|
25342 |
854 MIJNBOUW-MAATSCHAPPIJEN |
|
25343 |
cum. pref. aandeelen en kregen daarbij de statutair vastgestelde uitkeering van |
|
25344 |
100 pct. in contanten. Buitendien werden tegen het zoowel op de 8 pct. eerste |
|
25345 |
preferente aandeelen als op de 6 pct. gewone preferente aandeelen op 31 Dec. 1907 |
|
25346 |
achterstallig cumulatief dividend ad resp. f 302.633 en f 429.570 totaal f 732. 203 |
|
25347 |
cumul .- bewijzen uitgereikt: Dientengevolge werd van 31 Dec. 1907 af bij de Twent- |
|
25348 |
sche Bankvereeniging B.W. Blijdenstein & Co. tegen inlevering van een eerste pre- |
|
25349 |
ferent aandeel groot f 500 uitgereikt: f 500 in contanten, voorts een nieuw prefe- |
|
25350 |
rent aandeel ad f 500 en f 233,33} scrip cumulbewijs en tegen inlevering van f 1000 |
|
25351 |
(2e) preferent aandeel f 1000 nieuw pref. aandeel en f 500 cumulbewijs + f 145 |
|
25352 |
scrip cumulbewijs. Voor minstens f 500 aan scrips werden onder verrekening |
|
25353 |
van het restant definitieve bewijzen à f 500 vertsrekt. Nadat ingevolge de toen gel- |
|
25354 |
dende statutaire bepalingen uit de winst 1922 voor f 75.000 voor nom. f 91.325 |
|
25355 |
aan cumulbewijzen waren ingekocht, werden volgens besluit van 26 Juni 1924 |
|
25356 |
alle resteerende bewijzen (nom. f 640.878,33}) afgelost. In verband met de af- |
|
25357 |
lossing der cumulbewijzen stond op 27 Juni 1924 bij de Twentsche Bank de in- |
|
25358 |
schrijving à pari open op f 641.000 gewone aandeelen groot f 500. Voorkeur f 2.000 |
|
25359 |
gewone en/of pref. op één nieuw aandeel (claim no. 14 der preferente- en no. 1 |
|
25360 |
der gewone aandeelen). De niet door oude aandeelhouders genomen aandeelen |
|
25361 |
werden aangeboden ter omwisseling stuk voor stuk tegen cumulbewijzen, waar- |
|
25362 |
bij de houder van elk aldus omgewisseld cumulbewijs bovendien f 50,- in contan- |
|
25363 |
ten ontving. De niet omgewisselde cumulbewijzen waren 11 Juli 1924 à pari |
|
25364 |
aflosbaar bij de Twentsche Bank. Prospectus in deel I, 1925. Op de hierna uit- |
|
25365 |
staande f 1.314.500 preferente en f 1.535.500 gewone aandeelen werd volgens be- |
|
25366 |
sluit van 19 Nov. 1934 25 pct. afgeschreven; hiertoe konden de stukken van 14 |
|
25367 |
Aug. 1935 ter afstempeling worden aangeboden bij de T.B. te Amsterdam; zij |
|
25368 |
zijn sedert zonder dit stempel niet leverbaar. Het door de afstempeling vrijgeko- |
|
25369 |
men bedrag werd voor f 475.890 aangewend voor afschrijving en voor f 236.610 |
|
25370 |
gebruikt tot betaling van 18 pct. achterstallig dividend op de pref. aandeelen. |
|
25371 |
Winstverdeeling thans: Na afschrijvingen door het Bestuur te bepalen, eerst |
|
25372 |
ten hoogste 10 pct. aan de reserve indien en voorzoover het Bestuur zulks wen- |
|
25373 |
schelijk acht, echter wordt niets gedoteerd, indien en zoolang de reserve f 300.000 |
|
25374 |
bedraagt. Verder tot f 60 resp f 30 cum. dividend op de pref. aand. van f 750 |
|
25375 |
en f 375; vervolgens tot f 60 resp. f 30 niet-cum. dividend op de gewone aan- |
|
25376 |
deelen van f 750 en f 375. Van de overwinst: 53 pct. voor alle aandeelhouders naar |
|
25377 |
gelang hun storting, 30 pct. voor de 720 winstaandeelen A, 5 pct. voor de 480 |
|
25378 |
winstaandeelen B, 7 pct. voor commissarissen en 5 pct. voor de directie. |
|
25379 |
Dividend gewone aandeelen: t.e.m. 1922 :nihil; 1923-1929: 11, 10, 6, 6, 0, 0 |
|
25380 |
en 6 pct .; 1930-1933: nihil; afgestempelde aandeelen 1934-1938: 6, 7, 10, 10 en |
|
25381 |
10 pct. (no. 11, 7 Aug. 1939 bij de T.B.); preferente aandeelen 1908-1920: 5, 3}, 2}, |
|
25382 |
0, 2, 6, 6, 5, 5, 7}, 6, 0 en 6 pct .; 1921-1929: 18, 17}, 11, 10, 6, 6, |
|
25383 |
0, 12 en 6 pct .; 1930-1932: nihil; 1933: 6 pct .; 1934: 18 pct. op de aand. van f 1000 |
|
25384 |
en f 500 en 8 pct. op de tot f 750 resp. f 375 afgest. aand .; 1935-1938: 8, 10, 10 |
|
25385 |
en 10 pct. (no. 26, 7 Aug. 1939 bij de T.B. A'dam). Winstaandeelen A t.e.m. 1922: |
|
25386 |
nihil; 1923 en 1924: f 92 en f 86; 1925-1935: nihil; 1936-1938: f 25,50; f 33,50 |
|
25387 |
en f 33,50 (no. 5); winstaandeelen B t.e.m. 1922: nihil; 1923 en 1924: f 23 en f 21; |
|
25388 |
1925-1935: nihil; 1936-1938: f 6,80; f 8,50 en f 8,50 (no. 5). |
|
25389 |
Directeuren: Ir. P. M. van Bosse en J. O. van Gruisen. Commissarissen: Dr. |
|
25390 |
F. H. Fentener van Vlissingen, Ir. E. J. Langelaan, R. J. O. Menten en W. A. |
|
25391 |
Engelbrecht. |
|
25392 |
Adres: 's-Gravenhage, Lange Houtstraat 26. |