|
32482 |
1088 PETROLEUM-MAATSCHAPPIJEN. |
|
32483 |
tutie, per saldo een bedrag van f 1.108 104.93 werd bijbetaald. De productie |
|
32484 |
over 1913 werd tegelijkertijd tot den nieuwen prijs verrekend Zie voor |
|
32485 |
nieuwe exploitatie-overeenkomst de kleine letter. Winstverdee- |
|
32486 |
ling (voor het eerst geldend voor boekjaar 1919): Eerst 6 pct. over |
|
32487 |
het slotbedrag van f 200 op elk vroeger pref. aand. voorzoover deze niet |
|
32488 |
reeds aflosbaar zijn gesteld. Van wat hierna resteert minstens de helft |
|
32489 |
tot aflossing van de nog uitstaande pref. aand. van f 200 bij uitloting aan |
|
32490 |
te wijzen. Wat hierna overblijft wordt verdeeld als volgt: 6 pct. aan |
|
32491 |
aandeelhouders, van wat dan overblijft 5 pct. aan de directie, 20 pct. aan |
|
32492 |
commissarissen samen, 35 pct. aan houders der vroeger preferente aan- |
|
32493 |
deelen, ook die aan welke reeds de slotbetaling van f 200 heeft plaats |
|
32494 |
gehad, 40 pct. aan de aandeelhouders. Bedrijfskapitaal: Daar uit |
|
32495 |
de f 500.000 in contanten, welke aan de Petroleum-Mpij. Holland-Perlak |
|
32496 |
werden verstrekt (zie hierboven) alle onkosten, verbonden aan oprichting, |
|
32497 |
emissie, syndicaat enz. betaald zouden worden, bleef er een werkkapitaal |
|
32498 |
van f 1.000.000 over. Dividenden: 1906 en 1907: nihil; 1908-1910: |
|
32499 |
gewone aandeelen f 102, f 132 en f 84 (no. 3), sedert nihil; preferente |
|
32500 |
aandeelen : f 96.75, f 123 en f 81 (no. 3); 1911-1913: nihil; 1914-1920: |
|
32501 |
5, 6, 6, 6, 6, 6 en 6 pct. (no. 10, 1 Febr. 1921). Op de pref. aandeelen zonder |
|
32502 |
nominale waarde werd nog niets uitgekeerd. |
|
32503 |
Adres: Den Haag, Princessegracht 12. |
|
32504 |
Overeenkomst Bataafsche-Zuid-Perlak. De bestaande overeenkomst met de |
|
32505 |
Bataafsche betreffende de levering van petroleum van de terreinen der Z. P. aan |
|
32506 |
de Bataafsche tegen een prijs van f 15 per ton vervalt. De Zuid-Perlak |
|
32507 |
heeft n.l. te kennen gegeven, dat zij uit hoofde van den voortdurenden achteruitgang |
|
32508 |
van de hoeveelheid ruwe olie, die zij op haar terreinen wint, geen belang bij eenige |
|
32509 |
eigen exploitatie meer heeft. Derhalve heeft de Bataafsche zich bereid verklaard de |
|
32510 |
exploitatie dier terreinen voor eigen rekening te nemen tegen betaling van eene |
|
32511 |
royalty. Bij de nieuwe overeenkomst, die in verband met deze regeling in Dec. 1920 is |
|
32512 |
tot stand gekomen, werd deze royalty bepaald op f 10 per ton ruwe olie voor zoover |
|
32513 |
het betreft het winnen van olie uit de door de Z. P. aangelegde putten. Voor de |
|
32514 |
olie uit de eventueel door de Bataafsche te boren putten zal een royalty van f 5 per |
|
32515 |
ton worden betaald voor een hoeveelheid van 10.000 ton per jaar of minder, f 4 per |
|
32516 |
ton voor de volgende hoeveelheid van 5000 ton per jaar, f & voor de daarop volgende |
|
32517 |
hoeveelheid van 5000 ton en f 2.50 voor verdere hoeveelheden. Alle andere betalingen |
|
32518 |
zijn voor rekening der Bataafsche. De afrekening geschiedt 4 maal per jaar. De |
|
32519 |
Z. P. krijgt weer de vrije beschikking over de concessie, mocht de Bataafsche de |
|
32520 |
exploitatie willen staken. Ieder kwartaal moet door de B. aan de Z. P. verslag over |
|
32521 |
de verkregen resultaten worden uitgebracht. De Bataafsche heeft het recht ten alle |
|
32522 |
tijde haar rechten en verplichtingen in deze over te dragen aan de „Koninklijke“ |
|
32523 |
of aan eenige andere mpij., waarin een van beide de meerderheid van aandeelen |
|
32524 |
bezit. De Bataafsche neemt alle installaties der Z. P. tegen te taxeeren prijs over. |
|
32525 |
Tot meerdere zekerheid voor de nakoming van alle verplichtingen door de Z. P. zijn |
|
32526 |
door de Perlak alle gewone aandeelen die deze mpij. in de Z P. bezit aan de |
|
32527 |
Bataafsche in pand gegeven. In verband met het vonnis tegen Deen (zie kleine |
|
32528 |
letter bij de Perlak Petroleum Mpij., elders), zijn deze aandeelen uit het ver- |
|
32529 |
band ontslagen en heeft in de plaats daarvan, de Perlak Petroleum Mpij. zich |
|
32530 |
als borg verbonden tegenover de Bataafsche, voor alle schaden die mochten worden |
|
32531 |
geleden doordat de Zuid Perlak in strijd met het royalty-contract mocht handelen. |
|
32532 |
De overeenkomst ging in 1 Januari 1921. |
|
32533 |
1906 1907 1908 1909 1910 1911 1912 1913 19 1914 |
|
32534 |
Hoogste koers 136 133 144 200 1933 133 82 623 57 |
|
32535 |
Laagste koers 78 65 81 130 106 66 593 33 25} |
|
32536 |
Koersen 1915: 692-43; 1916: 892-68; 1917: 937-84; 1918: 96-868; 1919: 90% pct .- f 180; |
|
32537 |
1920: f 180-f 120; 1921: f 189.50-f 1 .-; 1922: f 6 .- f 3 .-; 1923: f 20 .- f 2.50. |
|
32538 |
Nieuwe boringen mislukt. Op de 12 Juni 1924 gehouden algemeene ver- |
|
32539 |
gadering werd medegedeeld,dat de nieuwe boringen zijn mislukt en de mpij. alleen |
|
32540 |
nog oude putten heeft. |