiëele |
|
50398 |
noteering opgenomen. Direteur: P. W. Th. Bell. Commissaris- |
|
50399 |
sen: J. Groenewegen, De Bilt, J. H. Scheltema, Amsterdam, B. Groene- |
|
50400 |
wegen, De Bilt, W. Rauwenhof, Völker en Jhr. E. O. Berg van Middel- |
|
50401 |
burgh, Utrecht. |
|
50402 |
Koersen der aandeelen 1919: 1323-103}; 1920: 108-1052; 1921: geen koers. |
|
50403 |
De laatst in ons bezit gekomen balansen en verlies- en winstrekeningen (1918 en |
|
50404 |
1919) vindt men in den vorigen jaargang. De verslagen van 1920 en 1921 ver- |
|
50405 |
schenen niet in druk. (Red.) |
|
50406 |
Liquidatie. Reorganisatie. Op 14 Juli 1921 werd een commissie benoemd welke |
|
50407 |
de balans en verlies- en winstrekening zou onderzoeken, zoomede de mogelijkheid |
|
50408 |
van reorganisatie. De commissie bestaat uit de heeren: H. N. L. Hoevenaar, |
|
50409 |
Utrecht, H. van Rooy, 's Hertogenbosch en Mr. G. J. Brand te Utrecht. Uit, het |
|
50410 |
lijvig rapport van de commissie van onderzoek, dat 29 December 1921 werd uit- |
|
50411 |
gebracht, bleek: 1e. dat de commissie omtrent het beheer der vennootschap niet |
|
50412 |
gunstig kon rapporteeren; 2e. dat de administratie onvolledig en niet contro- |
|
50413 |
leerend was; 3e. dat er vrij royaal met de gelden -werd omgesprongen; 4e. dat |
|
50414 |
samenwerking tusschen directeuren onmogelijk bleek, waardoor dikwijls zonder |
|
50415 |
voorkennis van de commissarissen contracten en overeenkomsten werden aange- |
|
50416 |
gaan, welke niet dan met groote verliezen konden worden afgewikkeld; 5e dat de |
|
50417 |
salarisadministratie absoluut onvoldoende was. Aangezien betreffende een aankoop |
|
50418 |
van marken tegen den koers van 21.50 op · een datum, dat de werkelijke koers 9 |
|
50419 |
bedroeg, waardoor een schade ad f 35.000 ten laste der vennootschap kwam, geen |
|
50420 |
voldoende opheldering kon worden verstrekt, werd besloten, nadat door een der |
|
50421 |
aandeelhouders op een justitieel onderzoek was aangedrongen, dat de bestaande |
|
50422 |
commissie deze zaak verder zou behandelen, om te trachten langs minnelijken weg |
|
50423 |
de geleden schade door de betrokken persoon of personen te doen vergoeden. De |
|
50424 |
commissie van onderzoek deelde mede, dat in verband met een verkoop van grond |
|
50425 |
aan twee der commissarissen, deze bereid waren alsnog boven de koopsom een |
|
50426 |
zeker bedrag te suppleeren. Uit de voorgelezen balans en verlies- en winstrekening |
|
50427 |
bleek o.a. dat het geplaatst en volgestort kapitaal per 31 December 1920 bedroeg |
|
50428 |
f 1.139.000. Het verlies over 1920 bedraagt f 368.278. Vorderingen beliepen f 982.720, |
|
50429 |
waartegenover een reserve debiteuren stond van f 15.000. De schuld aan bankiers . |
|
50430 |
beliep f 1.203.902. De afschrijving op aandeelen in nevenbedrijven welke op de |
|
50431 |
oorspronkelijke verlies- en winstrekening voorkwam met f 68.500, bleek thans te zijn |
|
50432 |
verdwenen. Na stemming werd de balans ongewijzigd goedgekeurd. |
|
50433 |
Op 31 Oct. 1922 bracht bovenbedoelde Commissie haar eindrapport uit |
|
50434 |
en werd door haar een voorstel ingediend, dat de mogelijkheid opende om na |
|
50435 |
liquidatie der oude venn. een nieuwe N.V. te vestigen. Onder dit plan zouden |
|
50436 |
vier oude aandeelen kunnen worden ingeleverd tegen een winstbewijs in de |
|
50437 |
nieuwe N.V. met een waarde van 25 pct. van de nominale waarde der ingeleverde |
|
50438 |
stukken. Besloten werd tot liquidatie over te gaan. Door den heer Hoevenaar |
|
50439 |
te Utrecht werd ons bericht dat geen andere oplossing was te vinden en dat het |
|
50440 |
te danken is aan concessies van crediteuren dat de oude aandeelen nog een waarde |
|
50441 |
van 25 pct. in de nieuwe venn. zullen vertegenwoordigen. De liquidatievergadering |
|
50442 |
en de oprichting der nieuwe vennootschap hadden bij het sluiten der redactie |
|
50443 |
nog niet plaats gehad. De liquidatie geschiedt onder leiding van het oude bestuur. |