|
31339 |
PETROLEUM-MAATSCHAPPIJEN. 1087 |
|
31340 |
Concessions Holding Co Ltd. met een nom. kapitaal van £ 3.000.000 |
|
31341 |
(£ 1.000.000 preferente en £ 2.000.000 gewone aand.) welke zich ten doel stelt waarden |
|
31342 |
te verkrijgen van ondernemingen in en buiten het V. K., voorts petroleumhoudende |
|
31343 |
terreinen en het verrichten van datgene wat met het genoemde verband houdt. De |
|
31344 |
Burlington Investment Co. Ltd. of een andere met de Kon. Shel groep gelieerde |
|
31345 |
mpij. heeft het recht na overschrijving op de aandeelen de meerderheid der directie |
|
31346 |
te benoemen. Het ligt in de bedoeling de aandeelen der Venezuelan Oil Con- |
|
31347 |
cessions over te nemen ( 1 aandeel der V. O. C .: 1 pref. aand. en 2 gew. aand. der |
|
31348 |
nieuwe mpij. |
|
31349 |
In April verkreeg de Koninklijke-Shell-groep de aandeelen der Credit Anstalt te |
|
31350 |
Weenen en der Petr. Mpij. „Photogeen“ te A'dam en daarmede de contrôle |
|
31351 |
over deze mpij. |
|
31352 |
In Juni nam de Shell Co. of California de ,,Corona Company over. Eerstgenoemde |
|
31353 |
werd gemachtigd tot uitgifte van $ 19.600.000 aand. à pari aan de Koninklijke, en wel |
|
31354 |
voor het geheele aandeelenbezit dat deze' van de „Corona" had. Door deze transactie |
|
31355 |
steeg het kapitaal der Shell Co. of California tot bijna $ 100 millioen. |
|
31356 |
Op de buitengewone algemeene vergadering der Koninklijke, in Juli 1921 gehouden, |
|
31357 |
werden in de plaats der H.H. Jhr. H. Loudon en Mr. A. J. Cohen Stuart (overleden |
|
31358 |
Maart 1921) tot directeuren benoemd: H. Colijn en Mr. Jhr. B. C. de Jonge, en voorts |
|
31359 |
J. E. T. de Kok en Dr. J. Th. Erb. De heer Loudon werd tot Commissaris be- |
|
31360 |
noemd. De statuten zijn gewijzigd in dier voege dat de vennootschap volgens art. 19 |
|
31361 |
zal worden bestuurd door ten minste 3 directeuren onder toezicht van ten minste |
|
31362 |
5 en ten hoogste 10 commissarissen. Het maatschappelijk kapitaal der venn. werd |
|
31363 |
bepaald op f 600.000.000, verdeeld in 1500 preferente aandeelen, 28.500 prioriteitsaan- |
|
31364 |
deelen en 570.000 aandeelen, elk van f 1000. |
|
31365 |
Medio September 1921 werd door de Kon. Shell en de Steaua Romana een over- |
|
31366 |
eenkomst geteekend waarbij eerstgenoemde het monopolie verkrijgt voor het trans- |
|
31367 |
port en den verkoop van de Rumeensche producten der Steaua. |
|
31368 |
In November 1921 ging de Koninklijke een belangengemeenschap aan met de |
|
31369 |
Union Oil Co. of Delaware, waartoe een nieuwe mpij. werd opgericht |
|
31370 |
(naam in Dec. 1921 nog niet bekend) met een kapitaal van 10.000.000 aandeelen |
|
31371 |
zonder nominale waarde, waarvan de Koninklijke 72 pct., de Union Oil Co. 28 pct. |
|
31372 |
ontving. In ruil voor haar eigendommen kreeg de Union Oil Co. 2.240.000 aan- |
|
31373 |
deelen en de Anglo-Saxon, die de Koninklijke bij de fusie vertegenwoordigt, 5.670.000. |
|
31374 |
De eigendommen der Koninklijke-Shell, welke in de nieuwe mpij. worden onder- |
|
31375 |
gebracht zijn de volgende: de Shell Co. of Cal., de Roxana Petroleum Co., de |
|
31376 |
