|
64621 |
1638 SPOORWEGFONDSEN. |
|
64622 |
f 239.000 in Januari 1888 geschiedde ter conversie van alle toenmaals be- |
|
64623 |
staande 4 pcts. leeningen. Koers van uitgifte telkens 97 pct. Houders van |
|
64624 |
aflosbaar gestelde obligatiën hadden bij de inschrijving den voorrang, daarna |
|
64625 |
de houders van aandeelen en van bewijzen van oprichtersrechten. Obli- |
|
64626 |
gatiën groot f 1000; coupons 1 Mei en 1 November. Aflos- |
|
64627 |
sing, aangevangen in 1888 bij jaarlijksche uitloting in October van 0.7 pct. |
|
64628 |
van het bedrag der leening, vermeerderd met de vrijgevallen rente, be- |
|
64629 |
taalbaar à pari November d.a.v. Vervroegde aflossing voorbehouden. Uit- |
|
64630 |
staand bedrag: zie tabel „Specificatie Obligatieschuld". |
|
64631 |
1905 1906 1907 1908 1909 1910 1911 1912 1913 1914 |
|
64632 |
Hoogste koers 100 99% 97 999 992 9711/1. 943 922 903 90 |
|
64633 |
Laagste koers 97% 973 92} 93 96@ 94₺ 92 892 86₴ 87 |
|
64634 |
Koersen 1915: 87-80; 1916: 923-81; 1917: 924-83; 1918: 90% 85. |
|
64635 |
1919: 85-78; 1920: 79-69; 1921: 90-76; 1922: 854-81; 1923: 89-81. |
|
64636 |
MIJ. tot Expl. v. Staatsspoorwegen; 3} pcts. leeningen |
|
64637 |
van 1890, 1891 en 1893. Leening van 1890, f 6.000.000, |
|
64638 |
in 6 Seriën van f 1.000.000; uitgifte bij prospectus d.d. 13 Sept. 1890. Le e- |
|
64639 |
ning van 1891. Bedrag en seriën als voren; uitgifte op 12 September 1891. |
|
64640 |
Leening van 1893, groot f 15.000.000, waarvan uitgegeven f 4.000.000, |
|
64641 |
in 4 seriën van f 1.000.000; uitgifte op 19 Jan. 1893. De overige seriën |
|
64642 |
dezer leening bestaan uit 3 pcts obligatiën. Bij vorenstaande emissiën |
|
64643 |
hadden de houders van aandeelen en oprichtersaandeelen den voorrang. |
|
64644 |
De drie leeningen werden alle à 99 pct. geëmitteerd. Obligatiën groot |
|
64645 |
f 1.000 ; c o up on s 1 Januari en 1 Juli. De aflossing geschiedt binnen |
|
64646 |
60 jaren, bij uitloting in October van } pet. van de bedragen der leeningen |
|
64647 |
per jaar, vermeerderd met de door de aflossing vrijvallende rentebedragen, |
|
64648 |
ter uitbetaling à pari op 2 Januari d.a.v. Alles behoudens vervroegde af- |
|
64649 |
lossing, waartoe de Maatschappij te allen tijde gerechtigd is. Uitstaande |
|
64650 |
bedragen : zie vorenstaande tabel. |
|
64651 |
1905 1906 1907 1908 1909 1910 1911 1912 1913 1914 |
|
64652 |
Hoogste koers 100g 99₴ 98 98@ 999 97% 952 932 90 90 |
|
64653 |
Laagste koers 97% 97 923 922 96% 94 92} 891 85} 87 |
|
64654 |
Koersen 1915: 844-788; 1916: 89%-784; 1917: 87@-82; 1918: 86-77. |
|
64655 |
1919: 798-70; 1920: 72-64}; 1921: 80g-71}; 1922: 778-71}; 1923: 818-69. |
|
64656 |
Mij. tot Expl. v. Staatsspoorwegen; 3} pcts. Leening |
|
64657 |
van 1898. Deze leening is uitgegeven in 5 seriën groot f 1.000.000, |
|
64658 |
waarvan de 3 laatste in 1900 (zie afzonderlijk hoofd). De seriën |
|
64659 |
1 en 2 werden uitgegeven op 1 en 12 Juli 1898 à 1004 pct. AflosH |
|
64660 |
sing door uitloting in 60 jaren, telkens in October van } pet. der leening |
|
64661 |
plus vrijgevallen rente. De eerste uitloting vond plaats in 1899. Deze |
|
64662 |
obligatiën waren tot 12 Aug. 1924 dooreen leverbaar met de stukken van |
|
64663 |
1890/1893 (boven afzonderlijk vermeld) doch hebben sedert aparte noteering. |
|
64664 |
Mij. tot Expl. v. Staatsspoorwegen; 3} pcts. leening |
|
64665 |
van 1900. Deze obligatiën vormen de seriën 3, 4 en 5 van de leening |
|
64666 |
van 1898 welke à 96} pct. werden uitgegeven op 18 April 1900, met voorrecht |
|
64667 |
van inschrijving voor aandeelhouders en oprichters. Obligatiën groot |
|
64668 |
f 1000 met coupons 1 April en 1 October; eveneens aflosbaar in 60 |
|
64669 |
jaar door jaarlijksche amortisatie van } pct., telkens vermeerderend met |
|
64670 |
de vrijgevallen rente uit de vroeger afgeloste bedragen. De uitlotingen |