|
20151 |
922 SPOORWEGFONDSEN. |
|
20152 |
1900 1901 1902 1903 1904 |
|
20153 |
Laagste koers 941/4 95 98 97 981/4 |
|
20154 |
Hoogste koers 99 991/8 991/2 991/2 1001/3 |
|
20155 |
Voor Hoogsten en Laagsten Koers 1905, zie index. |
|
20156 |
Mij. tot Expl. v. Staatsspoorwegen; 3} pcts. lee- |
|
20157 |
ning, groot f 7.000.000 van 1905: uitmakende de 9e, 10e, |
|
20158 |
11e, 12e, 13e, 14e en 15e Serie, elk groot f 1.000.000 der geldleening |
|
20159 |
van 1902/3, groot f 15.000.000, waarvan de seriën 1-8 uit 4 pcts. |
|
20160 |
obligatiën bestaan. Obligatiën groot f 1000, met coupons |
|
20161 |
per 1 Januari en 1 Juli. Aflossing door uitloting in October, ter |
|
20162 |
aflossing op 1 Januari d.a.v., t.w. op 1 Januari 1906 f 35.000 en ver- |
|
20163 |
der elk volgend jaar zoodanige som als de ten vorigen jare aflosbaar |
|
20164 |
gestelde, vermeerderd met de vrijgevallen rente; zoodat de geheele |
|
20165 |
leening in 60 jaren zal zijn afgelost. Bij naasting door den |
|
20166 |
Staat van de eigendommen der mpij. of indien de mpij. van hare rech- |
|
20167 |
ten betreffende de exploitatie der Staatsspoorwegen wordt vervallen |
|
20168 |
verklaard, is de Staat bevoegd zich in de plaats der mpij. te stellen. |
|
20169 |
De inschrijving op deze obligatiën was op 21 Febr. 1905 tot den koers |
|
20170 |
van 973 pct. opengesteld. Voor nadere bijzonderheden zie men het |
|
20171 |
volledig prospectus, dat aan het einde van dezen jaargang is afge- |
|
20172 |
drukt. Op 31 December 1905 stond per resto f 6.965.000 uit. |
|
20173 |
Voor Hoogsten en Laagsten Koers 1905, zie index. |
|
20174 |
Mij. tot Expl. van Staatsspoorwegen, 3 pct. Obli- |
|
20175 |
gatiën van 1892-95, groot f 11.000.000 en f 3.000.000 ver- |
|
20176 |
deeld in seriën, elk van f 1.000.000, de eerste leen. gecreëerd krach- |
|
20177 |
tens besl. der vergad. van aand.houders van 30 Nov. 1892. De leen. van |
|
20178 |
1892 was geautoriseerd voor f 15.000.000 waarvan f 4.000.000 (4 seriën) |
|
20179 |
als 31/2 pct. obl. uitgegeven 14 Jan. 1893 en de rest in 3 pct. obl. De |
|
20180 |
uitgifte der eerste twee (5de en 6de) serien had plaats bij |
|
20181 |
inschrijving, opengesteld den 12 April 1894, tot den koers |
|
20182 |
van 951/2 pct., waarbij de houders van aandeelen en oprich- |
|
20183 |
tersaandeelen den voorrang hadden. Bij inschrijving, openge- |
|
20184 |
steld den 9 Januari 1895 tot den koers van 971/4 pct., werden de 7de |
|
20185 |
en 8ste seriën dezer leening uitgegeven. Aandeelhouders en oprich- |
|
20186 |
ters hadden ook hierbij den voorang. Verder werd ter betaling van |
|
20187 |
den koopprijs van den Nederlandschen Zuid-Ooster Spw .- Mpij, in |
|
20188 |
Februari 1895 overgegaan tot uitgifte van een bedrag van f 6.840.000, |
|
20189 |
verdeeld in 6 seriën, elk groot f 1.000.000 en eene serie van f840.000, |
|
20190 |
uitmakende de 9de tot de 15de seriën der leening. Voor zoover de |
|
20191 |
obligatiën niet door de aandeelhouders en de oprichters à pari waren |
|
20192 |
genomen, werden zij aan de Ned. Zuid-Ooster Spg .- Mij. uitgereikt ter |
|
20193 |
betaling van genoemden koopprijs. Deze laatste Maatschappij stelde |
|
20194 |
van 21 Februari tot 15 Maart 1895 de houders harer obligatiën in de |
|
20195 |
gelegenheid, deze te doen verwisselen tegen de 3 pcts. oblig. der |
|
20196 |
S. S. Mpij., met rentegenot van af 1 Jan. 1895. Voor elke f 1000 4 |
|
20197 |
pets. 1ste hyp .- oblig. Ned. Z .- O. Sp. werd verstrekt f 1.000 3 pcts. |