Page 1133 in yearbook 1926

Page 1133 in yearbook 1926

Page Block

Scanned page

Yearbook Vol. Seq P.no Type Size File
1926 vanoss_1926_domestic 1133 1087 content 1389 × 2364 1926/46231

Blocks on this page 0

No blocks have been marked on this page.

Page content 79

The raw OCR output of this page, line by line.
32199 PETROLEUM-MAATSCHAPPIJEN. 1087
32200 ducten geeft dan in vroeger jaren. Een duidelijk voorbeeld hiervan geeft de benzine
32201 te zien: in het algemeen kan men zeggen dat een zelfde aantal vaten zware ruwe
32202 olie thans wellicht tweemaal zooveel benzine oplevert als tien jaren geleden en
32203 dat zonder die merkwaardige verbetering der techniek, de benzine-prijzen aanmer-
32204 kelijk veel hooger hadden moeten zijn dan het geval is. Ook dit jaar bleek de
32205 scheepsruimte, waarover wij beschikten, ten volle berekend voor de eischen van
32206 onzen handel en ging onze vloot van tankbooten voort op alle wereldzeeën onze
32207 producten te vervoeren van de plaatsen van voortbrenging naar de tallooze opslag-
32208 installaties, die wij overal hebben opgericht. En ook ditmaal hielden wij niet
32209 slechts onze eigen schepen ten volle in de vaart, doch namen wij daarenboven nog
32210 aanzienlijke tonnenmaat in de vrije markt in „charter". Over het algemeen gaven
32211 de tankvrachten eene niet onbelangrijke daling te zien. Wel was er gedurende een
32212 deel van het jaar goede vraag naar tankbooten in verband met de verscheping
32213 van groote hoeveelheden olie in bulk uit Californië naar de Oostelijke havens van
32214 Amerika, waarvan echter alleen de eigenaren van schepen onder Amerikaansche
32215 vlag konden profiteeren, omdat de kustvaart in Amerika voor andere schepen ver-
32216 boden is. Verschillende van onze oude schepen hebben wij in den loop van 1924
32217 verkocht en in de tweede helft van dat jaar gaven wij opdracht tot den bouw van
32218 6 nieuwe motor-tankschepen, elk van plm 10.000 ton laadvermogen. Ook gingen wij
32219 voort het bouwprogramma voor de vloot van de Curacaosche Scheepvaart Maat-
32220 schappij af. te werken en op het einde van het jaar hadden wij nieuwe schepen op
32221 stapel staan tot een gezamenlijke grootte van plm. 80.000 ton. Op 31 December had
32222 onze groep de beschikking over iets meer dan 1.500.000 ton laadvermogen en in het
32223 geheele jaar heeft die vloot nagenoeg 11.200.000 ton lading over zee vervoerd. Gages
32224 en reperatie-kosten bleven nog betrekkelijk hoog, doch haast overal werden de
32225 herstellingen weer vlugger uitgevoerd, wat natuurlijk ten goede kwam aan het
32226 gebruik dat wij van onze schepen konden maken.
32227 Reeds in ons vorig jaarverslag werd melding gemaakt van de uitgifte van nieuw
32228 kapitaal, waartoe wij in Juli 1924 overgingen door voor de houders van 4 oude
32229 aandeelen de gelegenheid open te stellen om à pari in te schrijven voor 1 nieuw
32230 aandeel. Daardoor werd het geplaatst bedrag onzer aandeelen met f 80.364.000 ver-
32231 groot. Bovendien gaven wij een verder bedrag van f 630.000 nieuwe aandeelen uit
32232 voor ons deel in de overneming door onze groep van de groote meerderheid der
32233 aandeelen van de Oelwerke Stern Sonneborn A. G. te Hamburg, waarover hierachter
32234 meer. In Juli 1924 werd op rekening van de over dat jaar te verwachten winst
32235 reeds een interim-dividend van 10 pct. over het toen uitstaand kapitaal betaalbaar
32236 gesteld, en wij achten het een bevredigend resultaat, dat wij in staat zijn u voor
