|
793 |
424 INDUSTRIEELE ONDERNEMINGEN |
|
794 |
Messinglinien- und Schriftgiesserei te Berlijn *), welke dochtermpijen heeft in |
|
795 |
Hamburg, Offenbach a.M., Weenen, Budapest en Basel. Een overeenkomst met |
|
796 |
de Duitsche zaak beoogt uitbreiding van de Europeesche exportgebieden. De beide |
|
797 |
directeuren der Lettergieterij hebben zitting in het Bestuur der Duitsche venn. |
|
798 |
Aandeelenkapitaal Lettergieterij „Amsterdam” thans f 6.000.000, waarvan |
|
799 |
geplaatst f 4.000.000 in aan de ele n groot f 1000. Er zijn 100 oprichtersbewij- |
|
800 |
zen uitgegeven. Achtereenvolgens werden de volgende bedragen aandeelen geplaatst: |
|
801 |
Deelname door inbrengers f 200.000 |
|
802 |
Uitgifte 19 April 1901 à 100 pct. 300.000 |
|
803 |
6 April 1909 à 1442 pct. " 100.000 |
|
804 |
15 April 1912 à 154 pct. (3 oude : 1 nieuw, no. 12) " 200.000 |
|
805 |
15 Dec. 1915 à 150 pct. (4 oude : 1 nieuw, no. 16)1) 200.000 |
|
806 |
22 Nov. 1916 à 153 pct. (2 oude : 1 nieuw, no. 18)2) 500.000 |
|
807 |
11 Dec. 1917 à 153 pct. (3 oude : 1 nieuw, no. 20)3) 500.000 |
|
808 |
9 Mei 1919 à 145 pct. (4 oude : 1 nieuw, no. 24)4) 500.000 |
|
809 |
10 Oct. 1919 à 145 pct. (5 oude : 3 nieuw, no. 26)5) „, 1.500.000 |
|
810 |
Uitstaand kapitaal f 4.000.000 |
|
811 |
1) Vrije inschrijvers 175 pct. 2) Incl. dividend 1916. 3) Incl. dividend 1917. 4) Incl. vol dividend |
|
812 |
1919. 5) Incl. slot-dividend 1919; voor prospectussen der beide laatste emissies zie einde van deel I, |
|
813 |
jaarg. 1920, blz. 37 en 184. |
|
814 |
De inschrijvingen vonden telkens plaats ten kantore van de firma Th. Gilissen, Amsterdam. |
|
815 |
Winstverdeeling: Eerst aandeelhouders 5 pct .; van het restant ontvangen: |
|
816 |
aandeelhouders 60 pct., directeuren te zamen 15 pct., commissarissen tezamen |
|
817 |
5 pct .; opr.bew. 10 pct. en reservefonds 10 pct. Wanneer en zoolang het reserve- |
|
818 |
fonds 7 van het uitgegeven kapitaal bedraagt, krijgen aandeelhouders, direc- |
|
819 |
teuren en commissarissen elk § dezer 10 pct. |
|
820 |
Dividend aandeelen 1901-1920: 5, 5, 6, 7}, 8, 8, 9, 10, 12, 12, 13, 13, |
|
821 |
13, 9, 10, 13, 13, 13, 13 en 15 pct .; 1921-1936: 15, 8, 6, 6}, 72, 7}, 8, 9, |
|
822 |
10, 10, 8, 6, 6, 6, 4 en 6 pct. (no. 49, 9 April 1937 bij Th. Gilissen, A'dam |
|
823 |
en Commissiebank Holland-Indië, 's-Hage en R'damsch Effectenkantoor R'dam). |
|
824 |
Uitkeeringen opr.bewijzen 1901-1922: 0, 0, f 10,-, f 23,-, f 27,-, f 27,75, |
|
825 |
f 35,40, f 50,85, f 58,50, f 74,20, f 77,20, f 135,80, f 141,90, f 56,90, f 80,65, |
|
826 |
f 198,95, f 267,25, f 270,57, f 521,89, f 656,85, f 652,63 en f 220,54; 1923- |
|
827 |
1934: f 74,20, f 129,85, f 177,61, f 161,58, f 217,82, f 289,16, f 354,80, f 342,81, |
|
828 |
f 200,88, f 65,21, f 61,06 en f 84, -; 1935: nihil; 1936 f 99,54 (no. 33). |
|
829 |
Directie: F. L. Edema van der Tuuk en P. J. Starreveld. Commissarissen: E. |
|
830 |
den Tex, Hilversum, Chr. Moes en L. M. A. Thole, beiden te Amsterdam. |
|
831 |
Adres : Amsterdam, W., Bilderdijkstraat 157-165. |
|
832 |
Koersen 1902: 871-85; 1905: 130-1184; 1910: 200-1531; 1915: geen koers; 1920: 169}-149}; |
|
833 |
1925: 120-88; 1930: 170-142; 1931: 168-105}; 1932: 133}-95; 1933: 149-118}; 1934: 1484-127}; |
|
834 |
1935: 161-137; 1936: 152}-110. |
|
835 |
*) Deze mpij. leed in 1930 een verlies van R.M. 311.521 en in 1931 (na R.M. 3.141.005 afschrijvin |
|
836 |
gen) een verlies van R.M. 2.894.548. Deze verliezen werden gedekt door afboeking der reserve en reduc- |
|
837 |
tie van van het R.M. 4.200.000 gewone kapitaal op R.M. 1.400.000. Van het cumulatierecht op de pref. |
|
838 |
aandeelen over 1932 en 1933 werd afstand gedaan. De winsten over 1932-1935 bedroegen na afschrijving |
|
839 |
en belasting resp. R.M. 39.313, R.M. 328.837, R.M. 94.677 en R.M. 91.762. Over 1933-1935 werd tel- |
|
840 |
kens bruto 6 pct. op de pref. aandeelen uitgekeerd. Tengevolge van de transferbeperking ontving de |
|
841 |
Lettergieterij Amsterdam de laatste jaren slechts gedeelten van deze dividenden. |