|
56025 |
1486 DIVERSE CULTUUR-ONDERNEMINGEN. |
|
56026 |
voor rekening der houders op 4 Maart 1912 ten kantore der Heeren Gebr. |
|
56027 |
Boissevain en Dunlop & Co. de inschrijving open tot den koers van 170 pct. |
|
56028 |
(incl. 'dividend 1911). In October 1912 werd voor f 251 000 aandeelen deel- |
|
56029 |
genomen in de toen opgerichte Houtaankap Mpij. ,,Noord-Si-Maloer", |
|
56030 |
waarvan de directie aan de Nederlandsch-Indische Houtaankap Mpij. werd |
|
56031 |
opgedragen. In Maart 1915 werd het kapitaal op geautoriseerd f 4.800.000 |
|
56032 |
gebracht. In November van dat jaar werden f 600.000 on'derhands ge- |
|
56033 |
plaatst, waarna derhalve f 3.000.000 uitstaande was. In 1916 werden de |
|
56034 |
concessies der Seliman Land-, Hout- en Bosch Exploit. Mpij. verkregen |
|
56035 |
grootendeels voor nominaal f 348.000 aandeelen. Uithoofde van de trans- |
|
56036 |
actie met de Houtaankap Maatschappij „Noord-Simaloer" (zie jaargang |
|
56037 |
1920, deel I) werden f 186.600 aandeelen afgegeven, terwijl in den loop van |
|
56038 |
1917 een verder bedrag van f 65.400 ondershands werd geplaatst, waardoor |
|
56039 |
het uitstaande kapitaal op f 3.600.000 werd gebracht. Gelijk hiervoor reeds |
|
56040 |
vermeld is de Noord-Si-Maloer geliquideerd en kreeg de Ned. Ind. Hout- |
|
56041 |
aankap Mpij. uit de liquidatie 201 harer eigen aandeelen terug, welke |
|
56042 |
tegen den koers van 31 Dec. 1922 onder het hoofd „effecten" met f 3618 |
|
56043 |
op de balans per 31 Dec. 1922 voorkwamen. Op die per ultimo 1923 zijn |
|
56044 |
zij als aand. in portefeuille (f 120.600) vermeld, tengevolge waarvan op |
|
56045 |
de verlies- en winstrekening een creditpost van f 116.982 ontstond. Van |
|
56046 |
de 6000 op boven aangegeven wijze geplaatste aandeelen groot |
|
56047 |
f 600 vervielen de terugontvangen 201 stuks nos. 5700-5789 en 5890-6000 |
|
56048 |
28 Oct. 1922 uit de off. not. Winstverdeeling: Eerst 5 pct. over het |
|
56049 |
aandeelenkapitaal, en verder 10 pct. aan commissarissen, 10 pct. aan de |
|
56050 |
directie, 10 pct. aan het reservefonds en het restant aan aandeelhouders. |
|
56051 |
Dividenden 1895: 3 pct. (no. 1), 1896-1906: nihil; 1907-1916: 73, 8, 8, |
|
56052 |
12, 12, 12, 12, 12, 8 en 8 pct. (no. 11); sedert: nihil. |
|
56053 |
6 pct. 5-jarige obligatieleening 1917, groot f1.200.000, |
|
56054 |
in obligatiën groot f 1000, met coupons per 1 Mei en 1 Nov. (thans |
|
56055 |
zonder coupons). De leening moest op 1 Nov. 1922 in |
|
56056 |
haar geheel à pari worden afgelost. Deze afl. werd |
|
56057 |
echter voorloopig opgeschort; men leze de mede- |
|
56058 |
deelingen omtrent opschorting der verplichte |
|
56059 |
rentebetaling en aflossing in de kleine letter. |
|
56060 |
Trustee: Centrale Trust Co. Op 5 November 1917 heeft bij Gebr. |
|
56061 |
Boissevain en Dunlop & Co. de inschrijving op deze leening opengestaan |
|
56062 |
tot den koers van 100 pct., met voorkeursrecht voor houders van 4 pct. |
|
56063 |
oblig. 1911, wier aanbiedingen bij den hieronder genoemden inkoop van |
|
56064 |
4 pct. obl. aanvaard zijn. Uit de opbrengst der 6 pct. leening werd |
|
56065 |
maximum f 500.000 aangewend voor aflossing van 4 pct. obligatiën 1911, een |
|
56066 |
tweede f 500.000 diende als storting op een gelijk bedrag aandeelen der |
|
56067 |
Vereenigde Javasche Houthandel Maatschappijen, terwijl het restant |
|
56068 |
voor versterking der kasmiddelen diende. 5 pct. obligatie- |
|
56069 |
leening 1916, groot f 1.800.000, verdeeld in obligatiën groot f 1000, |
|
56070 |
met coupons per 1 Maart en 1 September, waarvan 'de eerste 1 Maart 1917 |
|
56071 |
verviel. Aflosbaar door uitloting à pari in 25 jaren, overeenkomstig |
|
56072 |
het volgende aflossingsplan : |
|
56073 |
1920-1944: 37, 40, 41, 44, 46, 48, 51, 53, 55, 59, 61, 65, 68, 71, 74, 79, 82, 86, 91, |
|
56074 |
96, 100, 105, 110, 116 en 122 stuks. |
|
56075 |
Recht tot versterkte of geheele aflossing na 1 Maart 1922. Uitloting |
|
56076 |
in Januari, aan te vangen in 1920, ter aflossing op 1 Maart d.a.v. |