|
41848 |
SCHEEPVAART-MAATSCHAPPIJEN. 1227 |
|
41849 |
hypothecaire obligat ën zijn g r o o t f 350 en preferent voor hoofd- |
|
41850 |
som en rente op de verbonden onroerende goederen en schepen in gelij- |
|
41851 |
ken rang met de Nederlandsche credietgevers tot f 7.500.000 en de Engel- |
|
41852 |
sche Scheepsbouwers tot f 7.000.000, beide crediethypotheken. C o u p o n & |
|
41853 |
per 1 April en 1 Oct. Aflossing door uitloting à pari in 1930 f 140.350, |
|
41854 |
1931 f 145.950, 1932 f 151.900, 1933 f 157.850, 1934 f 164.500, 1935 f 170.800, |
|
41855 |
1936 f 177.450, 1937 f 184.800, 1938 f 192.150, 1939 f 200.200, 1940 f 207.550, |
|
41856 |
1941 f 216.300, 1942 f 224.700, 1943 f 234.150, 1944 f 242.900, 1945 f 253.050, |
|
41857 |
1946 f 262.850, 1947 f 273.700, 1948 f 284.550, 1949 f 295.750, 1950 f 307.650, |
|
41858 |
1951 f 319.900, 1952 f 332.850, 1953 f 346.150 en 1954 f 360.150. Loting in |
|
41859 |
de eerste helft van Sept. ter uitbetaling 1 October d.a.v. Vervroegde ge- |
|
41860 |
heele of gedeeltelijke aflossing à 102 pct. te allen tijde geoorloofd; 40. de |
|
41861 |
4 pct. 2e hypothecaire inkomstenobligatiën zijn groot |
|
41862 |
f 250 en preferent voor hoofdsom en rente nà de le hypothecaire cre- |
|
41863 |
diteuren. Tot en met 1930 kon nog geen rente op deze obligatiën worden |
|
41864 |
uitgekeerd. De rente zal slechts zijn verschuldigd zoodra |
|
41865 |
en voor zooverre blijkens de goedgekeurde Balans en W .- en V .- rekening |
|
41866 |
·over eenig afgeloopen boekjaar en nadat eventueel openstaan'd verlies over |
|
41867 |
vorige jaren is ingehaald, de helft van het overschot der exploitatiereke- |
|
41868 |
ning - zooals bedoeld in art. 9, al. 3 der overeenkomst van 10 Dec. 1923 tus- |
|
41869 |
schen den Staat en den Kon. Holl. Lloyd - daartoe toereikend is. Rente- |
|
41870 |
betaling geschiedt eventueel op 1 Juli van het loopende jaar of uiterlijk |
|
41871 |
3 weken na 'de Algemeene vergadering van aandeelhouders. Hetgeen |
|
41872 |
behalve (eventueel) deze helft, uit de exploitatie beschikbaar is, zal dienen |
|
41873 |
tot aflossing van voorschot en rente aan den Staat en de Stad Amsterdam. |
|
41874 |
Indien op deze wijze alles is terugbetaald en na afschrijving en reser- |
|
41875 |
veering door het Bestuur te bepalen, zal de rente op de 2e hyp. |
|
41876 |
obligaties worden voldaan voorzoover de exploitatierekening een over- |
|
41877 |
schot aanwijst, ook al is mogelijk openstaand verlies van vorige jaren niet |
|
41878 |
ingehaald. De „Reserve uit aflossing aan Staat en Gemeente" zal voor |
|
41879 |
zooverre over eenig jaar, waarin aan voornoemde reserve een bedrag |
|
41880 |
wordt toegevoegd, en de 4 pct. IIe Hyp. Ink .- obligaties, niet de volle 4 pct. |
|
41881 |
ontvangen, voor een bedrag, gelijk aan 't aan die 4 pct. ontbrekende, |
|
41882 |
eigendom worden van de gezamenlijke 4 pct. IIe Hyp. Ink .- obligaties |
|
41883 |
en aan hen worden uitgekeerd zoodra 'de overeenkomst tusschen den Lloyd |
|
41884 |
en den Staat geheel zal hebben opgehouden te gelden, onverschillig of de |
|
41885 |
hoofdsom der obligaties reeds eerder aflosbaar mocht zijn gesteld. Bij |
|
41886 |
aflossing wordt n.l. eventueel een bewijs uitgereikt dat recht geeft |
|
41887 |
op een evenredig deel van dat eigendom. Aflossing door uitloting |
|
41888 |
à pari in Mei ter uitbetaling op 1 Juli d.a.v., of indien de de Algem. Ver- |
|
41889 |
gadering nà 14 Juni plaats heeft, op een door de Trust vast te stellen |
|
41890 |
datum en wel in 1935 f 140.250, 1936 f 145.750, 1937 f 151.750, 1938 f 157.750, |
|
41891 |
1939 f 164.250, 1940 f 170.500, 1941 f 177.500, 1942 f 184.750, 1943 f 192.000, |
|
41892 |
1944 f 199.500, 1945 f 207.750, 1946 f 216.000, 1947 f 224.500, 1948 f 233.500, |
|
41893 |
1949 f 243.000, 1950 f 252.750, 1951 f 262.750, 1952 f 273.250, 1953 f 284.000 |
|
41894 |
en 1954 f 295.750. Vervroegde geheele of gedeeltelijke aflossing à 102 pct. |
|
41895 |
te allen tijde geoorloofd. Directrice: Comm. Venn. Wm. H. Müller |
|
41896 |
& Co. R'dam. Regeeringscommissaris: F. K. J. Heringa. |
|
41897 |
Commissarissen: H. C. Rehbock, Dr. C. J. K. van Aalst. B. Nier- |
|
41898 |
strasz, Dr. H. W. A. Deterding, J. F. De Beaufort, Mr. Dr. Ant. |
|
41899 |
van Gijn, J. F. van Hengel, Dr. A. G. Kröller, Mr. A. F. van Hall, J. M. |