32237 te stellen om, afgezien van de gebruikelijke 4 pct. op de preferente- en 44 pct. op
32238 de prioriteitsaandeelen, thans nog 13 pct. over het tot f 402.451.000 vergroote gewone
32239 aandeelenkapitaal uit te keeren. Wij gaan thans over tot de beschouwing van
32240 eenige onderdeelen van ons bedrijf.
32241 Nederlandsch-Indië. Reeds in ong vorig jaarverslag moesten wij melding
32242 maken van het feit, dat het veel bestreden beginsel eener speciale aardolie-belasting
32243 ten slotte door de Kamers was aangenomen. Vele maanden later verscheen de
32244 Ordonnantie in het Indische Staatsblad. Zooals bekend, geldt de belasting slechts
32245 voor één jaar en treft zij de aardolie, welke in 1923 in Ned .- Indië is verwerkt of
32246 een andere bestemming heeft gevolgd. De bepalingen der Ordonnantie zijn uiterst
32247 ingewikkeld; wij hebben thang een aangifte gedaan en een voorloopigen aanslag
32248 ontvangen. Er zal vermoedelijk echter nog wel eenigen tijd overheen gaan eer het
32249 verschuldigde bedrag vaststaat. In verband met deze nieuwe belasting en overeen-
32250 komstig de door den Minister gedane toezegging, werden, door wijziging van de
32251 Indieche Tariefwet, de uitvoerrechten op aardolie en aardolie-producten afgeschaft
32252 en wel in het algemeen van 1 Januari 1923 af en wat producten van vreemden
32253 oorsprong betreft, van 1 Juli 1922 af. Aan het eveneens in ons vorig verslag reeds
32254 besproken voornemen der Indische Regeering om over te gaan tot invoering van
32255 een statistiek recht ad ¿ pct. naar de waarde van alle in Indie ingevoerde of
32256 uitgevoerde artikelen werd gevolg gegeven bij Ordonnantie Indisch Staatsblad 1924
32257 No. 517. Deze is intusschen nog niet in werking getreden. Voorts kunnen wij mel-
32258 ding maken van de aanstaande invoering van een z.g. vennootschapsbelasting ter
32259 vervanging van de inkomstenbelasting voer rechtspersonen. De ontwerpverordening
32260 komt neer op een proportioneele heffing der winst, ten bedrage van 10 pct., voor-
32261 loopig vermeerderd met 25 opcenten, dus tezamen 122 pct. van de winst. Een andere
32262 belasting, waarop bij de Indische begrooting van 1925 is gerekend, doch die nog
32263 niet is vastgesteld, is het z.g. „goederengeld", aangekondigd door een soort retri-
32264 butie voor het gebruik van Gouvernements haven-accomodatie. Noch het principe,
32265 noch de wijze waarop dit, naar verluidt, zal worden uitgewerkt, heeft hier te lande
32266 veel instemming kunnen vinden. In Indië bereidt men thans een ingrijpende wij-
32267 ziging voor in de Stoomvaart-ordonnantie. In het daarvan medegedeelde ontwerp
32268 zijn vele bepalingen opgenomen, die voor ons bedrijf uiterst bzwarend zouden zijn
32269 en ons zouden beletten vele daar thans gebruikte schepen verder voor de Indische
32270 vaart te benutten. Een onzer hoofd-ambtenaren is naar Indië gezonden om over
32271 deze aangelegenheid besprekingen met de autoriteiten te voeren en wij koesteren
32272 de hoop, dat daardoor de ergste bezwaren uit den weg mogen worden geruimd.
32273 Wat winning en bereiding betreft bracht 1924 geen feiten van zeer groote beteekenis,
32274 doch was het eerder een jaar, waarin talrijke verbeteringen van het bestaande
32275 tot stand werden gebracht In het bijzonder waren wij zeer actief op geologisch
32276 gebied en hebben nieuwe methoden bij het opsporen, boren en winnen der olie
32277 toegepast. Hoewel, zooals bekend is, de Indische Mijnwet sedert 1918 in het alge-