|
25187 |
862 MIJNBOUW-MAATSCHAPPIJEN |
|
25188 |
vonden in 1907 de volgende wijzigingen in de kapitalisatie plaats: De f 648.500 |
|
25189 |
8 pct. cum le preferente aandeelen werden verwisseld tegen gelijk bedrag 6 pct. |
|
25190 |
cum. pref. aandeelen en kregen daarbij de statutair vastgestelde uitkeering van |
|
25191 |
100 pct. in contanten. Buitendien werden tegen het zoowel op de 8 pct. eerste |
|
25192 |
preferente aandeelen als op de 6 pct. gewone preferente aandeelen op 31 Dec. 1907 |
|
25193 |
achterstallig cumulatief dividend ad resp. f 302.633 en f 429.570 totaal f 732. 203 |
|
25194 |
cumul .- bewijzen uitgereikt. Dientengevolge werd van 31 Dec. 1907 af bij de Twent- |
|
25195 |
sche Bankvereeniging B.W. Blijdestein tegen inlevering van een eerste prefe- |
|
25196 |
rent aandeel groot f 500 uitgereikt: f 500 in contanten, voorts een nieuw preferent |
|
25197 |
aandeel ad f 500 en f 233,33} scrip cumulbewijs en tegen inlevering van f 1000 |
|
25198 |
(2e) preferent aandeel f 1000 nieuw pref. aandeel en f 500 cumulbewijs + f 145 |
|
25199 |
scrip cumulbewijs. Voor minstens f 500 aan scrips werden onder verrekening |
|
25200 |
van het restant definitieve bewijzen à f 500 vertsrekt. Nadat ingevolge de toen gel- |
|
25201 |
dende statutaire bepalingen uit de winst 1922 voor f 75.000 voor nom. f 91.325 |
|
25202 |
aan cumulbewijzen waren ingekocht, werden volgens besluit van 26 Juni 1924 |
|
25203 |
alle resteerende bewijzen (nom. f 640.878,33}) afgelost. In verband met de af- |
|
25204 |
lossing der cumulbewijzen stond op 27 Juni 1924 bij de Twentsche Bank de in- |
|
25205 |
schrijving à pari open op f 641.000 gewone aandeelen groot f 500. Voorkeur f 2.000 |
|
25206 |
gewone en/of pref. op één nieuw aandeel (claim no. 14 der preferente- en no. 1 |
|
25207 |
der gewone aandeelen). De niet door oude aandeelhouders genomen aandeelen |
|
25208 |
werden aangeboden ter omwisseling stuk voor stuk tegen cumulbewijzen, waar- |
|
25209 |
bij de houder van elk aldus omgewisseld cumulbewijs bovendien f 50,- in contan- |
|
25210 |
ten ontving. De niet omgewisselde cumulbewijzen waren 11 Juli 1924 à pari |
|
25211 |
aflosbaar bij de Twentsche Bank. Prospectus in deel I, 1925. Op de hierna uit- |
|
25212 |
staande f 1.314.500 preferente en f 1.535.500 gewone aandeelen werd volgens be- |
|
25213 |
sluit van 19 Nov. 1934 25 pct. afgeschreven; hiertoe konden de stukken van 14 |
|
25214 |
Aug. 1935 ter afstempeling worden aangeboden bij de T.B. te Amsterdam; zij |
|
25215 |
zijn sedert zonder dit stempel niet leverbaar. Het door de afstempeling vrijgeko- |
|
25216 |
men bedrag werd voor f 475.890 aangewend voor afschrijving en voor f 236.610 |
|
25217 |
gebruikt tot betaling van 18 pct. achterstallig dividend op de pref. aandeelen. |
|
25218 |
Winstverdeeling thans: Na afschrijvingen door het Bestuur te bepalen, eerst |
|
25219 |
ten hoogste 10 pct. aan de reserve indien en voorzoover het Bestuur zulks wen- |
|
25220 |
schelijk acht, echter wordt niets gedoteerd, indien en zoolang de reserve f 300.000 |
|
25221 |
bedraagt. Verder tot f 60 resp f 30 cum. dividend op de pref. aand. van f 750 |
|
25222 |
en f 375; vervolgens tot f 60 resp. f 30 niet-cum. dividend op de gewone aan- |
|
25223 |
deelen van f 750 en f 375. Van de overwinst: 53 pct. voor alle aandeelhouders naar |
|
25224 |
gelang hun storting, 30 pct. voor de 720 winstaandeelen A, 5 pct. voor de 480 |
|
25225 |
winstaandeelen B, 7 pct. voor commissarissen en 5 pct. voor de directie. |
|
25226 |
Dividend gewone aandeelen: t.e.m. 1922 :nihil; 1923-1929: 11, 10, 6, 6, 0, 0 |
|
25227 |
en 6 pct .; 1930-1933: nihil; 1934 afgestempelde aandeelen 1934-1936: 6, 7 en |
|
25228 |
10 pct. (no. 9, 13 Juli 1937 bij de T.B.); preferente aandeelen 1908-1920: 5, 33, 2}, |
|
25229 |
0, 2, 6, 6, 5, 5, 7}, 6, 0 en 6 pct .; 1921-1929: 18, 17}, 11, 10, 6, 6, |
|
25230 |
0, 12 en 6 pct .; 1930-1932: nihil; 1933: 6 pct .; 1934: 18 pct. op de aand. van f 1000 |
|
25231 |
en f 500 en 8 pct. op de tot f 750 resp. f 375 afgest. aand. 1935 en 1936: 8 en 10 |
|
25232 |
pct. (no. 24, 13 Juli 1937 bij de T.B. A'dam). Winstaandeelen A t.e.m. 1922: nihil; |
|
25233 |
1923 en 1924: f 92 en f 86; 1925-1935: nihil; 1936: f 25,50 (no. 3); winstaandeelen B |
|
25234 |
t.e.m. 1922: nihil; 1923 en 1924: f 23 en f 21; 1925-1935: nihil; 1936: f 6,80 (no. 3). |
|
25235 |
Directeuren: Ir. P. M. van Bosse. Commissarissen: Dr. F. H. Fentener van Vlis- |
|
25236 |
singen, E. J. Langelaan en R. J. O. Menten. |
|
25237 |
Adres: 's-Gravenhage, Lange Houtstraat 26. |