|
49710 |
1362 SPOORWEGFONDSEN. |
|
49711 |
schuld daar, ten laste van de vennootschap en ten behoeve van den Staat welke |
|
49712 |
sehuld echter geen rente draagt. De terugbetaling daarvan geschiedt op den voet |
|
49713 |
bij art. 90 bepaald. Art. 90. Zoodra de winst- en verliesrekening een zuivere |
|
49714 |
winst aantoont van meer dan 5 pct., zal dat meerdere tot een bedrag van |
|
49715 |
1 pct. worden ingehouden tot terugbetaling aan den Staat van hetgeen deze voor |
|
49716 |
rente gedurende den tijd van aanbouw heeft betaald, en van de eventueele voor- |
|
49717 |
schotten, door hem verstrekt, ten gevolge van den waarborg der rente. Zoolang |
|
49718 |
de Staat crediteur der vennootschap is, zal geene hoogere winst dan 7 pct. aan |
|
49719 |
de aandeelhouders mogen worden uitgekeerd, maar het meerdere voor twee derde |
|
49720 |
deelen mede moeten strekken tot delging der schuld, aan den Staat, terwijl van het |
|
49721 |
overige de helft wordt uitgekeerd aan het bestuur der vennootschap, en de andere |
|
49722 |
helft op de reserverekening wordt gebracht. Zoodra de schuld aan den Staat ge- |
|
49723 |
heel is afgedragen, treedt deze or voor een deel der winsten, die jaarlijks boven |
|
49724 |
de 5 pct. worden verkregen, zullende dit meerdere alsdan worden verdeeld: 50 pct. |
|
49725 |
aan de aandeelhouders, 25 pct. aan den Staat, 15 pct. aan het reservefonds, 10 pct. |
|
49726 |
aan het bestuur der vennootschap. Zoodra het reservefonds tot het maximum |
|
49727 |
van f 500.000 is gebracht, houdt de bijdrage onder dit hoofd op, en wordt het |
|
49728 |
gebracht op de amortisatie-rekening. |
|
49729 |
Gewijzigde concessievoorwaarden voor de Stoomtramwegen der |
|
49730 |
N. I. S. in Midden Java. |
|
49731 |
De voornaamste bepalingen dezer in October 1913 gewijzigde concessievoorwaarden |
|
49732 |
volgen hieronder. |
|
49733 |
Concessie is verleend voor de volgende groepen: |
|
49734 |
K.M |
|
49735 |
Groep 1 Djokja-Brossot met zijlijnen 59 |
|
49736 |
" 2 Djokja-Willem I 111 |
|
49737 |
3 Goendih-Soerabaja 383 |
|
49738 |
, |
|
49739 |
4 Bojolali-Solo-Kakak 99 |
|
49740 |
" |
|
49741 |
5 Semarang-Gambringan 62 |
|
49742 |
714 |
|
49743 |
Duur der concessie: tot 31 December 1971. |
|
49744 |
Naastingsrecht. Na 31 December 1935 kunnen de tramwegen te allen tijde |
|
49745 |
door het Gouvernement worden genaast, mits voorafgaande kennisgeving van één |
|
49746 |
jaar, welke kennisgeving echter geen bindende kracht heeft. Bij naasting van den |
|
49747 |
spoorweg Semarang-Vorstenlanden vóór of op het tijdstip waarop de concessie voor |
|
49748 |
dien spoorweg afloopt, is het Gouvernement verplicht den tramweg Djokja-Brossot |
|
49749 |
tevens over te nemen. Voor groep 5 is naasting te allen tijde mogelijk 10 jaren |
|
49750 |
na het eerste jaar, waarop de hoofdlijn dier groep in dienst werd gesteld. |
|
49751 |
Bedrag te betalen bij naasting of bij overneming n'a het |
|
49752 |
einde der concessie. |
|
49753 |
I. Als naastingssom geldt voor elke groep afzonderlijk een bedrag A, berekend |
|
49754 |
naar onderstaande formule: |
|
49755 |
C -- D |
|
49756 |
A = B + (25 E-B) X |
|
49757 |
C |
|
49758 |
Verklaring: |
|
49759 |
B = de boekwaarde der goederen op het oogenblik van naasting, t.w. het totaal |
|
49760 |
der bouw- en uitbreidingsrekening plus de kostprijs van het bij naasting aanwezige |
|
49761 |
rollend materieel. Deze kostprijs is te verminderen met 1} pct. voor elk kalender- |
|
49762 |
jaar, verloopen sedert het eerste jaar van indienststelling; maximum korting 25 pct. |
|
49763 |
C = het aantal maanden tusschen 1 Jan. 1913 en 31 Dec. 1971. |
|
49764 |
D = het aantal maanden op het oogenblik van naasting verstreken sedert |
|
49765 |
1 Januari 1913. |
|
49766 |
E = de gemiddelde netto-opbrengst per jaar gedurende de voordeligste 5 van de |
|
49767 |
laatste 7 boekjaren, voorafgaande aan den dag van naasting. Als netto-opbrengst |
|
49768 |
wordt verstaan het verschil tusschen: eenerzijds alle baten, inclusief wagenhuren, |
|
49769 |
vergoedingen voor gemeenschappelijk gebruik, pachtsommen, renten van kasgeld, |
|
49770 |
enz., doch niet de opbrengst van vervreemde goederen; anderzijds: alle lasten der |
|
49771 |
Mpij. van welken aard ook - mits geen kapitaalsuitgaven - inclusief uitgaven |
|
49772 |
voor wagenhuren, voor gemeenschappelijk gebruik, voor pachten enz., terwijl verder |
|
49773 |
in aftrek zal worden gebracht een nader vast te stellen en door de Regeering te |