|
4891 |
INDUSTRIEELE ONDERNEMINGEN. -569 |
|
4892 |
koopmpij. werd omgezet. De oorspronkelijke deelneming ad Kr. 400.000, |
|
4893 |
waarvoor was betaald f 224.626.25, was ulto 1927 door kapitaalsreductie tot |
|
4894 |
Kr. 41.000 (van de Kr. 50.000) teruggebracht. Valutamoeilijkheden e.d. nood- |
|
4895 |
zaakten in 1932 tot liquidatie dezer zaak. De in 1924 en 1925 opgerichte |
|
4896 |
A. B. Svenska Gerofabriken en de A. S. Norske Gero- |
|
4897 |
fabriken (verkoopmpijen.) leden in 1927 eveneens verliezen, als gevolg |
|
4898 |
waarvan de Noorsche zaak werd geliquideerd. Over de Zweedsche zaak |
|
4899 |
wordt in de laatste jaarverslagen gezwegen. Omtrent goedkeuring van de |
|
4900 |
balans etc. per 30 Juni. 1921, o n e enigheid met en ontslag van |
|
4901 |
den directeur M. J. Gerritsen, zie men jaarg. 1924, deel I, pag. |
|
4902 |
625 en pag. 630 van deel I 1926. Kapitaal thans geautoriseerd groot |
|
4903 |
f 3.000.000, verdeeld in f 2.000.000 gewone- en f 1.000.000 preferente aand., |
|
4904 |
waarvan geplaatst f 812.000 gewone- en f 188.000 preferente aandeelen |
|
4905 |
elk groot f 1000. Van de preferente aandeelen bevinden zich elf inge- |
|
4906 |
kochte stukken in portefeuille ter latere intrekking; de vennoot- |
|
4907 |
schap mag ten hoogste 50 pct. harer geplaatste aandeelen inkoo- |
|
4908 |
pen. Aanvankelijk was f 81.400 geplaatst, welk bedrag geleidelijk tot |
|
4909 |
f 200.000 steeg, in October 1918 tot f 500.000, 1 November 1920 tot f 1.000.000, |
|
4910 |
18 December 1925 tot f 1.500.000 en 1 Juli 1926 tot f 1.700.000 verhoogd werd. |
|
4911 |
In deze f 1.700.000 aandeelen waren oorspronkelijk f 1.200.000 gewone en |
|
4912 |
f 500.000 pref. aandeelen begrepen; door conversie in 1926 van 12 pref. in |
|
4913 |
12 gewone, werd dit resp. f 1.212.000 en f 458.000, om begin 1935 te dalen |
|
4914 |
tot resp. f 812.000 en f 188.000, doordat 400 gewone en 300 pref. aandeelen |
|
4915 |
werden ingetrokken tegen afgifte van f 500.000 converteerbare obligatiën |
|
4916 |
1935. Laatstgemelde transactie was een gevolg van besluiten van 28 Dec. |
|
4917 |
1934, waarbij het cumulatierecht incl. 63 pct. achterstal op de gewone aan- |
|
4918 |
deelen werd opgeheven, het cumulatierecht op de pref. aandeelen ná 1934 |
|
4919 |
werd opgeheven en het primaire dividend van pref .- en gew. aandeelen |
|
4920 |
van 7 op 5 pct. werd teruggebracht. De plaatsing der aand. geschiedde als |
|
4921 |
volgt : Nadat f 200.000 gewone aandeelen waren uitgegeven, stond op 12 Nov. |
|
4922 |
1918 de inschrijving open o.a. bij Praetorius & Zoon, Amsterdam, op f 300.000 |
|
4923 |
gewone aandeelen, groot f 1000, à 135 pct., incl. dividend |
|
4924 |
1918/19. Vervolgens stond op 11 Jan. 1921 bij de N.H.M. en de G.C.V. de |
|
4925 |
inschrijving open op f 500.000 gewone aandeelen à 105 pct. incl. div. 1920/21 |
|
4926 |
(Voorkeur 1 : 1, no. 7). De aandeelen no.'s 1-1000 konden van 15 Mrt. 1926 |
|
4927 |
af met den nieuwen naam der venn. worden afgestempeld en op 30 Juni 1926 |
|
4928 |
worden verwisseld in nieuwe stukken met nieuwe couponbladen. Deze gewone |
|
4929 |
aandeelen zijn sedert alleen leverbaar indien gedateerd 1 Juli 1926. Op 18 |
|
4930 |
Dec. 1925 stond bij Gebr. T. de M. de inschrijving open op f 500.000 (toen |
|
4931 |
7 pcts. cumulatieve) pref. aandeelen, groot f 1000, à 100 pct. incl. |
|
4932 |
div. 1926 en converteerbaar 1 Juli 1926-30 Juni 1927 in gewone |
|
4933 |
aandeelen à 100 pct. Voorkeur bij inschrijving f 2000 gewone- op f 1000 pref. |
|
4934 |
aandeelen door no. opgave. Prospectus in deel II 1926, pag. 84 der prospect. |
|
4935 |
Officieele noteering 14 Mei 1926. Van genoemd conversierecht werd voor |
|
4936 |
12 preferente aandeelen gebruik gemaakt. Op 1 Juli 1926 werden nog 200.000 |
|
4937 |
gewone aandeelen ondershands à pari geplaatst incl. div. 1926. Van 15 Jan. |
|
4938 |
1935 t/m. 15 Febr. 1935 stond bij Gebr. T. de M. A'dam en bij de G.C.V |
|
4939 |
Arnhem, Utrecht en Zeist de gelegenheid open om preferente aandeelen |
|
4940 |
incl. 35 pct. achterstallig dividend stuk voor stuk te verwisselen tegen |
|
4941 |
5 pct. converteerbare obligatiën 1935, groot f 1000 elk, |
|
4942 |
eener leening groot f 500.000. Voor zoover de obligatiën niet bij verwisse- |