|
67956 |
1690 SPOORWEGFONDSEN. |
|
67957 |
op 3 Maart 1908 met voorkeursrecht voor aandeelhouders en houders van |
|
67958 |
oprichtersbewijzen, tot den koers van 100 pct. opengesteld. De |
|
67959 |
overige seriën dezer leening bestaan uit 3} pct. obligatiën, uitgegeven in |
|
67960 |
1909 (zie aldaar). Op 15 Maart 1911 stond de inschrijving open op |
|
67961 |
f 8.000.000 (1e-8e serie) der leening 1911, groot f 15.000.000, à 1004 pct .; |
|
67962 |
in Januari 1913 werden de seriën 9-15 uitgegeven à 97} pct. Aandeel- |
|
67963 |
houders en oprichters hadden telkens recht van voorkeur. De obli- |
|
67964 |
gatiën dezer leeningen zijn dooréén leverbaar. Obligatiën groot |
|
67965 |
f 1000; coupons 1 Jan. en 1 Juli. Jaarlijksche aflossing |
|
67966 |
à pari in 60 jaren en wel: leening 1901, begonnen 1902 met f 34.000, |
|
67967 |
leening 1902, begonnen 1903 met f 30.000, leening 1908 begonnen 1909 met |
|
67968 |
f 34.000, leening 1911, begonnen 1912 met f 34000 en leening 1913 begonnen |
|
67969 |
1914 met f 30.000 per jaar, telkens vermeerderd met door aflossing vrij- |
|
67970 |
gevallen rente. Loting telkens in October ter aflossing vanaf 1 Januari |
|
67971 |
d.a.v. Geheele of gedeeltelijke aflossing van al deze leeningen te allen |
|
67972 |
tijde à pari toegestaan. Bij naasting door den Staat is deze be- |
|
67973 |
voegd zich in de plaats der Maatschappij te stellen. Voor de uitstaande |
|
67974 |
bedragen der diverse leeningen zie men de tabel „Specificatie Obligatie- |
|
67975 |
schuld". |
|
67976 |
1905 1906 1907 1908 1909 1910 1911 1912 1913 19 |
|
67977 |
Hoogste koers 104g 104} 103 103% 103@ 1033 101} 100% 98 98% |
|
67978 |
Laagste koers 1023 1018 100 100 1012 100% 100% 98 94 94 |
|
67979 |
Koersen 1915: 942-86@; 1916: 983-86}; 1917: 953-90; 1918: 928-80. |
|
67980 |
1919: 854-76; 1920: 76-65; 1921: 843-75]; 1922: 82-752; 1923: 854-72}. |
|
67981 |
1924: 83-70}; 1925: 942-81}. |
|
67982 |
Mpij. tot Exploit. van Staatsspoorwegen. 4 pcts. |
|
67983 |
obligatiën van 1903 en van 1907. De leening van 1903 |
|
67984 |
wordt gevormd door de serien 1-8 ad f 1.000.000 elk der leening groot |
|
67985 |
f 15.000.000, uitgegeven 1 April 1903 à 101 pct. (De resteerende f 7.000.000 dezer |
|
67986 |
leening, werden d.d. 1 Maart 1905 als 3} pets. obligatiën uitgegeven). De lee- |
|
67987 |
ning van 1 April 1907 wordt gevormd door de seriën 7-15 (de seriën 1-6 zijn |
|
67988 |
in 1906 als 3} pets. obligatiën uitgegeven), der leening van f 15.000.000 tot |
|
67989 |
welker uitgifte de op 21 Juni 1905 gehouden vergadering van aandeelhou- |
|
67990 |
ders besloot. De inschrijving op deze f 9.000.000 was op 13 Maart 1907 |
|
67991 |
tot den koers van 100} pct. opengesteld. Obligatiën groot |
|
67992 |
f 1000 met coupons 1 April en 1 October. Aflossing à pari in |
|
67993 |
60 jaar door jaarlijksche uitlotingen in October, ter betaling op 1 April |
|
67994 |
d.a.v. Jaarlijksche aflossing der obligatiën 1903 voor het eerst in 1904 |
|
67995 |
ad f 34.000 en der obligatiën 1907 voor het eerst in 1908 ad f 38.000, ver- |
|
67996 |
meerderd met de vrijgevallen rente uit de vroeger afgeloste bedragen. |
|
67997 |
De Maatschappij behoudt zich het recht voor alle of een deel der nog uit- |
|
67998 |
staande obligatiën te allen tijde à pari af te lossen. Voor de uitstaande |
|
67999 |
bedragen zie men de tabel „Specificatie Obligatieschuld". |
|
68000 |
1905 1906 1907 1908 1909 1910 1911 1912 1913 1914 |
|
68001 |
Hoogste koers 104@ 104} 103 1032 1032 1032 1018 1002 98 98% |
|
68002 |
Laagste koers 1023 1018 100 100 1012 100% 100% 982 94 941 |
|
68003 |
Koersen 1915: 941-87%; 1916: 983-87; 1917: 96-899; 1918: 91-80 |
|
68004 |
1919: 85-76; 1920: 763-65; 1921: 848-75}; 1922: 82-76; 1923: 853-72]. |
|
68005 |
1924: 83-70%; 1925: 944-81}. |
|
68006 |
Mij. tot Expl. v. Staatsspoorwegen. 4 pct. leening |
|
68007 |
van 1923, groot f 3.843.600 en verdeeld in 3203 obligatiën groot f 1200. |
|
68008 |
De leening is evenals de 42 pct. leening 1923 ontstaan door omwisseling |