|
218 |
540 INDUSTRIEELE ONDERNEMINGEN. |
|
219 |
naar de directie ons mededeelde ondershands tot geheimen koers. De |
|
220 |
preferente aandeelen werden begin Januari 1914 gecreëerd en aan |
|
221 |
deelhebbers in het voorschot-syndicaat (op 31 December 1913 groot |
|
222 |
f 1.000.000) in betaling gegeven. Vanaf 18 Juni 1914 werden |
|
223 |
deze aandeelen aan de markt gebracht door Wiegman's Bank te |
|
224 |
Amsterdam tót den koers van 95 pct. Op 26 Januari 1917 stelden de |
|
225 |
heeren Patijn, Van Notten & Co. en Milders & Gleichman de inschrijving |
|
226 |
open op nog f 500.000 preferente aandeelen tot den koers van 1033 pct. incl. |
|
227 |
dividend 1917, waarna alle pref. aandeelen (1750 stuks) waren geplaatst. |
|
228 |
Voor het prospectus zie men aan het einde van Deel II, jaargang 1916/17. |
|
229 |
Winstverdeeling: Na afschrijvingen en reserves door den Raad |
|
230 |
van commissarissen te bepalen, waaronder echter minstens f 25.000 op |
|
231 |
concessies enz., eerst 6 pct. cumulatief aan houders van pref. aandeelen, |
|
232 |
vervolgens 6 pct. cumulatief aan houders van gewone aandeelen; daarna |
|
233 |
aan pref. en gewone aandeelhouders gelijkelijk voor zooveel mogelijk een |
|
234 |
verder dividend van 1 pct. Het daarna resteerende wordt verdeeld als |
|
235 |
volgt: 10 pct. aan commissarissen, 12} pct. directie, 73 pct. gedelegeerde |
|
236 |
in Ned .- Indië, 70 pct ter beschikking der algemeene vergadering, hetzij |
|
237 |
tot storting geheel of gedeeltelijk in het reservefonds, hetzij tot gelijk- |
|
238 |
matige verhooging van het dividend op preferente en gewone aan- |
|
239 |
deelen. Tot volledige betaling van uitgevoerde werken en tot uit- |
|
240 |
breiding daarvan gaf de maatschappij in Januari 1914 eene 6 pct. |
|
241 |
obligatieleening uit, groot f 1.000.000. Op 27 Januari 1914 stond bij Wieg- |
|
242 |
man's Bank te A'dam à pari de inschrijving open op f 750.000 dezer 6 pct. |
|
243 |
obligatiën 1914, groot f 1000 (splitsbaar in stukken van f 500, |
|
244 |
gemerkt A en B) met coupons per 1 April en 1 October. |
|
245 |
De resteerende f 250.000 dezer obligatiën zijn vanaf 15 October 1917 |
|
246 |
o.a. door de heeren Patijn Van Notten & Co. en in Ned .- Indie |
|
247 |
door de Unie Bank voor Ned. en Kol. verkrijgbaar gesteld tot den koers |
|
248 |
van 103 pct. Uitstaand bedrag: zie balans. Aflossing in 32 |
|
249 |
jaren op de volgende basis: in 1916: 13 obligatiën à f 1000, in 1917- |
|
250 |
1947 respectievelijk 13, 14, 15, 16, 17, 19, 19, 20, 20, 21, 23, 24, 25, 27, |
|
251 |
28, 28, 30, 32 34, 36, 37, 39, 41, 43, 45, 47, 49, 52, 55, 59 en 59 obligatiën. |
|
252 |
Dooreenleverbaar met de andere 6 pct. leeningen. De leening werd |
|
253 |
31 Dec. 1925 vervroegd afgelost. 6 pct. obligatieieening 1919, |
|
254 |
groot f 1.000.000, waarvan voorloopig f 500.000 werden uitgegeven. in |
|
255 |
stukken groot f 1000 (splitsbaar in stukken van f 500, gemerkt A en B) |
|
256 |
met coupons per 1 April en 1 October; van deze leening werd f 200.000 |
|
257 |
ondershands geplaatst, f 150.000 bij inschrijving in Indië terwijl op 25 |
|
258 |
Februari 1919 o.a. bij Patijn van Notten & Co., Amsterdam, de in- |
|
259 |
schrijving openstond op nog f 150.000. Deze drie uitgiften vonden |
|
260 |
plaats à 101 pct. De begin September 1920 nog in portefeuille |
|
261 |
zijnde f 492.000 obligatiën werden op 23 September 1920 geëmitteerd à 95 pct. |
|
262 |
door de Nederl. Ind. Handelsbank. Zie het prospectus aan het einde van |
|
263 |
deel I, jaarg. 1921. Aflossing à pari in 28 jaren op de volgende basis: in |
|
264 |
1920 tot en met 1947 respectievelijk 17, 19, 21, 21, 22, 22, 23, 25, |
|
265 |
26, 27, 29, 30, 30, 32, 34, 36, 38, 39, 41, 43, 45, 47, 49, 51, 54, 57, 61 en |
|
266 |
61 obligaties à f 1000. Uitstaand bedrag: zie balans. Deze 6 pct. stukken |
|
267 |
zijn dooreenleverbaar met de 6 pct. leeningen van 1914 en 1922. De 6 pct. |
|
268 |
leeningen werden 31 December 1925 vervroegd afgelost. In April |
|
269 |
1922 deelde de directie mede dat ondeishands geplaatst waren f 500.000 |