|
49602 |
1360 SPOORWEGFONDSEN. |
|
49603 |
van die van 1903 f 1.865.000, van de leening 1908 f 2.893.000 en van de |
|
49604 |
leening 1912 f 2.933.000. |
|
49605 |
1901 1905 1906 1907 1908 1909 1910 1911 1912 1913 1914 |
|
49606 |
Laagste koers 101₴ 101} 99% 98 993 1012 100 100 98 90% 912 |
|
49607 |
Hoogste koers 102} 103g 104 1022 1022 102} 102₴ 101₫ 101 978 95 |
|
49608 |
Koersen 1915: 932-86; 1916: 964-80; 1917: 94-91; 1918: 923-80 |
|
49609 |
Nederlandsche Centraal Spoorweg. 3} pct. leening |
|
49610 |
van 1899, geautoriseerd bedrag, geheel uitgegeven f 940.000. Door de |
|
49611 |
H.H. Vlaer & Kol te Utrecht, was 30 September 1902 de gelegenheid open- |
|
49612 |
gesteld de bewijzen van uitgestelde schuld tegen deze obligatiën te ver- |
|
49613 |
wisselen in de verhouding van 3 bewijzen voor f 100. Voor uitgestelde be- |
|
49614 |
wijzen zie hieronder. Obligatiën groot f 1000 (ook f 100, niet in |
|
49615 |
de noteering). Coupons per 1 Januari en 1 Juli. Aflossing in |
|
49616 |
76 jaren, door uitlotingen in November, betaalbaar 2 Januari d.a.v. Op |
|
49617 |
1 Januari 1918 was van deze leening nog onafgelost f 875.000, waartegen- |
|
49618 |
over echter op 1 Januari 1919 nog f 637.500 in portefeuille. . Voor de voor- |
|
49619 |
waarden waartegen bewijzen van uitgestelde schuld verwisselbaar waren |
|
49620 |
tegen deze obligaties, zie men onder bewijzen van uitgestelde schuld. |
|
49621 |
1899 1900 1901 1902-1903 1904 1905 1906 1907-1910 1911 1912 1913 1914 |
|
49622 |
Hoogste Laagste koers 951 93 953 93 98 99 93 98 94 903 78% 842 04 |
|
49623 |
1915-1918: geen koers. |
|
49624 |
Nederlandsche Centraal Spoorweg Mij. 3 pct. lee- |
|
49625 |
ning van 1894, groot f 12.000.000 (24 seriën), uitgegeven in 1894, ter con- |
|
49626 |
versie van de gestempelde obligatiën. Bij deze conversie werd voor elke obli- |
|
49627 |
gatie van f 235, inclusief de coupons van 1 Juli 1892 en 1 Januari 1893, afge- |
|
49628 |
geven eene nieuwe obligatie van f 250 nominaal, voorzien van coupons, |
|
49629 |
verschijnende 1 Januari en 1 Juli, waarvan de eerste, op 31 December 1894 |
|
49630 |
verschijnende, met f 3 .- betaalbaar was, de volgenden met f 3.75, per |
|
49631 |
obligatie van f 250. De gelegenheid tot conversie blijft voortdurend open- |
|
49632 |
gesteld, doch in de maand November gesloten. Op 1 Januari 1919 was |
|
49633 |
nog f 9.924.250 dezer obligatiën in omloop, waarvan op 1 Januari 1919 |
|
49634 |
f 483.000 in portefeuille was. Obligatiën groot f 250 en f 1000, |
|
49635 |
waarvan elke soort afzonderlijk wordt genoteerd. De aflossing ge- |
|
49636 |
schiedt, behoudens vervroegde en versterkte aflossing. binnen |
|
49637 |
66 jaren na de uitgifte, met 0.4791 pct. per jaar. De uit- |
|
49638 |
lotingen hebben plaats in November, aangevangen in 1895, ter uit- |
|
49639 |
betaling à pari op 31 December d.a.v. De bewijzen van uitgestelde rente, |
|
49640 |
voortgesproten uit de conversie van 1866, zijn aflosbaar à pari uit de helft |
|
49641 |
der winst, na aftrek van het benoodigde voor rentebetaling en uitloting der |
|
49642 |
obligatiën. Bij bovenbedoelde conversie (van 1866) werd bepaald dat de |
|
49643 |
rente op 3 pct. per jaar vastgesteld bleef, terwijl de rente ten deele in geld |
|
49644 |
en ten deele in scrip werd voldaan. Voor de voorwaarden waartegen bewijzen |
|
49645 |
van uitgestelde schuld verwisselbaar waren tegen deze obligatiën, zie men |
|
49646 |
onder bewijzen van uitgestelde schuld. Op 4 Juni 1879 werd de gelegenheid |
|
49647 |
opengesteld deze scrip te verwisselen in: Nederlandsche Centraal |
|
49648 |
Spoorweg Mij. Bewijzen van uitgestelde schuld, groot |
|
49649 |
f 100, tegen betaling van f 0.35 voor ieder bewijs. De uitloting der bewij- |
|
49650 |
zen geschiedt in Mei, de betaling zoo mogelijk in Juni d.a.v. De aflossing |