Ozark Pipe Line Co. en de Matador Petroleum Co. in Wyoming. Met uitzondering |
|
31377 |
van twee tankschepen van 10.000 ton en eigendommen in West-Virginia en Ken- |
|
31378 |
tucky, zijn alle bezittingen der Union Cy. in de fusie begrepen. De daaronder |
|
31379 |
niet begrepen activa zijn cash, staatsobligatiën, inventaris, materialen en te ont- |
|
31380 |
vangen rekeningen en notes ad $ 2.082.200, waartegenover loopende passiva staan. |
|
31381 |
met inbegrip van bankvoorschotten en uitkeeringen op Colombian Oil Producing |
|
31382 |
Cy. waarden, ten bedrage van $ 5.250.000. De Union Oil of Delaware is hoofd- |
|
31383 |
zakelijk een produceerende maatschappij. Zij bezit ook 28 pct. van het kapitaal der |
|
31384 |
Union Oil Co. of California, één van de grootste onafhankelijke maatschappijen |
|
31385 |
werkende in de Californische olievelden. Dit actief gaat eveneens over naar de |
|
31386 |
nieuwe Koninklijke-combinatie. |
|
31387 |
Uitkeering van dividend uitsluitend in aandeelen door statuten- |
|
31388 |
wijziging mogelijk gemaakt. In Dec. 1921 werd besloten aan art 31 der statuten |
|
31389 |
een nieuw lid van den volgenden inhoud toe te voegen: |
|
31390 |
„De algemeene vergadering van aandeelhouders kan op voorstel van Directie en |
|
31391 |
Commissarissen besluiten, dat het aan aandeelhouders uit te keeren dividend of |
|
31392 |
interim-dividend, hun voor het geheel of voor een deel zal worden uitgekeerd in |
|
31393 |
aandeelen der vennootschap, of - indien het bedrag der uitkeering niet overeenkomt |
|
31394 |
met het nominale bedrag der aandeelen of onderaandeelen - in bewijzen (scrip) |
|
31395 |
waarvan een veelvoud recht geeft op een of meer aandeelen of onderaandeelen, een |
|
31396 |
en ander op de wijze en onder de voorwaarden, zooals in elk voorkomend geval |
|
31397 |
bij dat besluit zal worden geregeld". |
|
31398 |
In de .,Toelichting" werd gezegd: De ontworpen toevoeging aan artikel 31 is |
|
31399 |
bestemd om te worden toegepast in het geval dat de resultaten van het bedrijf |
|
31400 |
de betaling van een dividend of interim-dividend rechtvaardigen, doch het om |
|
31401 |
een of andere reden onraadzaam schijnt, de uitkeering in geld te doen geschieden. |
|
31402 |
Zulks kan zich voordoen wanneer zoo groote kapitaals-uitgaven zijn geschied of |
|
31403 |
in de naaste toekomst moeten worden gefinancierd, dat een verzwakking der kas- |
|
31404 |
middelen ongewenscht zou zijn. In zulke gevallen zal het weliswaar voor de |
|
31405 |
hånd liggen, een beroep op de geldmarkt te doen door de uitgifte van nieuwe |
|
31406 |
aandeelen, doch de omstandigheden kunnen van dien aard zijn dat daartoe niet |
|
31407 |
mag worden besloten. Op dit oogenblik b.v. zou het Bestuur zich niet gerechtigd |
|
31408 |
gevoelen op groote schaal een beroep op de geldmarkt te doen zoo lang de recht- |
|
31409 |
matige vrees voor de belastingpolitiek der Nederlandsch-Indische Regeering ten |
|
31410 |
opzichte van het petroleumbedrijf (welke vrees vooral in het buitenland zeer leven- |
|
31411 |
dig is) niet op afdoende wijze is weggenomen. Hierin is dan ook de meer onmid- |
|
31412 |
dellijke aanleiding tot het bovenstaande voorstel gelegen. |