|
62627 |
1620 SPOORWEGFONDSEN. |
|
62628 |
aflosbaar gestelde obligatiën hadden bij de inschrijving den voorrang, daarna |
|
62629 |
de houders van aandeelen en van bewijzen van oprichtersrechten. Obli- |
|
62630 |
gatiën groot f 1000; coupons 1 Mei en 1 November. Aflos- |
|
62631 |
sing, aangevangen in 1888 bij jaarlijksche uitloting in October van 0.7 pct. |
|
62632 |
van het bedrag der leening, vermeerderd met de vrijgevallen rente, be- |
|
62633 |
taalbaar a pari November d.a.v. Vervroegde aflossing voorbehouden. Uit- |
|
62634 |
staand bedrag: zie tabel „Specificatie Obligatieschuld". |
|
62635 |
1905 1906 1907 1908 1909 1910 1911 1912 1913 1914 |
|
62636 |
Hoogste koers 100 992 972 99% 992 9713/1. 94₴ 924 90% 90 |
|
62637 |
Laagste koers 972 97₺ 92} 93 96@ 94₺ 92 892 86% 87 |
|
62638 |
Koersen 1915: 87-80; 1916: 923-81; 1917: 923-83; 1918: 902-85. |
|
62639 |
1919: 85-78; 1920: 79-69; 1921: 90-76; 1922: 854-81. |
|
62640 |
Mij. tot Expl. v. Staatsspoorwegen; 3} pcts. leeningen |
|
62641 |
van 1890, 1891, 1892 en 1898. Leening van 1890, |
|
62642 |
f 6.000.000, in 6 Seriën van f 1.000.000; uitgifte bij prospectus dd. 13 Sept. |
|
62643 |
1890. Bedrag op 1 Januari 1920: zie tabel „Specificatie Obligatie- |
|
62644 |
schuld". Leening van 1891. Bedrag en seriën als voren; uitgifte op |
|
62645 |
12 'September 1891. Bedrag 1 Januari 1920: zie tabel. Leening van |
|
62646 |
1892, groot f 15.000.000, waarvan uitgegeven f 4.000.000, in 4 seriën van |
|
62647 |
f 1.000.000; uitgifte op 19 Januari 1893. Uitstaand bedrag: zie |
|
62648 |
meergenoemde tabel. De overige seriën dezer leening bestaan uit 3 pcts. |
|
62649 |
obligatiën. Leening van 1898, groot f 5.000.000, in 5 Seriën |
|
62650 |
elk groot f 1.000.000, waarvan uitgegeven 2 Seriën d.d. 1 Juli 1898 |
|
62651 |
à 100 pct. op 12 Juli 1898, en 3 Seriën à 96} pct. op 18 April |
|
62652 |
1900. Zie hieronder. Voor de op 1 Jan. 1920 uitstaande bedragen der eerste |
|
62653 |
2 Seriën zia men meergenoemde tabel. Dooreen leverbaar zijn de obliga- |
|
62654 |
tiën der leening van 1890, die van 1891 , serie 1, 2, 3 en 4 van de lee- |
|
62655 |
ning 1892 en serie 1 en 2 van de leening 1898, terwijl de seriën 3, 4. en 5 |
|
62656 |
van de leening 1896 eene afzonderlijke noteering hebben . (zie deze). Bij |
|
62657 |
vorenstaande emissiën hadden de houders van aandeelen en oprichters- |
|
62658 |
aandeelen den voorrang. De drie eerstvermelde leeningen werden alle à |
|
62659 |
99 pct. geëmitteerd. Obligatiën groot f 1.000; coupons 1 |
|
62660 |
Januari en 1 Juli. De aflossing geschiedt binnen 60 jaren, bij uit- |
|
62661 |
loting in October van } pct. van de bedragen der leeningen per jaar, ver- |
|
62662 |
meerderd met de door de aflossing vrijvallende rentebedragen, ter uitbe- |
|
62663 |
taling à pari op 2 Januari d.a.v. Alles behoudens vervroegde aflossing, |
|
62664 |
waartoe de Maatschappij te allen tijde gerechtigd is. |
|
62665 |
Hoogste koers 1905 100g 1906 99% 98 1907 1908 98₫ 1909 999 1910 97% 1911 952 1912 912 932 1913 90 1; 1914 90 |
|
62666 |
Laagste koers 973 97 923 2% 962 94 928 89% 85} 87 |
|
62667 |
Koersen 1915: 844-78; 1916: 892-784; 1917: 87@-82; 1918: 85-77. |
|
62668 |
1919: 792-70; 1920: 72-64]; 1921: 808-71}; 1922: 77}-774. |
|
62669 |
Mij. tot Expl. v. Staatsspoorwegen; 3} pcts. leening |
|
62670 |
van 1896 (1900). Deze obligatiën vormen de 3 hiervoren ver- |
|
62671 |
melde seriën, (3, 4 en 5), uitgegeven op 18 April 1900, met voorrecht van in- |
|
62672 |
schrijving voor aandeelhouders en oprichters. Obligatiën groot |
|
62673 |
f 1000 met coupons 1 April en 1 October ; eveneens aflosbaar in 60 |
|
62674 |
jaar door jaarlijksche amortisatie van } pct., telkens vermeerderend met |
|
62675 |
de vrijgevallen rente uit de vroeger afgeloste bedragen. De uitlotingen |
|
62676 |
hebben plaats in October (de eerste in 1900) ter betaling à pari 1 April |