|
686 |
INDUSTRIEELE ONDERNEMINGEN. 549 |
|
687 |
f 1.140 000 gewone aandeelen; het werd in Mei 1922 gebracht op f 5.000.000, |
|
688 |
verdeeld in f 3.000.000 gewone aandeelen groot f 1000, waar- |
|
689 |
van geplaatst f 1.500.000 en f 2.000.000 preferente aandeelen, ongeplaatst, |
|
690 |
waarvan de rechten bij uitgifte zullen worden bepaald. Nadat bij |
|
691 |
de oprichting 360 preferente en 390 gewone aandeelen waren afgegeven |
|
692 |
en vervolgens in 1915 nog 50 gewone aandeelen waren geplaatst, stond op |
|
693 |
7 Juni 1917 op nog 400 stuks dier aandeelen bij de Rotterdamsche Bank- |
|
694 |
vereeniging de inschrijving open tot den koers van 108 pct. en incl. dividend |
|
695 |
1917. Blijkens het verslag over 1919 werden in dat jaar nog f 300.000 |
|
696 |
gewone aandeelen geplaatst en wel door overname en bloc door de |
|
697 |
Rotterdamsche Bankvereeniging. De prijs van overname werd niet |
|
698 |
vermeld; de aandeelen deelden in het dividend over 1919. |
|
699 |
Bovenvermelde f 360.000 cum. pref. aandeelen werden bij de statuten- |
|
700 |
wijziging van Mei 1922 verklaard voortaan te gelden als gewone aandeelen. |
|
701 |
hetwelk door overstempeling op de mantels is aangegeven. De nos. 1-360 |
|
702 |
zijn gewijzigd in nos. 1141-1500 en de dividendbladen voor die van gewone |
|
703 |
aand. omgewisseld. Winstverdeeling: eerst het bij de uitgifte |
|
704 |
vastgestelde vaste, eventueel cumulatieve, dividend aan pref. aand., daarna |
|
705 |
5 pct. aan de gewone aandeelen; van het restant minstens 10 pct. aan het |
|
706 |
reservefonds, 10 pct. aan commissarissen, 30 pct. aan de directie en het |
|
707 |
restant aan gewone aandeelhouders en indien pref. winstd. aandeelen zijn |
|
708 |
uitgegeven, het gedeelte aan die aandeelen als bij uitgifte bepaald. Zoodra |
|
709 |
en zoolang het reservefonds f 500.000 bedraagt, vervalt de verplichte |
|
710 |
bijdrage aan dit fonds. Met het alsdan vrijvallende deel der |
|
711 |
winst kan de algemeene vergadering naar goedvinden handelen. Divi- |
|
712 |
denden verjaren na 5 jaar. Dividend pref. aandeelen 1912 |
|
713 |
-1921: telkens 5 pct .; gew. aand. 1912-1922: 0, 6, 6, 6, 8, 8, 8, 8, 8, 8 |
|
714 |
en 8 pct. ; sedert nihil. Op 28 Juni 1912 was, ten kantore van de Rotterdam- |
|
715 |
sche Bankvereen., de H.H. Determeyer Weslingh & Zoon, Nationale Bank |
|
716 |
en de Bank van Huydecoper & Van Dielen, à 99 pct. de inschrijving openge- |
|
717 |
steld op f 750.000 5 pcts. eerste hypothecaire obligatiën, |
|
718 |
groot f 1000, met coupons per 2 Jan. en 1 Juli en eerste verband |
|
719 |
op alle onroerende goederen. Aflossing der leening geschiedt à pari, |
|
720 |
door uitloting, in 30 achtereenvolgende jaren; recht tot meerdere of |
|
721 |
geheele aflossing à 1023 pct. te allen tijde voorbehouden; uitlotingen in |
|
722 |
Mei, voor het eerst in 1913, betaalbaar 1 Juli d.a.v. Uitlotingen in de |
|
723 |
jaren 1923-1932: 19, 19, 20, 22, 22, 24, 24, 26, 27 en 29 stuks. Trustee: |
|
724 |
de Rotterdamsche Bankvereeniging. De opbrengst der leening diende |
|
725 |
voor aflossing der bestaande hypotheken en credieten en uitbreiding der |
|
726 |
bedrijfsmiddelen. Voor uitstaand bedrag, zie men de balans. Direc- |
|
727 |
tie: P. J. A. Hoefnagels, L. W. H. Hoefnagels en Ir. A. W. van Berkel. |
|
728 |
Commissarissen: Mr. H. J. Knottenbelt, R Bruns en A. Gips. |
|
729 |
Adres: Rotterdam, Kleiweg 221. |
|
730 |
Koersen der obligatiën, 1912: 992-97}; 1913: 991-99; 1914: 994-987; 1915: geen koers; |
|
731 |
1916: 998-93}; 1917: 1012-98; 1918: 1012-96]; 1919: 100-92}; |
|
732 |
1920: 106-89; 1921: 891-79; 1922: 842-75; 1923: 883-80; 1924: 92-80; 1925: 954-88. |