|
67056 |
1616 SPOORWEGFONDSEN. |
|
67057 |
door uitloting in 60 jaren, telkens in October van { pct. der leening |
|
67058 |
plus vrijgevallen rente. De eerste uitloting vond plaats in 1899. Deze |
|
67059 |
obligatiën waren tot 12 Aug. 1924 dooreen leverbaar met de stukken van |
|
67060 |
1890/1893 (boven afzonderlijk vermeld) doch hebben sedert aparte noteering. |
|
67061 |
Uitstaand bedrag: zie tabel. |
|
67062 |
Conversie. Bij aanneming der desbetreffende Wet kunnen f 1000 van boven- |
|
67063 |
staande obligatiën worden verwisseld in f 1.025 3 pct. belastingvrije Staatsobliga- |
|
67064 |
tiën, zie bij „Reorganisatie“ onder de balans der H. S. hiervoor. |
|
67065 |
Koersen vóór 1924: zie hierboven. |
|
67066 |
Koersen 1924: 782-688; 1925: 96-772; 1926: 91-88}; 1927: 90-868; 1928: 907-88; |
|
67067 |
1929: 932-83'/1 .; 1930: 96-87; 1931: 98-86; 1932: 93-84; 1933: 94%-852. |
|
67068 |
1934: 97@-91}; 1935: 982-81. |
|
67069 |
MIJ. tot Expi. v. Staatsspoorwegen; 3} pcts. leening |
|
67070 |
van 1900. Deze obligatiën vormen de seriën 3, 4 en 5 van de leening |
|
67071 |
van 1898 welke à 963 pct. werden uitgegeven op 18 April 1900, met voorrecht |
|
67072 |
van inschrijving voor aandeelhouders en oprichters. Obligatiën groot |
|
67073 |
f 1000 met coupons 1 April en 1 October; eveneens aflosbaar in 60 |
|
67074 |
jaar door jaarlijksche amortisatie van } pct., telkens vermeerderd met |
|
67075 |
de vrijgevallen rente uit de vroeger afgeloste bedragen. De uitlotingen |
|
67076 |
hebben plaats in October (de eerste in 1900) ter betaling à pari 1 April |
|
67077 |
d.a.v. Voor het uitstaande bedrag zie tabel „Specificatie Obligatie- |
|
67078 |
schuld". |
|
67079 |
Conversie. Bij aanneming der desbetreffende Wet kunnen f 1000 van boven- |
|
67080 |
staande obligatiën worden verwisseld in f 1.025 3 pct. belastingvrije Staatsobliga- |
|
67081 |
tiën, zie bij '„Reorganisatie" onder de balans der H. S. hiervoor. |
|
67082 |
Koersen 1915: E.K. 85; 1920: 71}-64; 1925: 91%-768; 1926: 91-872; 1927: 894-86%; |
|
67083 |
1928: 90-87; 1929: 902-83}; 1930: 944-87}; 1931: 972-71; 1932: 93-79. |
|
67084 |
1933: 94-83; 1934: 994-91; 1935: 97-77. |
|
67085 |
MIJ. tot Expl. van Staatsspoorwegen. 3} pcts. obli- |
|
67086 |
gatiën van 1905 en 1906. De leening van 1 Maart 1905 wordt ge- |
|
67087 |
vormd door de 9e-15e serie, elk groot f 1.000.000 der geldleening van |
|
67088 |
1902 groot f 15.000.000 (waarvan de seriën 1-8 uit 4 pcts. obligatiën be- |
|
67089 |
staan), en waarop den 21 Febr. 1905 de inschrijving was opengesteld. De lee- |
|
67090 |
ning van 16 Maart 1906 wordt gevormd door de seriën 1-6 der geldleening |
|
67091 |
groot f 15.000.000 (waarvan de seriën 7-15 in 1907 als 4 pcts. obligatiën |
|
67092 |
werden uitgegeven) tot welker uitgifte de in Juni 1905 gehouden vergade- |
|
67093 |
ring van aandeelhouders besloot, en waarop de inschrijving op 1 Maart |
|
67094 |
1906 à 97} pct. was opengesteld. Aandeelhouders en oprichters hadden |
|
67095 |
recht van voorkeur bij de inschrijvingen. Obligatiën, groot f 1000, |
|
67096 |
met coupons per 1 Jan. en 1 Juli. Aflossing door uitloting in Octo- |
|
67097 |
ber, ter betaling op 1 Januari d.a.v., t.w. voor de leening 1905 voor het |
|
67098 |
eerst in October 1905 met f 35.000, en voor de leening 1906 voor het eerst |
|
67099 |
in October 1906 met f 30.000 en verder elk volgend jaar zoodanige som |
|
67100 |
als de ten vorigen jare aflosbaar gestelde, vermeerderd met de vrijge- |
|
67101 |
vallen rente, zoodat deze leeningen in 60 jaren zullen zijn afgelost. V e r- |
|
67102 |
vroegde algeheele of gedeeltelijke (bij uitloting) aflossing te allen |
|
67103 |
tijde toegestaan voor peide leeningen. Kecht van substitutie door den |
|
67104 |
Staat. Uitstaande bedragen: zie tabel. |
|
67105 |
Conversie. Bij aanneming der desbetreffende Wet kunnen f 1000 van boven- |
|
67106 |
staande obligatiën worden verwisseld in f 1.015 3 pct. belastingvrije Staatsobliga- |
|
67107 |
tiën, zie bij „Reorganisatie” onder de balans der H. S. hiervoor. |