Page 885 in yearbook 1941

Page Block

Scanned page

Yearbook Vol. Seq P.no Type Size File
1941 vanoss_1941_domestic 885 843 content 1384 × 2300 1941/98957

Blocks on this page 2

Main
53803
27 lines
Main
53804
2 lines

Page content 63

The raw OCR output of this page, line by line.
24952 MIJNBOUW-MAATSCHAPPIJEN 843
24953 ACTIEF. BALANS PER 31 DECEMBER. PASSIEF.
24954 1938 1937 1938 1937
24955 Gulden Gulden Gulden Gulden
24956 Aannemingscontract1). 75.000 80.000 Gewone aandeelen 775.000 775.000
24957 Aanlegrekening Boeton: Preferente aandeelen 25.000 25.000
24958 Gebouwen2) 44.000 45.000 Res. dub. debiteuren 377 395
24959 Kabelbaan3) . 102.900 107.000 Reserve wegenbouw 810 938
24960 Pier met kraan4) 29.600 30.500 Opgenomen crediet 25.104
24961 Wegen, vloot, rollend mate- Crediteuren 11.226 11.895
24962 riaal enz.5) 75.013 82.212 Nog te verrekenen 5.457 3.110
24963 Boetonaninstallatie Pasar Reserve diverse belangen 31.214 30.853
24964 Wadjo 7.000 3.935 Gouv. van Ned .- Indië Retri-
24965 Aanlegrekening Java: butie 6.451 17.517
24966 Installatie Soerabaia®) 16.400 17.600
24967 Id. Tg. Priok?) 14.900 17.600
24968 Installatie wegenbouw Neder-
24969 land®) 24.000 25.000
24970 Exploratierekening®) 18.400 20.000
24971 Octrooien 1.500 2.000
24972 Inventarissen 2 2
24973 Voorraden 156.74010) 145.477
24974 Deelnemingen 1
24975 Debiteuren 35.249 35.970
24976 Kas, giro en banken 7.528 14.074
24977 Te verrekenen posten 7.919 9.413
24978 Verliessaldo 264.488 228.924
24979 880.639 864.708 880.639 864.708
24980 1)-9) Waarde bij reorganisatie plus nieuwe aanschaffingen, verminderd met resp. f 25.000, f 6.041,
24981 f 14.694, f 5.400, f 9.882, f 6.701, f 7.156, f 16.509 en f 12.046 (v.j. resp. f 20.000, f 5.000, f 12.065,
24982 f4.500, f8.682, f 5.501, f 5.956, f 14.459 en f 10.000. 10) Incl. 228 ton geconsigneerd in Frankrijk en inmiddels
24983 boven boekwaarde verkocht; de overige voorraden zijn gewaardeerd tegen de ulto 1938 geldende prijzen of
24984 remplaceeringswaarde.
24985 Productie 1927 en 1928: niet opgegeven; 1929: 18.300 ton; 1930: geen opgave; 1931: 2150 ton;
24986 1932: nihil; 1933: 6800 ton; 1934: 8110 ton; 1935: 7565 ton; 1936: 6384 ton; 1937: 2.200 ton; 1938: 6223 ton.
24987 Uit Verslag 1938 blijkt dat het nog niet is gelukt een zoodanig quantum af te zetten dat een
24988 voordeelig bedrijfssaldo wordt verkregen. Orders voor 2903 ton boetonan, 43 (v.j. 1868) ton boetonic en
24989 3400 ton asphaltbeton werden ontvangen. De asphaltbetonopdrachten worden voor meer dan de helft
24990 eerst in 1939 afgeleverd en komen dat jaar ten goede. Aan mastiek en ander afdekmateriaal werden in 1938
24991 orders ontvangen, omvattende ca. 3.600 ton ruw product tegen bijna 3.000 ton in 1937. In het eerste
24992 halfjaar 1939 werden orders ontvangen voor 2.672 ton boetonan en mastiek met een ruwproduct-
24993 inhoud van 2.715 ton. Naar Europa vond geen afscheep plaats. Afzet in Oost-Azië en Zuid-Afrika be-
24994 vindt zich nog in een proefstadium. De Afdeeling wegenbouw in Nederland werkte in Houthem (Limb.)
24995 en Leiden en verkreeg voor 1939 opdrachten in Zwolle, Kessel (Limb.) en Meerssen (Limb.). In 1938
24996 werd 675 ton ruw product in Europa afgezet.
24997 Boekjaar 1939. Het jaarverslag was 20 Dec. 1940 nog niet verschenen. (Red.).
24998 N.V. DOMANIALE MIJN-MAATSCHAPPIJ, te Kerkrade. Opgericht: 30 Juni
24999 1925.
25000 Doel: de exploitatie van de Domaniale Mijnen, met een ontginningsveld ter
25001 grootte van 690 H.A., gelegen onder Kerkrade, in het Zuid-Limburgsche kolen-
25002 bekken en voor een klein gedeelte zich uitstrekkende in het Wormbekken. De
25003 mij. kan ook andere mijnen exploiteeren en deelnemen i.a. ondernemingen.
25004 De mij. heeft de mijnbelangen van de Aken-Maastrichtsche Spoorweg-Maat-
25005 schappij overgenomen, die tot 1925 genoemde kolenvelden exploiteerde.
25006 De oorspronkelijke overeenkomst tusschen den Staat en de A .- M. Spoorweg
25007 Mij., welke in de praktijk onhoudbaar bleek te zijn, werd vervangen door een
25008 nieuwe overeenkomst, bekrachtigd bij de wet van 28 Mei 1925, st.bl. 203. Daarbij
25009 werd onder meer bepaald, dat de exploiteerende Mpij., in plaats van een wisse-
25010 lende vergoeding, zou betalen een vast bedrag van 50 cents per ton gewonnen
25011 kolen, waaronder is te verstaan de bruto-productie verminderd met 15 pct. In-
25012 gaande 1 Jan. 1932 werd de royalty-clausule van de overeenkomst aangevuld in dier
25013 voege dat de Regeering jaarlijks bepaalt hoeveel de royalty per ton fijnkolen
25014 bedraagt, met een maximum van 50 en een minimum van 10 ct. per ton.