|
19977 |
INDUSTRIEELE ONDERNEMINGEN. 867 |
|
19978 |
pref. aand. gecreëerd werden. Erwas één winstbewijs uitgegeven, dat |
|
19979 |
echter met f 135.000 uit de winst van 1919 werd afgelost. Winstverdee- |
|
19980 |
ling: Sedert Sept. 1920: na afschrijvingen, personeels-tantièmes en reser- |
|
19981 |
ves, eerst 6 pct. cum. aan preferente aandeelhouders; van het overblij- |
|
19982 |
vende 6 pct. aan houders van gewone aand., over het op hun aand. gestort |
|
19983 |
kapitaal. Van het overschot 5 pct. aan commissarissen en 95 pct. aan aand .- |
|
19984 |
houders, in dier voege dat pref. aand.houders 1/5 pct. ontvangen tegen gew. |
|
19985 |
aand.houders 1 pct., totdat het superdividend op de pref. aand. 4 pct. be- |
|
19986 |
draagt, waarna het nog resteerende aan gewone aandeelh. ten goede komt |
|
19987 |
Dividenden verjaren na 5 jaar. Dividend gewone aan- |
|
19988 |
deelen nos. 1-1000 1918: oude aandeelen 13 pct., nieuwe aand, 8 pct .; |
|
19989 |
1919: nihil; 1920: 3 pct. (no. 4); 1921-1929: nihil; op de gewone aandeelen |
|
19990 |
nos. 1001-4000 vindt t.e.m. 1949 geen uitkeering plaats, zie hieromtrent de |
|
19991 |
mededeeling betreffende de plaatsing dezer aandeelen hierna. Dividend |
|
19992 |
6 pct. cum. pref. winstd. aandeelen 1919: 1} pct. (} div.) en |
|
19993 |
1920: 6 pct. (no. 1); 1921-1929: nihil, zoodat ulto 1929, 54 pct. achterstallig |
|
19994 |
was. Op 17 October 1919 stond bij de H.H. Patijn, van Notten & Co. |
|
19995 |
te Amsterdam e. a. de inschrijving open op f 500.000 6 pct. cumula- |
|
19996 |
tief preferente winstdeelende aandeelen, groot f 1000, |
|
19997 |
tot den koers van 100 pct., incl. ¿ dividend 1919. Zij werden 1 December |
|
19998 |
1920 in de officieele noteering te Amsterdam opgenomen; de gewone |
|
19999 |
aandeelen, groot f 1000, hadden reeds 2 November 1918, na |
|
20000 |
publicatie van een „Bericht", officieele noteering verkregen. Men zie |
|
20001 |
een prospectus aan het einde van deel I, jaarg. 1920. Begin December 1920 |
|
20002 |
werden nog f 3.000.000 gewone aandeelen ondershands door Philips Gloei- |
|
20003 |
lampenfabrieken te Eindhoven genomen. Van het benoodigde bedrag |
|
20004 |
kreeg Philips f 2.500.000 terug in den vorm van een leening zoodat Philips |
|
20005 |
f 500.000 netto stortte. Voor deze leening betaalt Philips evenveel |
|
20006 |
rente als er dividend op de gewone aandeelen Volt wordt uitge- |
|
20007 |
keerd met een maximum van 6 pct. De leening loopt t.e.m. 1949 en waar |
|
20008 |
Philips thans alle aandeelen 1001-4000 bezit, is van dividenduitkeering |
|
20009 |
daarop geen sprake. Bij hetzelfde contract waarbij bovengenoemde leening |
|
20010 |
werd geregeld, garandeert Philips ten behoeve van de gewone aan- |
|
20011 |
deelen Volt no. 1-1000 en van de uitstaande f 500.000 preferente aandeelen |
|
20012 |
een jaarlijksch minimum dividend van zooveel malen 1 pct. als de voor |
|
20013 |
aandeelhouders Philips ter verdeeling beschikbare winst, veelvouden van |
|
20014 |
f 500.000 bedraagt, met een maximum van 10 pct. voor de gewone en |
|
20015 |
6.8 pct. voor de pref. aandeelen. Een verschil van meening tusschen |
|
20016 |
partijen omtrent de strekking der dividendgaranties, die daarvóór alleen |
|
20017 |
aan insiders bekend was, was oorzaak, dat de aandeelen 1001-4000, die |
|
20018 |
aanvankelijk dooreenleverbaar waren met de oude aandeelen, op 8 Nov. |
|
20019 |
1921 afzonderlijke noteering verkregen. Waar Philips alle boven 1000 ge- |
|
20020 |
nummerde stukken terugkocht, zal handel ter beurze in deze stukken wel |
|
20021 |
niet meer plaats vinden. Zooals uit de kleine letter op pag. 888 van deel I |
|
20022 |
1926 blijkt, heeft Philips ook van de gewone aandeelen 1-1000 en de |
|
20023 |
500 preferente aandeelen, samen meer dan 1000 stuks, verkregen en wel |
|
20024 |
door uitgifte van f 1000 gewoon aandeel der N. V. „Gemeenschappelijk Bezit |
|
20025 |
van aan'deelen Philips' Gloeilampenfabrieken" plus f 110 contanten tegen |
|
20026 |
elke f 6000 gewone aandeelen „Volt" en door afgifte van 2 harer preferente |
|
20027 |
aandeelen en f 140 contanten, tegen elke f 3000 pref. aandeelen „Volt”. |
|
20028 |
„Philips“ had aan de verwisseling o.a. de voorwaarde verbonden dat het |