|
66235 |
1642 SPOORWEGFONDSEN. |
|
66236 |
Mij. t. Expl. v. Staatsspoorwegen, 4 pct. leeningon |
|
66237 |
van 1901, 1902, 1908, 1911 en 1913. Eene leening groot |
|
66238 |
f 15.000.000 in 15 seriën van f 1.000.000 werd goedgekeurd op de |
|
66239 |
algemeene vergadering, gehouden 12 Juni 1900, en uitgegeven in |
|
66240 |
twee gedeelten, het eerst de leening groot f 8.000.000, d.d. 1 Jan. 1901, |
|
66241 |
a pari, op 19 Dec. 1900, ten tweede de leening groot f 7.000.000 d.d. 1 Jan |
|
66242 |
1902 à 100} pct. Voorts besloot de op 14 Febr. 1908 gehouden vergadering |
|
66243 |
een geldleening te creëeren van f 15.000.000. Hiervan werden in 1908 de |
|
66244 |
seriën 1-8 (f 8.000.000) d.d. 16 Maart 1908 uitgegeven. De inschrijving op |
|
66245 |
deze obligatiën was op 3 Maart 1908 met voorkeursrecht voor aandeelhouders |
|
66246 |
en houders van oprichtersbewijzen, tot den koers van 100 pct. opengesteld. |
|
66247 |
De overige seriën dezer leening bestaan uit 32 pct. obligatiën, uitgegeven |
|
66248 |
in 1909 (zie aldaar). Op 15 Maart 1911 stond de inschrijving open op- |
|
66249 |
f 8.000.000 (1e-8e serie) der leening 1911, groot f 15.000.000, à 100} pct .; |
|
66250 |
in Januari 1913 werden de seriën 9-15 uitgegeven à 971 pct. Aandeel- |
|
66251 |
houders en oprichters hadden telkens recht van voorkeur. De obligatiën |
|
66252 |
dezer leeningen zijn dooréén leverbaar. Obligatiën groot f 1000; |
|
66253 |
coupons 1 Januari en 1 Juli. Jaarlijksche aflossingàpari |
|
66254 |
in 60 jaren en wel: leening 1901, begonnen 1902 met f 34.000, leening 1902, |
|
66255 |
begonnen 1903 met f 30.000, leening 1908 begonnen 1909 met f 34.000, lee- |
|
66256 |
ning 1911, begonnen 1912 met f 34.000 en leening 1913 begonnen 1914 met |
|
66257 |
f 30.000 per jaar, telkens vermeerderd met door aflossing vrijgevallen |
|
66258 |
rente. Loting telkens in October ter aflossing vanaf 1 Januari d.a.v. Ge- |
|
66259 |
heele of gedeeltelijke aflossing van al deze leeningen te allen tijde à pari |
|
66260 |
toegestaan. Bij naasting door den Staat is deze bevoegd zich in de plaats |
|
66261 |
der Maatschappij te stellen. Voor de uitstaande bedragen der diverse lee- |
|
66262 |
ningen zie men de tabel „Specificatie Obligatieschuld". |
|
66263 |
Koersen 1915: 944-86@; 1920: 76-65; 1525: 944-87]; 1926: 962-93; 1927: 95-91@; 1928: 952-93; |
|
66264 |
1929: 952-90; 1930: 993-92'/, .; 1931: 104-78; 1932: 972-843. |
|
66265 |
Mplj. tot Exploit. van Staatsspoorwegen. 4 pcts. |
|
66266 |
obligatiën van 1903 en van 1907. De leening van 1903 |
|
66267 |
wordt gevormd door de seriën 1-8 ad f 1.000.000 elk der leening groot |
|
66268 |
f 15.000.000, uitgegeven 1 April 1903 à 101 pct. (De resteerende f 7.000.000 |
|
66269 |
dezer leening, werden d.d. 1 Maart 1905 als 34 pcts. oblig. uitgegeven.) De |
|
66270 |
leening van 1 April 1907 wordt gevormd door de seriën 7-15 (de seriën 1-6 |
|
66271 |
zijn in 1906 als 3} pets. obligatiën uitgegeven), der leening van f 15.000.000 |
|
66272 |
tot welker uitgifte de op 21 Juni 1905 gehouden vergadering van aan- |
|
66273 |
deelhouders besloot. De inschrijving op deze f 9.000.000 was op 13 Maart |
|
66274 |
1907 tot den koers van 1001 pct. opengesteld. Obligatiën groot f 1000 |
|
66275 |
met coupons 1 April en 1 October. Aflossing à pari in 60 jaar |
|
66276 |
door jaarlijksche uitlotingen in October, ter betaling op 1 April d.a.v. Jaar- |
|
66277 |
lijksche aflossing der obligatiën 1903 voor het eerst in 1904 ad f 34.000 |
|
66278 |
en der obligatiën 1907 voor het eerst in 1908 ad f 38.000, vermeerderd met |
|
66279 |
de vrijgevallen rente uit de vroeger afgeloste bedragen. De Maatschappij |
|
66280 |
behoudt zich het recht voor alle of een deel der nog uitstaande obligatiën |
|
66281 |
te allen tijde à pari af te lossen. Voor de uitstaande bedragen zie men |
|
66282 |
de tabel „Specificatie Obligatieschuld". |
|
66283 |
Koersen 1915: 943-872; 1920: 762-65; 1925: 94%-81}; 1926: 962-93; 1927: 94Z-91}; |
|
66284 |
1928: 95%-93; 1929: 95}-901/1 .; 1930: 998-92}; 1931: 1023-78; 1932: 984-85. |