Page 909 in yearbook 1940

Page 909 in yearbook 1940

Page Block

Scanned page

Yearbook Vol. Seq P.no Type Size File
1940 vanoss_1940_domestic 909 871 content 1385 × 2312 1940/95745

Blocks on this page 0

No blocks have been marked on this page.

Page content 54

The raw OCR output of this page, line by line.
26212 PETROLEUM-MAATSCHAPPIJEN 871
26213 in geld en voor het overige door den inbreng van bij overeenkomst vastgestelde
26214 activa; 2. wat betreft de oorspronkelijke aandeelen B, waarvoor door de „Shell”
26215 Transport en Trading Co. is deelgenomen door storting van f 1.920.000 in geld en
26216 voor het overige door den inbreng van activa, vermeld in een soortgelijke tusschen
26217 die inbrengster en den raad van beheer der Bataafsche geteekende overeen-
26218 komst. In 1911 vergrootte de Bataafsche haar kapitaal met f 30.000.000 tot
26219 f 110.000.000; de „Koninklijke“ kreeg nl. f 18.000.000 (de „Shell“ f 12.000.000,
26220 zie bij „Shell“) aandeelen Bataafsche in ruil voor haar (Kon.) f 4.020.000 aan-
26221 deelen, welke de Bataafsche noodig had als koopsom der f 350.000 aandeelen
26222 Dordtsche Petr. Mpij., in bezit der D. P. Ind. Mpij., terwijl het in 1912 door de
26223 uitbreidingen der fabrieken in Ned. Ind. en door de deelneming in verschillende
26224 andere mpijen. noodig bleek, het kapitaal met f 30.000.000 tot f 140.000.000 te
26225 verhoogen (zie voor deze beide kapitaalsuitbreidingen onder Koninklijke, be-
26226 knopt overzicht respectievelijk 1911 en 1912 jrg. 1915/16). In 1918 vond de ver-
26227 hooging tot f 210.000.000 plaats, terwijl zij in 1920 een interim-dividend van
26228 f 90.000.000 in aandeelen betaalde, waardoor het kapitaal tot f 300.000.000 steeg.
26229 De „Koninklijke“ bezit thans f 180.000.000 (3 aandeelen A à f 60.000.000), de
26230 „Shell“ f 120.000.000 (2 aandeelen B à f 60.000.000) aandeelen der Bataafsche.
26231 De aandeelen zijn niet voorzien van dividendbewijzen, doch de uitkeering van de
26232 aan de aandeelhouders toekomende winst geschiedt tegen kwitantie. Sedert 1914
26233 komt hoogstens een bedrag gelijk aan 4 pct. van het uitbetaalde dividend als
26234 tantième aan de directie der „Koninklijke“ (art. 8 der statuten). In alle ver-
26235 gaderingen heeft ieder aandeel recht op één stem, met dien verstande, dat niemand
26236 ooit meer dan drie stemmen kan uitbrengen. Voor eenige nadere bijzonderheden
26237 van formeel belang, zie men jaargang 1912, blz. 144.
26238 Winstverdeeling sedert 1917. Van de winst, die overschiet na afschrijving, na
26239 eventueele storting in het reservefonds en na uitkeering aan de gedelegeerde
26240 leden (directeuren) van den raad van beheer en adjunctdirecteuren van een
26241 bedrag, dat 4 pct. van de uitbetaalde dividenden in eenig jaar niet te boven gaat
26242 en aan de overige leden van genoemden raad tot 1 pct. van die uitbetaalde
26243 dividenden, komt 95 pct. aan de houders van aandeelen A én vijf pct. aan de
26244 houders van aandeelen B. De A.V. kan besluiten een deel der winst op nieuwe
26245 rekening over te brengen. De „Koninklijke“ ontvangt thans van de winst der
26246 Bataafsche 95 pct., tegen 60 pct. in 1907-1916.
26247 Dividend 1907-1918: resp. 162, 173, 162, 173, 10, 14}, 22}, 25, 25, 243/7, 305/7
26248 en 42.86 pct. 1919-1938: ? , ?, 18, 18g, ?, 19.32, 20.267, ?, 25.681, 31.456, 37.788, 25.151,
26249 7.186, 7.84, 9.175, 13.0433, 17.712, 24.9556, 30.0142 en 28.45325 pct. Leeningen. Om-
26250 trent de 5 pct. leening 1915 oorspronkelijk groot f 20.000.000, waarvan 1 Aug.
26251 1925 het restant werd afgelost, zie men deel I 1926. Omtrent de 4} p ct. 15 j.
26252 dollarleening 1927 per 1942, afgelost 1 Juli 1936, zie men jaar-
26253 gang 1937.1) De voortdurende uitbreiding der zaken met name in Curaçao, Vene-
26254 zuela en Argentinië maakte het creëeren van de 4} pct. gegarandeerde
26255 leening 1926, groot f 72.000.000, wenschelijk. In 1926 werd deze leening
26256 geheel geplaatst in drie gedeelten van f 24.000.000. Van deze drie gedeelten werd
26257 telkens resp. f 6.000.000, f 6.000.000 en f 7.500.000 ondershands geplaatst en
26258 1) Hoewel het in jaargang 1937 genoemde goudclausuleproces, dat 16 Oct. 1933 was aangevangen,
26259 op 12 Maart 1936 eindigde met het arrest van den Hoogen Raad waarbij de mpij. in het gelijk werd
26260 gesteld en dus met papierdollars mocht betalen, werd 25 Juni 1937 door het comité Dollarleeningen,
26261 Bazarstr. 20, den Haag, voor de 2e kamer van de Rechtbank te Amsterdam een proces aangevangen
26262 tegen een der garanten van de leening, de Shell Transport & Trading Co. Ltd. te Londen. De eischer
26263 vorderde uitbetaling van de hoofdsom van een per 1 Juli 1936 aflosbaar gestelde obligatie van $ 500 op
26264 goudpasis. Deze eisch werd 8 April 1938 afgewezen, doch eischer ging in hooger beroep. Op 6 Dec. 1939
26265 heeft het Hof het vonnis der Rechtbank bevestigd en dus den eisch tot betaling op goudbasis verworpen.