|
27028 |
PETROLEUM-MAATSCHAPPIJEN 911 |
|
27029 |
Belang bij de Shell Transport and Trading Co. Ltd. De bonus uitgifte van |
|
27030 |
f 33.150.000 gewone aandeelen in Juni 1907 stond in verband met de fusie |
|
27031 |
Koninklijke-Shell. (Zie overzicht 1907 en jaargang 1909, blz. 820.) De |
|
27032 |
„Koninklijke“ verwierf daarbij in 1907 nominaal £ 575.875 van de uitstaan- |
|
27033 |
de £ 2.500.000 aandeelen der Shell Transport and Trading Co. tegen den |
|
27034 |
prijs van 150 pct .; in November 1909 verwierf zij £ 51.827 aandeelen Shell |
|
27035 |
(van de nieuwe uitgifte van £ 250.000) tegen 250 pct. Bij de emissie der |
|
27036 |
„Shell" op 5 Maart 1912 verkreeg de „Koninklijke" nog £ 109.298, doch bij de na |
|
27037 |
te noemen transactie met de Dordtsche (zie overzicht 1911), stond zij £ 237.000 |
|
27038 |
aandeelen af en behield daarna nog £ 500.000. Vervolgens verkreeg zij nog £ 26.454 |
|
27039 |
aand. bij de emissie in 1913 en gingen in dat jaar £ 239.784 aan de Anglo Saxon |
|
27040 |
Petr. Cy. Ltd. over ter inruiling van een gelijk aantal aandeelen in de California |
|
27041 |
Oilfields Ltd. Toen eindelijk in 1914 nog £ 52.938 aan de Russische mpijen. werden |
|
27042 |
uitgereikt (zie overzicht 1914), resteerden op 31 Dec. 1915 £ 233.732 aandeelen |
|
27043 |
„Shell” in het bezit der „Koninklijke“. Dit bezit vermeerderde in 1916 door de |
|
27044 |
overname der £ 250.000 aand. „Shell“ van de Dordtsche tot £ 483.732. Als gevolg |
|
27045 |
van de aandeelen-emissies der Shell in 1917, 1918 en 1919 (zie overzicht 1917/19), |
|
27046 |
verwierf de „Koninklijke“ nog resp. £ 120.933, £ 362.799, £ 483.732 en £ 725.598 |
|
27047 |
gewone aandeelen Shell, zoodat haar bezit daarna £ 2.176.794 bedroeg. Medio |
|
27048 |
1922 werden hiervan £ 1.250.000 à 457} pct. excl. div. 1921, aan een Engelsch |
|
27049 |
syndicaat overgedaan, terwijl in 1928 nog £ 500.000,- dezer aandeelen tot niet |
|
27050 |
gepubliceerden koers aan de Burmah Oil Co. werden verkocht. Hierna bezat de |
|
27051 |
„Koninklijke“ nog £ 426.794 gewone aandeelen „Shell“. Sedert is door enkele |
|
27052 |
kleine wijzigingen en de ontvangst van 20 pct. bonus in Maart 1937, het bezit |
|
27053 |
der Koninklijke gestegen tot ca. £ 535.735. |
|
27054 |
American Shares. Op 2 Jan. 1917 werden f 7.400.000 aandeelen verkocht aan |
|
27055 |
de firma Kuhn Loeb & Co., (globale opbrengst ex-slotdiv. f 35.000.000), welke |
|
27056 |
aandeelen aan de Equitable Trust Co. te New-York, werden overgedragen. |
|
27057 |
Deze gaf tegen ieder onderaand. van f 100 drie depôt-certificaten uit (de z.g. |
|
27058 |
„Americanshares") die geen nominale waarde bezitten. De inschrijvingen |
|
27059 |
hebben circa $ 69 per certificaat bedragen. Drie dezer certificaten zijn ver- |
|
27060 |
wisselbaar tegen één onderaandeel ad f 100. (Op 13 Oct. 1938 stonden 223.377 |
|
27061 |
certificaten voor nom. f 7.445.900 onderaandeelen uit). |
|
27062 |
Ter aflossing van de uitstaande 4 pct. 15-jarige dollar-obligatiën 1930, |
|
27063 |
waaromtrent men het laatst bijzonderheden vindt in deel I 1938 pag. 888, |
|
27064 |
werden in Februari 1937 gecreëerd f 72.000.000 4 pct. obligatiën per |
|
27065 |
1 April 1945 groot f 2500,- met coupons 1 April en 1 October, vrij van |
|
27066 |
couponbelasting. Vervroegde geheele of gedeeltelijke aflossing à pari met 75 dagen op- |
|
27067 |
zegging te allen tijde geoorloofd; de wijze van uitloting wordt door de directie be- |
|
27068 |
paald. Deze obligatiën werden in Febr. 1937 en in October 1937 uitgegeven, stuk |
|
27069 |
voor stuk tegen dollar-obligatiën van $ 1000 der leening 1930. Ook werd één stuk |
|
27070 |
afgegeven tegen $ 1000 aan coupons der dollarleening. De geheele lee- |
|
27071 |
ning werd op 1 Mei 1938 vervroegd à pari afgelost, |
|
27072 |
waarna de obligatiën uit de noteering vervielen. De |
|
27073 |
bij de verwisseling van certificaten van obligatiën 1930, serie A groot $ 100, |
|
27074 |
door het Adm.kantoor van Aandeelen in Vennootschappen en in Binnen- en |
|
27075 |
Buitenlandsche leeningen afgegeven certificaten van obligatiën per 1945 waren |
|
27076 |
eveneens op 1 Mei 1938 à pari aflosbaar en vervielen daarna uit de noteering. |
|
27077 |
Bij elke op 1 Mei 1938 afgeloste guldenobligatie per 1945 van f 2500 werd |
|
27078 |
aan den inleveraar der dollarwaarden een „warrant“ afgegeven. Deze war- |
|
27079 |
rants, afgegeven bij inwisseling der 4 pct. dollar-obligatiën 1930 tegen |