|
21062 |
CULTUUR-ONDERNEMINGEN. 905 |
|
21063 |
gevestigd). Deze zaken bestonden in hoofdzaak uit den handel in tro- |
|
21064 |
pische producten en de exploitatie eener leerlooierij, terwijl de handel in |
|
21065 |
machinerieën en technische materialen reeds in 1915 was overgegaan op |
|
21066 |
de N.V. Amsterdamsch Kantoor voor Indische Zaken. De handel in tro- |
|
21067 |
pische producten door de firma Maintz & Co. bij hare oprichtng in 1861 |
|
21068 |
aangevangen, werd sedert voortgezet en uitgebreid tot aan hare ontbinding |
|
21069 |
in 1917 wegens de uittreding harer beide oprichters, de heeren E. en S. |
|
21070 |
Maintz. Ten einde de vastigheden op Java, die zich ook gedeeltelijk in |
|
21071 |
het binnenland bevinden, afzonderlijk te beheeren, werd in 1919 opge- |
|
21072 |
richt de N.V. Bouw Mij. „,Insulinde", waarvan alle aand. in het bezit der |
|
21073 |
N.V. v.h. Maintz & Co. zijn. Kapitaal thans geaut. f 3.000.000, na de |
|
21074 |
emissie van Sept. 1920 geheel geplaatst, aandeelen groot f 1000. Het oorspr. |
|
21075 |
kapitaal ad f 1.500.000 werd door onderhandsche uitgifte aan aandeel- |
|
21076 |
houders in 1919 tot f 2.250.000 en in Sept. 1920 door publieke emissie tot |
|
21077 |
f 3.000.000 verhoogd. Er zijn 500 winstbewijzen uitgegeven |
|
21078 |
Winstverdeeling: eerst 6 pct. aan aandeelhouders. Van het over- |
|
21079 |
blijvende komt minstens 10 pct. aan het reservefonds (max. 50 pct. van het |
|
21080 |
gepl. kapitaal). Van wat daarna resteert ontvangt de directie 20 pct., de |
|
21081 |
raad van commissarissen 5 pct., ontvangen de houders van winstbewijzen |
|
21082 |
20 pet. en blijft 55 pct. ter beschikking van de algem. vergadering. Zoodra |
|
21083 |
op elk der winstbewijzen f 1000 zal zijn uitgekeerd, vervalt de dotatie |
|
21084 |
daarvoor bestemd en wordt 20 pct. hiervan gevoegd bij het winstaandeel |
|
21085 |
der directie, 5 pct. bij dat van commissarissen en 75 pct. bij dat van aan- |
|
21086 |
deelhouders. Dividenden verjaren na 5 jaar. Dividend 1918- |
|
21087 |
1919: 12 en 18 pct. (no. 3, 21 Sept. 1920) ; 1920 en 1921: nihil. Dividend- |
|
21088 |
bewijzen no. 5 werden alle waardeloos verklaard, omdat over 1920 |
|
21089 |
geen dividend werd uitgekeerd en de div.bew. no. 5 der in 1920 uitgegeven |
|
21090 |
aandeelen alleen voor } div. 1920 bestemd zijn geweest. Dividend |
|
21091 |
winstbewijzen 1918-1919: f 66.45 en f 210.30 (no.2); 1920 en 1921: |
|
21092 |
nihil. De Ned. Ind. Handelsbank bracht op 20 Oct. 1919 door bemiddeling |
|
21093 |
van de H.H. d'Arnaud & Averes een beperkt, aantal aandeelen ter markt, |
|
21094 |
tot den koers van 130 pct. incl. div. 1919. Vervolgens stond op 23 Sept. 1920 |
|
21095 |
bij genoemde bank en de H.H. R. Mees & Zoonen te R'dam de inschrijving |
|
21096 |
open op f 750.000 aandeelen, groot f 1000, tot den koers van |
|
21097 |
140 pct. incl. ¿ div. 1920, uitsluitend voor aandeelhouders (3 : 1, div.bew. |
|
21098 |
no 4). De aandeelen verkregen op 1 December 1919 te Amsterdam officiëele |
|
21099 |
noteering. Men zie voor het prospectus aan het einde van dit deel. |
|
21100 |
Directie: H. Rud. du Mosch en F. W. Hudig. Raad van Com- |
|
21101 |
missarissen: H. G. Schadd, W. Moens, Mr. W. A. Mees en Mr. |
|
21102 |
A. H. du Mosch. Vertegenwoordigers in Ned .- Indië: |
|
21103 |
M. F. de Jager, J. C. van Aalderen, E. R. Buss en Ir. P. J. Schrikker. |
|
21104 |
Koersen: 1919: geen koers; 1920: 215-100; 1921: 993-60. |
|
21105 |
Uit Verslag 1921. (Reorganisatie). Inmiddels heeft de overtuiging bij ons |
|
21106 |
post gevat, dat in verband met het groote verliescijfer, waarmede onze balans |
|
21107 |
sluit, het aanbevelenswaardig zal zijn, naar een financieele reconstructie van onze |
|
21108 |
vennootschap te streven. Deze plannen hebben nog geen vasten vorm aangenomen, |
|
21109 |
maar wij hopen binnen eenige maanden voorstellen hieromtrent te kunnen doen. |