|
406 |
522 INDUSTRIEELE ONDERNEMINGEN. |
|
407 |
len waarvan geplaatst f 1.615.000 en f 2.500.000 7 pct. (tot en met 1920 |
|
408 |
6 pct.) cum. pref. winstd. aandeelen, waarvan f 1.535.000 geplaatst. Ulto |
|
409 |
1920 stonden ook nog f 600.000 aandeelen B uit welke vermoedelijk in |
|
410 |
1921 zijn ingetrokken à pari. Winstverdeeling: Uit de |
|
411 |
winst worden allereerst: zoodanige reserven (behalve die hierna te |
|
412 |
noemen) gemaakt, als de raad van bestuur onder goedkeuring van het col- |
|
413 |
lege van commissarissen, zal noodig achten. Inzonderheid kan besloten |
|
414 |
worden, dat een gedeelte der overwinst op nieuwe rekening wordt over- |
|
415 |
gebracht. Uit de winst, welke dan overblijft, wordt allereerst 7 pct. uitge- |
|
416 |
keerd (cumulatief) aan houders van cum. pref. winstd. aandeelen. Voorts |
|
417 |
zoover mogelijk zes procent aan houders van gewone aandeelen. |
|
418 |
De overwinst wordt verdeeld als volgt: 1. naar een te vormen |
|
419 |
reserverekening wordt overgebracht: a. de geheele overwinst, indien en |
|
420 |
zoolang deze reserverekening geen 12 pct bedraagt van het gestort cumula- |
|
421 |
tief preferente kapitaal; b. 10 pct. van de overwinst, indien en zoolang de |
|
422 |
reserverekening niet meer dan 20 pct. van het gestort maatschappelijk |
|
423 |
kapitaal bedraagt. Bedraagt de reserverekening meer dan 20 pct., dan |
|
424 |
worden genoemde 10 pct. der overwinst genoten door de houders van |
|
425 |
gewone aandeelen; 2. 1 pct. wordt uitgekeerd aan ieder der leden van |
|
426 |
het college van commissarissen; 3. 20 pct. wordt ter beschikking gesteld |
|
427 |
van den raad van bestuur ten einde deze daarover beschikke overeenkom- |
|
428 |
stig door de leden van dien raad vast te stellen regelen; 4. het dan over- |
|
429 |
blijvende deel der overwinst wordt uitgekeerd aan de houders van gewone |
|
430 |
aand. en cum. pref. winstd. aand., met dien verstande, dat uit dit bedrag |
|
431 |
een gew. aand. tienmaal zooveel ontvangt als een cum. pref. winstd. aand. |
|
432 |
Dividenden verjaren na 5 jaar. Interim-dividenden kunnen worden |
|
433 |
uitgekeerd. Dividend gewone aandeelen A 1919: 6 pct. |
|
434 |
sedert nihil. Dividend gewone aandeelen B, 1919: 6 pct., |
|
435 |
sedert nihil. Dividend cum. pref. aandeelen 1919 en 1920: |
|
436 |
telkens 6 pct .; 1921: nihil. Op 31 October 1919 stond ten kantore der |
|
437 |
Rotterdamsche Bankvereeniging en de Bank-Associatie te Amsterdam, |
|
438 |
Rotterdam en Den Haag de inschrijving open op f 700.000 7 (vroeger 6) |
|
439 |
pct. cumulatief preferente winstdeelende aandeelen, |
|
440 |
groot f 1.000, tot den koers van 100 pct. incl. ¿ div. 1919. Zij werden |
|
441 |
op 17 Nov. 1919 in de officiëele noteering te Amsterdam opgenomen. Men |
|
442 |
zie het prospectus aan het einde van deel II, jaargang 1920. Raad van |
|
443 |
Bestuur: G. G. A. Loeber, Hilversum, G. H. Bührmann, Overveen, |
|
444 |
C. G. Loeber, Blaricum, H. J. Vettewinkel, Overveen, A. A. H. Loeber, |
|
445 |
Hilversum en F. W. van Buuren, Laren. Raad van Commissa- |
|
446 |
rissen: Mr. Dr. J. P. van Tienhoven, Amsterdam en Mr. J. T. Lint- |
|
447 |
horst Homan, Assen. |
|
448 |
Hoogste en Laagste koersen pref. aand .: 1920: 98-80; 1921: 832-57}. |
|
449 |
Ult Verslag 1921 en Liquidatie. De algemeene malaise en de concurrentie |
|
450 |
van landen met gedeprecieerde valuta, hadden tengevolge, dat de omzetten ook |
|
451 |
quantitatief sterk verminderden, dat de voorraden buitengewoon in waarde daal- |
|
452 |
den, dat verschillende buitenlandsche debiteuren niet aan hun verplichtingen kon- |
|
453 |
den voldoen, terwijl de onkosten niet op een lager peil konden worden gebracht. |
|
454 |
De afdeeling „binnenland" heeft ten gevolge van een en ander een zwaar verlies |
|
455 |
te boeken. Ook de afd. „Ned .- Indië” heeft deels door dezelfde oorzaken, deels |
|
456 |
door deconfitures van cliënten met een nadeelig saldo afgesloten. De export naar |
|
457 |
andere overzeesche landen was evenmin loonend, terwijl daar speciaal verliezen |
|
458 |
op debiteuren werden geleden. Hetzelfde geldt voor den export naar Europeesche |
|
459 |
landen, speciaal Portugal en Griekenland en de Orient. Onze dochter-instelling in |
|
460 |
Londen „Loeber Ltd.” leverde eveneens een teleurstelling op. Ons bezit van het. |
|
461 |
aandeelenkapitaal en onze garantie voor het locale bankcrediet, maakte, dat het |