Scanned page
| Yearbook | Vol. | Seq | P.no | Type | Size | File |
|---|---|---|---|---|---|---|
| 1930 | vanoss_1930_domestic |
1072 | 1022 | content | 1354 × 2358 | 1930/60317 |
Blocks on this page 1
Company header
Oost-Borneo-Maatschappij
Main
Page content 59
| 28393 | 1022 MIJNBOUW-MAATSCHAPPIJ. |
| 28394 | de toekomst uit de bedrijfsinkomsten te dekken, afgezien nog van de rente op de |
| 28395 | obligatieleening. Onder deze omstandigheden moest het bestuur wel telkens de |
| 28396 | vraag onder de oogen zien, of het niet meer in het belang der obligatie-houders |
| 28397 | zou zijn, het geld, dat thans moet worden opgenomen om de rente op de obligatie- |
| 28398 | leening te betalen, aan te wenden voor kapitaalsuitgaven, die een vergrooting der |
| 28399 | productie en een verlaging van den kostprijs - en dus een belangrijke versterking |
| 28400 | van de positie der onderneming - kunnen teweeg brengen. O.schoon het bestuur |
| 28401 | geen enkelen waarborg kan geven, dat dit voor de toekomst zoo zal blijven, is het |
| 28402 | toch van oordeel, dat deze vraag op het oogenblik (Nov. 1928 Red. E. B.) nog ont- |
| 28403 | kennend moet worden beantwoord, omdat, ondanks alle moeiijkheden en tegen- |
| 28404 | slagen de productie regelmatig stijgt en de afzetmoeilijkheden voorshands overwon- |
| 28405 | nem schijnen. Het heeft dan ook besloten voorlopig op den |
| 28406 | steeds gevolgden weg voort te gaan en in 1929 de rente |
| 28407 | der obligatieleening te doen betalen. Het bestuur koestert |
| 28408 | daarbij de hoop, dat het er in zal slagen, een reorganisatie der maatschappij door |
| 28409 | te zetten, zij het ook met zware offers van de aandeelhouders, die het mogelijk zał |
| 28410 | maken om over dit boekjaar of in elk geval over het volgende weer tot openbaar- |
| 28411 | making van hare verslagen over te gaan, zonder dat deze een verkeerden indruk |
| 28412 | kennend moet worden beantwoord, omdat, ondanks alle moeilijkheden en tegen- |
| 28413 | zoude wekken in den zin, als hierboven bedoeld. Op de vergadering van obligatie- |
| 28414 | houders van 25 Nov. 1929 werd medegedeeld dat het reorganisatievoorstel nog |
| 28415 | niet geheel gereed was. Een toezegging dat in het plan niet aan de rente der |
| 28416 | obligatiehouders zal worden getornd, kon niet worden gedaan. |
| 28417 | Oost-Borneo-Maatschappij, te Amsterdam. Opgericht 29 |
| 28418 | Maart 1897. Duur tot 28 Maart 1972. D o el: Het drijven van mijnont- |
| 28419 | ginningen, landbouwbedrijf en industrieele ondernemingen enz. Omtrent |
| 28420 | de geschiedenis der mpij. zie men het laatst den jaargang 1909. In 1904 |
| 28421 | werd de diepbouw-exploitatie gestaakt, en begon de mpij. zich meer be- |
| 28422 | paaldelijk met de exploitatie van de petroleum-bronnen op hare concessie- |
| 28423 | terreinen bezig te houden (zie jaarg. 1906 en 1907). Sedert 1919 neemt |
| 28424 | de kolenmijnexploitatie weer een belangrijker plaats in. Voor het kolen- |
| 28425 | transport werd in Dec. 1928 een vervoercontract afgesloten met de Kon. |
| 28426 | Paketvaart Mpij., welke tevens het stoomschip „Adriaan Stoop" dat door |
| 28427 | de O.B. in 1923 was gekocht, overnam. De boekwinst ad f 231.892 |
| 28428 | werd voor extra afschrijving aangewend. Exploitatie-over- |
| 28429 | eenkomst met de „Koninklijke“. De maatschappij sloot in |
| 28430 | 1902 met 'de „Koninklijke“ een exploitatiecontract, volgens hetwelk door |
| 28431 | laatstgenoemde aan de Oost Borneo Maatschappij voor de eerste honderd |
| 28432 | duizend ton ruwe olie op hare concessies Moeara en Pelarang |
| 28433 | gewonnen, een royalty zou worden uitgekeerd van f 4.25 per ton, |
| 28434 | terwijl vervolgens de cijns f 1.25 per ton gewonnen olie zou be- |
| 28435 | dragen. Nadat de exploitatie gedurende 1905 51.392 ton had opgele- |
| 28436 | verd, waren inclusief de productie der voorgaande 3 jaren de eerste 100.000 |
| 28437 | ton petroleum bereikt, en ontvangt de mpij. dus voor het verdere product |
| 28438 | (in 1905 nog 12.970 ton) een royalty van f 1.25 per ton. De concessies wer- |
| 28439 | den op de Koninklijke overgeschreven. Aan den oorspronkelijk |
| 28440 | rechthebbende der vergunningen, den heer W. de Jongh Dzn., werd |
| 28441 | tot en met 1922 5 pct. van de royalty opbrengst der olie, verkregen uit de |
| 28442 | door hem ingebrachte concessie-terreinen, uitgekeerd. Behalve de beide |
| 28443 | genoemde petroleumconcessies, bezat de mpij. aanvankelijk de steenkolen- |
| 28444 | concessie Batoe Panggal, waarvan de lagen voor zoover verkend reeds |
| 28445 | 12 millioen ton steenkolen bevatten; ulto 1919 werden haar nog verleend |
| 28446 | de steenkolen-concessies Boesang en Sigian en begin 1920 Leah-Lemas en |
| 28447 | Batoe-Bebal; al deze concessies zijn gelegen aan de Mahakamrivier Begin |
| 28448 | 1922 werden verkregen de petroleum- en gasconcessies Kari Orang en Sem- |
| 28449 | boeloe bij Sangkoelirangbaai, voor welke twee concessies royaltycontracten |
| 28450 | liepen met de Nederl. Kol. Petr. Mpij. Van deze mpij. werden begin 1923 |
| 28451 | nog overgenomen de steenkolenconcessies B. Oetak en S Pinang aan de |