|
32772 |
1084 PETROLEUM-MAATSCHAPPIJEN. |
|
32773 |
Liquidatie. In 1921 werd tegen de I. O. O. C. een actie tot schadevergoeding |
|
32774 |
ingesteld wegens het in gebreke blijven in het vervullen harer contractueele ver- |
|
32775 |
plichtingen tot het leveren van grondstoffen. Volgens het verslag over 1925 is de |
|
32776 |
positie der Mpij. in dit proces op zich zelf betrekkelijk gunstig, toch zal de afloop |
|
32777 |
„hoogstwaarschijnlijk niet zodanige financieele voordeelen opleveren, dat onze |
|
32778 |
mpij., na afdoening harer schulden een voldoend bedrag zal overhouden om daar- |
|
32779 |
mede haar bedrijf op een behoorlijken voet te blijven uitoefenen". Deze omstan- |
|
32780 |
digheid, alsmede het feit dat de laatste jaren geregeld met verlies gewerkt werd, |
|
32781 |
gevoegd bij de onmogelijkheid om in het gebrek aan bedrijfskapitaal te voorzien, |
|
32782 |
deed de algemeene vergadering van aandeelhouders op 23 October 1926 besluiten |
|
32783 |
de Mpij. te liquideeren. |
|
32784 |
Op de A. V. van 18 Juni 1927 werd de winst- en verliesrekening per 31 Mei 1927 en |
|
32785 |
de balans per 1 Juni 1927 goedgekeurd. Hoewel uit deze bescheiden bleek, dat het |
|
32786 |
proces tegen de Interocean Oil Company te New-York door een compromis werd |
|
32787 |
geëindigd en de afrekening daarvan ten gunste der winst- en verliesrekening is |
|
32788 |
gebracht, wees deze per resto toch een verlies aan van ruim f 76.000. In de vergade- |
|
32789 |
ring werd vervolgens een bod op de fabrieksinstallatie, dat ver boven de taxatiën |
|
32790 |
van twee ter zake in den lande zeer bekende beëedigde makelaars was, aangenomen. |
|
32791 |
Dit bod omvatte bovendien de overneming en voortzetting van alle nog loopende en |
|
32792 |
voortdurende verplichtingen, derhalve ook van de pachts -en erfpachtscontracten der |
|
32793 |
twee terreinen. Door het aannemen van dit bod stelden de liquiditeiten der balans |
|
32794 |
zich op ca. f 205.000, waartegenover een crediteurenschuld voorkomt van ca. f 219.000. |
|
32795 |
Uit een en ander bleek, dat na betaling van de schulden der maatschappij, die niet |
|
32796 |
geheel voldaan kunnen worden, voor aandeelhouders niets ter verdeeling overblijft. |
|
32797 |
De liquidatie-rekening werd goedgekeurd en een commissie van twee aandeelhouders |
|
32798 |
benoemd om, na afwikkeling met crediteuren, de eindrekening na te zien en liqui- |
|
32799 |
dateuren te dechargeeren. |
|
32800 |
Eenige mededeelingen uit het prospectus omtrent de I. O. O. C.1) |
|
32801 |
De I. O. O. C. is een z.g. „private Company". De door de I. O. O. C. gecontroleerde |
|
32802 |
scheepvaart-maatschappij, de Inter Ocean Transport Company, heeft de beschikking |
|
32803 |
over 14 tankechepen. De Maatschappij heeft de schepen niet in eigendom, doch |
|
32804 |
gecharterd De I. O. O. C. bezit door en in de U. S. Asphalt Refining Cy., eene |
|
32805 |
raffinadearij te Baltimore, volgens welker voorbeeld de onderneming te Vlissingen |
|
32806 |
gebouwd, ingericht en gedreven zal worden. Het contract met de I. O. O. C. verplicht |
|
32807 |
haar tot het navolgende: Het leveren van de ruwe petroleum, voor zoover benodigd |
|
32808 |
door de Vlissingsche fabriek en wel op zoodanige wijze en tijdstippen als met de |
|
32809 |
behoeften dezer fabriek overeenstemt. Afgescheiden van het eerste bouwjaar, waar- |
|
32810 |
voor bijzondere regelingen getroffen zijn, zal de I. O. O. C. onder normale restricties |
|
32811 |
het recht hebben om tenminste 125000 vaten ruwe olie te leveren en verplicht kunnen |
|
32812 |
worden tot levering van ten hoogste 300000 vaten. Overal waar hier sprake is van |
|
32813 |
vaten wordt daaronder verstaan vaten van 42 Amerikaansche Gallons, d.i. 159.18 Liter |
|
32814 |
inhoud. De aankoopprijs der petroleum zal bedragen $ 2 .- per vat c. i. f. Vlissin- |
|
32815 |
gen. Bovendien zal de I. O. O. O. al hare tegenwoordige en toekomstige patenten |
|
32816 |
en procédés aan de Nederlandsche Maatschappij moeten bekend maken en heeft |
|
32817 |
deze het recht ze vrijelijk en zonder eenige vergoeding toe te passen. Deze ver- |
|
32818 |
plichting is wederzijdsch en dus ook bindend voor de Nederlandsche Maatschappij, |
|
32819 |
zoo deze in de toekomst patenten mocht verwerven of procédés uitvinden. Het |
|
32820 |
contract is voor de I. O. O. C. bindend voor den tijd van minstens 10 achtereen- |
|
32821 |
volgende jaren. Daarentegen heeft de Ned. Mpij. eenerzijds de bevoegdheid om na |
|
32822 |
afloop van de eerste 3 jaar, met zes maanden aanzegging vooraf, het contract |
|
32823 |
met 7 jaar te verlengen en anderzijds de vrijheid om na de eerste 3 jaar het |
|
32824 |
contract te beëindigen en zoo zij dit dienstig acht met anderen te contracteeren |
|
32825 |
voor de door haar benodigde grondstoffen. De condities waarop dit contract is |
|
32826 |
aangegaan bepaalden dat de I. O. O. C. verkreeg: a. 375 stuks aandeelen à / 1000 |
|
32827 |
nom. elk; b. het grootste gedeelte der Winstbewijzen waarvan echter 1250 stuks |
|
32828 |
beschikbaar bleven voor verdeeling onder de houders der f 625.000 aandeelen. Aan |
|
32829 |
contanten ontving zij nieta. |
|
32830 |
1) Naar aanleiding van de door ons gepubliceerde mededeelingen betreffende de |
|
32831 |
I. O. O. C. deelde de Directie der Ned. Petr. en Asph. Mpij. ons mede: „Door den |
|
32832 |
„oorlog heeft de I. O. O. C. gemeend niet aan hare verplichtingen behoeven te |
|
32833 |
„voldoen. Wij hebben van stonde af aan getracht haar van het tegendeel te over- |
|
32834 |
„reden, met het gevolg dat wij te dien aanzien nog steeds in dispuut zijn. Onze |
|
32835 |
„mpij. heeft zich er in dien tusschentijd, ten aanzien van haar bedrijf, op toege- |
|
32836 |
„legd, om in de lijnen van het oorspronkelijk project door te werken." (Zie echter |
|
32837 |
omtrent liquidatiebesluit hierboven. Red.) |
|
32838 |
Koersen 1919: 100-50; 1920: 704-38; 1921: 513-40%; 1922: 15-5; 1923: 28-5. |
|
32839 |
1924: 33-13}; 1925: 37-20}; 1926: 383-4; 1927: 88-3. |