Page 1429 in yearbook 1920

Page Block

Scanned page

Yearbook Vol. Seq P.no Type Size File
1920 vanoss_1920_domestic 1429 1361 content 1712 × 2433 1920/31106

Blocks on this page 1

Main
17131
4 lines

Page content 59

The raw OCR output of this page, line by line.
49651 SPOORWEGFONDSEN. 1361
49652 geschiedt à pari uit de helft der winst, na aftrek van het benoodigde tot
49653 zentebetaling en aflossing van obligatiën. Hoewel de aflossingen steeds
49654 geregeld plaats. hadden, werd echter in 1894 geen uitloting gehouden. Uit
49655 de winst van 1918 werden 528 (528) bewijzen uitgeloot. Op 1 Januari 1919
49656 was nog aan scrip in omloop f 16.888.88, en aan onuitgelote bewijzen van
49657 uitgestelde schuld f 1.667.200.
49658 3 pct. oblig. 1894 . 1895 1900 1905 1906 1907 1908 1909 1910 1911 1912 1913 1914
49659 Laagste koers 912 84₴ 88 85 81 84} 85g 83 80% 80 77₴ 78₺
49660 Hoogste koers 93% 882 90% 913 872 88 88 883 85à 83% 82} 81
49661 1915: 78-72; 1916: 804-74; 1917: 783-75; 1918: 78-72.
49662 Bewijz. v. uitgest. schuld :
49663 Laagste koers 18 31 38% 40% 34 382 37 35 35 44 43 43%
49664 Hoogste koers 23g 37 44 46@ 42 44 432 412 464 47% 46 -
49665 .1915: 452-45; 1916: 57-45; 1917: 50-412; 1918: 51}-48.
49666 Verwisseling. Op 14 October 1911 werd besloten de gelegenheid open te stellen
49667 tot verwisseling der bewijzen van uitgestelde schuld in 3 pct. of 3} pot. obligatiën
49668 van 1894 en 1899 in portefeuille, t.w .: of 2 bewijzen tegen f 100 32 pct. obligatie 1899
49669 òf 40 bewijzen tegen f 2250 3 pct. obligaties 1894. Voor deze verwisseling waren be-
49670 schikbaar f 796.500 leening 1894 en f 793.700 der leening 1899. In 1912 werden 7.704 be-
49671 wijzen van uitgestelde schuld verwisseld tegen f 288.000 3 pct. obligatiën van 1894
49672 en f 129.200 32 pct. obligatiën van 1899. De verwisseling kon geschieden ten kantore
49673 der Associatie-Cassa. De verwisselde bewijzen blijven deelnemen aan de uitlotingen.
49674 Nederlandsch Indische Spoorweg Maatschappij te
49675 's Gravenhage. Opgericht 27 Augustus 1863. Duur tot 1 Januari
49676 1971. Do el: Het aanleggen en exploiteeren van spoorwegen in Nederl.
49677 Indië. Raad van Beheer: Dr. J. Kraus en Jhr. Reigersberg Ver-
49678 sluys. Commissarissen: L. W. C. Gerlach, voorzitter, A. H. G.
49679 Fokker, secretaris, A. W. van Eeghen Jr., A. D. de Marez Oyens, Dr. J. L.
49680 Cluysenaer, C. F. Lucardie en Mr. Dr. W. F. van Leeuwen. Plaat-
49681 selijk Comité te Semarang: R. Birckenhauer, D. C. Buurman
49682 en W. H. Hioolen. Gouvernements-Commissaris: Dr. E.
49683 B. Kielstra.
49684 Uittreksel uit de concessie-voorwaarden der verschillende lijnen
49685 van de Nederlandsch-Indische Spoorweg Mpij.
49686 10. SPOORWEG SEMARANG-VORSTENLANDEN. Concessie goedgekeurd bij Kon
49687 besl. d.d. 10 Maart 1863 e.v .: art. 69. De concessie voor de exploitatie van den spoor-
49688 weg wordt gegeven voor een tijdvak van 99 jaren (tot Dec. 1971). De concessiën,
49689 voor later aan te leggen verlengingen of zijtakken verleend, vervallen tegelijkertijd
49690 met de concessiën voor de hoofdlijn. Na afloop van den termijn, voor de concessie
49691 bepaalt, vervalt de weg met alle toebehooren, vrij en onbezwaard aan den Staat.
49692 Art. 71. De Staat heeft het recht, de onderneming te naasten twintig jaren na-
49693 dat de weg in zijn geheel in exploitatie zal zijn geweest, en verder na elke tien
49694 jaren exploitatie. De naasting geschiedt tegen den prijs, die volgenderwijze wordt
49695 gevonden: Men berekent de zuivere opbrengst van de laatste zeven jaren. trekt
49696 daarvan de twee ongunstige jaren af, en neemt het gemiddeld bedrag der na
49697 aftrekking overblijvende vijf jaren, en brengt de alzoo verkregen som, door die
49698 met 25 te vermenigvuldigen, tot kapitaal. De prijs kan niet minder bedragen dan
49699 het oorspronkelijk vennootschappelijk kapitaal, verminderd met hetgeen voor in-
49700 koop en aflossing van aandeelen en obligatiën is besteed. De betaling geschiedt
49701 aan de concessionarissen, zes maanden na de finale overname van den spoorweg.
49702 Van het voornemen om te naasten wordt minstens een jaar te voren aan de con-
49703 cessionarissen kennis gegeven. Art. 73. Het maximum van het kapitaal, waarvan
49704 de renten door den Staat worden gewaarborgd, zal in geen geval de som van
49705 17.000.000 mogen overtreffen. Art. 74. De Staat waarborgt aan de vennootschap
49706 over het tijdvak tusschen 1 Januari 1869 en 31 December 1906, een rente van 43 pct.
49707 over het in art. 73 genoemde kapitaal. Het maximum dier garantie wordt bepaald
49708 op f 765.000 's jaars. Art. 76. De door den Staat voor te schieten gelden stellen een
49709 VAN Oss, Effectenboek voor 1920. XVII1. 86