|
55914 |
SPOORWEGFONDSEN. 1567 |
|
55915 |
van 1915 ad f 20.000.000, voor welke afwijkende aflossingsbepalingen gel- |
|
55916 |
den (zie hieronder). |
|
55917 |
Koersen 1913 der serie 1-10: 1007/1 .- 102}; 1914: 100g 1023; 1915: 993-94; |
|
55918 |
1916-1919 gelijk aan noteeringen 11-20 serie hieronder. |
|
55919 |
Koersen 1914 der serie 11-20: 1003-102}; 1915: 99%-94; 1916: 102-958; 1917: 102-99. |
|
55920 |
1918: 99%-872; 1919: 942-812; 1920: 82-712; 1921: 872-762. |
|
55921 |
Mij. tot Expl. van Staatsspoorwegen. 42 pct. Leening |
|
55922 |
van 1914 en 1915 .· Deze uitgifte bestaat uit de 13-20e serie der lee- |
|
55923 |
ning van 1914, groot f 20.000.000, goedgekeurd bij besluit der alg. verga- |
|
55924 |
dering van 22 Juni 1914 en uit de 1e-6e serie der leening 1915, eveneens |
|
55925 |
groot f 20.000.000, goedgekeurd bij besluit der algemeene vergadering |
|
55926 |
van 24 Juni 1915, in totaal dus groot f 14.000.000. De inschrij- |
|
55927 |
ving op deze obligatiën stond open op 7 October 1915 tot - den |
|
55928 |
koers van 97g pct. Obligatiën, groot f 1000, met coupons per |
|
55929 |
1 April en 1 October. Aflossing à pari door uitloting in 60 jaren; |
|
55930 |
voor het eerst op 1 April 1917 ad f 50.000 en verder op 1 April van elk vol- |
|
55931 |
gend jaar zoodanige som als ten vorigen jare vermeerderd met vrijgevallen |
|
55932 |
rente. Uitloting in October, aflosbaarstelling op 1 April d.a.v. |
|
55933 |
Geheel of gedeeltelijke aflossing voorbehouden. Bij naasting door den |
|
55934 |
Staat is deze bevoegd zich in de plaats der mpij. te stellen. Deze obligatiën |
|
55935 |
worden geheel ten onrechte dooréén genoteerd met de |
|
55936 |
obligatiën der leening van 1913 en 1914 (zie boven). 42 pct. obligatiën, |
|
55937 |
1915, goedgekeurd bij besluit van 24 Juni 1915, uitgegeven 30 Juni |
|
55938 |
-5 Juli 1917, tot den koers van 100 pct., met voorkeursrecht voor aan- |
|
55939 |
deelhouders en oprichters, uitgeoefend door nummeropgave. Van deze |
|
55940 |
obligatiën, die in coupons en coupures aan de overige 4} pct. |
|
55941 |
stukken gelijk zijn, werden op genoemde data f 10.000.000 geëmitteerd, zijnde |
|
55942 |
de 7e-16e serie der 4} pct. leening 1915 (de 17e-20e seriën zijn |
|
55943 |
in 1918 als 5 pct. obligatiën uitgegeven. Zij worden eveneens geheel |
|
55944 |
ten onrechte dooréén genoteerd met de bovenomschreven 4} pct. |
|
55945 |
oblig. 1914/1915 en met die van 1913. Omtrent de aflossing toch is |
|
55946 |
bepaald dat deze à pari zal geschieden door uitloting in 60 jaren; voor het |
|
55947 |
eerst op 1 April 1918 f 35.000 en verder op 1 April van elk volgend jaar |
|
55948 |
zoodanige som als ten vorigen jare, vermeerderd met vrijgevallen rente. |
|
55949 |
Uitloting in October, aflosbaarstelling op 1 April d. a. v. Geheele of ge- |
|
55950 |
deeltelijke aflossing voorbehouden. Uitstaande bedragen: zie tabel. |
|
55951 |
Koersen: Zie onder 4} pct. leening 1913 en 1914 |
|
55952 |
Mij. t. Expl. v. Staatsspoorwegen, 4 pct. leeningen |
|
55953 |
van 1901, 1902, 1908, 1911 en 1913. Eene leening groot |
|
55954 |
f 15.000.000 in 15 seriën van f 1.000.000 werd goedgekeurd op de |
|
55955 |
algemeene vergadering, gehouden 12 Juni 1900, en uitgegeven in |
|
55956 |
twee gedeelten, het eerst de leening groot f 8.000.000, d.d. 1 Ja- |
|
55957 |
nuari 1901, à pari, op 19 December 1900, ten tweede de leening |
|
55958 |
groot f 7.000.000 d.d. 1 Januari 1902 à 100} pct. Voorts besloot |
|
55959 |
de op 14 Februari 1908 gehouden vergadering een geldleening te creëeren |
|
55960 |
van f 15.000.000. Hiervan werden in 1908 de seriën 1-8 (f 8.000.000) |
|
55961 |
d.d. 16 Maart 1908 uitgegeven. De inschrijving op deze obligatiën was |
|
55962 |
op 3 Maart 1908 met voorkeursrecht voor aandeelhouders en houders van |