|
20057 |
920 SPOORWEGFONDSEN |
|
20058 |
12 Juni 1900, en uitgegeven in twee gedeelten, het eerste |
|
20059 |
groot f 8.000.000, à pari, op 18 December 1900, het tweede groot |
|
20060 |
f 7.000.000 à 100} pct. op 18 December 1901. Alle seriën zijn dooreen |
|
20061 |
leverbaar. Obligatiën groot f1000; coupons 1 Jan. en 1 Juli; aflossing |
|
20062 |
in 60 jaren. 1 Jan. 1902 werd f 34.000 afgelost, daarna f 64.000 plus |
|
20063 |
bespaarde rente. Uitloting in October, voor afbetaling in Januari |
|
20064 |
d.a.v. Bij naasting door den Staat is deze bevoegd zich in de plaats |
|
20065 |
der Mij. te stellen. Op 31 Dec. 1905 was per resto nog uitstaande |
|
20066 |
van de leening van 1900 f 7.818.000, en van 1902 f 6.874.000, te zamen |
|
20067 |
f 14.692.000. |
|
20068 |
Koersbeweging. |
|
20069 |
1901 1902 1903 1904 |
|
20070 |
Laagste koers 1011/4 102 101 102 |
|
20071 |
Hoogste koers 1031/2 1033/ 103 1033/ |
|
20072 |
Voor Hoogsten en Laagsten Koers 1905, zie index. |
|
20073 |
Mij. t. Expl. v. Staatsspoorwegen. 4 pct. obl. |
|
20074 |
van 1902/3 zijnde seriën 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7 en 8 elk groot |
|
20075 |
f 1.000.000 eener leening groot f 15.000.000, geautoriseerd bij besluit |
|
20076 |
eener vergadering van aandeelhouders dd. 21 Juni 1902. De inschrij- |
|
20077 |
ving op serie 1-8 f 8.000.000 was opengesteld à 101 pct. op 19 Maart |
|
20078 |
1903. Bij deze inschrijving hadden de aandeelhouders e .: oprichters |
|
20079 |
der Mij. recht van voorkeur van 5 tot en met 18 Maart 1903. Obliga- |
|
20080 |
tiën groot f 1000 met coupons 1 April en 1 October, de cerste op 1 |
|
20081 |
Oct. 1903. Aflossing à pari in 60 jaar door jaarlijksche uitlotingen in |
|
20082 |
October (voor het eerst in 1903) ter betaling op 1 April d.a.v. Jaar- |
|
20083 |
lijksche aflossing f 34.000, vermeerderd met de vrijgevallen rente uit |
|
20084 |
de vroeger afgeloste bedragen. De Mij. behoudt zich het recht voor |
|
20085 |
alle of een der nog uitstaande obl. te allen tijde à pari af te lossen. |
|
20086 |
Op 31 Dec. 1905 was van deze uitgifte per resto nog uitst. f 7.895.000. |
|
20087 |
De resteerende f 7.000.000 dezer leening, seriën 9-15, werden in Maart |
|
20088 |
1905, als 3} pct. obligatiën uitgegeven. (Zie blz. 922). |
|
20089 |
1903 1904 |
|
20090 |
H.K. L.K. H.K. L.K. |
|
20091 |
Koersbeweging 103 1011/ 1033/ 102 |
|
20092 |
Mij. t. Expl, v, Staatsspoorwegen; 3} pct, leening |
|
20093 |
van 1887, groot f 17.239.000, waarvan de eerste uitgifte van 5 seriën |
|
20094 |
elk à f 1.000.000 plaats vond in Oct. 1887 ter conversie der 5 pct. lee- |
|
20095 |
ning van 1873, en de tweede uitgifte van 12 seriën, elk à f 1.000.000 |
|
20096 |
en eene serie à f 239.000 in Januari 1888 geschiedde ter conversie van |
|
20097 |
alle toenmaals bestaande 4 pcts. leeningen. Koers van uitgifte tel- |
|
20098 |
kens 97 pct. Houders van aflosbaar gestelde obligatiën hadden bij |
|
20099 |
de inschrijving den voorrang, daarna de houders van aandeelen en |
|
20100 |
van bewijzen van oprichtersrechten. Obligatiën zijn groot f 1.000; |
|
20101 |
coupons 1 Mei en 1 Nov. Amortisatie, aangevangen in 1888 bij |
|
20102 |
jaarlijksche uitloting in October van 0.7 pct. van het bedrag der |