|
45167 |
SCHEEPVAART-MAATSCHAPPIJEN. 1315 |
|
45168 |
26 seriën geplaatst, te zamen f 30.000.000, waarvan de 7e tot en met de 26e |
|
45169 |
zijn overgegaan aan de Ned. Scheepvaart Unie (in totaal f 21.824.000), |
|
45170 |
welk bedrag door verwisseling in 1919/20 nog met f 5000 steeg, zoodat de |
|
45171 |
Unie thans f 21.829.000 aandeelen K. P. M. houdt. Men zie voor data |
|
45172 |
en plaatsingsvoorwaarden verder bij de N. S. U. De K. P. M. heeft voor |
|
45173 |
f 6.000.000 deelgenomen in het kapitaal der Ver. Ned. Scheepvaart Mpij. |
|
45174 |
Voorzoover de genomen aandeelen zijn volgestort (f 2.520.000) staan |
|
45175 |
zij voor 48 pct. te boek. (Voor de Ver. Ned. Scheepv. Mpij. zie men |
|
45176 |
elders in dit deel). Er zijn 1600 winstbewijzen uitgegeven. Aan- |
|
45177 |
deelen groot f 1000 aan toonder. Zij waren eerst voorzien van coupons |
|
45178 |
verschijnende 1 Jan. 1889-1891, betaalb. met 4 pct. per jaar; sedert genieten |
|
45179 |
zij gew. dividenden. Winstverdeeling: eerst 6 pct. aan de aandeel- |
|
45180 |
houders en van de overwinst 10 pct. aan het reservefonds, totdat dit 10 pct. |
|
45181 |
van het geplaatst kapitaal bereikt heeft (sedert 1911 het geval); van het |
|
45182 |
restant 15 pct. aan den raad van bestuur en den directeur in Nederland te |
|
45183 |
zamen, 5 pct. aan den president-directeur in Ned .- Indië, 5 pct. ten behoeve |
|
45184 |
van het personeel, 20 pct. aan de houders van winstaandeelen en 55 pct. aan |
|
45185 |
de aandeelhouders. Dividenden 1891-1920: 0, 2, 7, 9, 72, 10, 9, 9%, |
|
45186 |
81, 10, 10, 8, 7, 7, 9, 93, 81, 83, 6, 10, 9, 9, 9, 5, 10, 12, 15, 17, 14 en 8 pct. |
|
45187 |
1921 : 2} en 7 pct. (no. 34, 17 Juli 1923). Bewijzen nos. 8, 10 en 12 waren claims |
|
45188 |
bij emissie van aandeelen. Uitkeering op 1600 winstbe- |
|
45189 |
wijzen 1893-1920, in guldens: 13.60, 40.90, 20.50, 54.50, 40.90, 51.15, |
|
45190 |
3980, 63.60, 72.75, 45.45, 22.75, 22.70, 68.20, 79.55, 56.80, 62.50, |
|
45191 |
0, 109.10, 95.45, 109.10, 109.10, 0, 172.70, 259.10, 388.65, 503.35, 360.30 |
|
45192 |
en f 90.90; 1921: nihil; 1922: f 68.20 (no. 27). 4 pcts. obli- |
|
45193 |
gatiën van 1903/'13. Leening 1903, geautoriseerd groot f 3.000.000. |
|
45194 |
Hiervan werd aanvankelijk f 2.000.000 (nos. 1-2000) uitgegeven, waarop de in- |
|
45195 |
schrijving was opengesteld à 101 pct. op 17 Februari 1903 bij de Nederl. Han- |
|
45196 |
del Maatschappij. De inschrijving op de resteerende f 1.000.000 dezer lee- |
|
45197 |
ning (nos. 2001-3000) was op 10 April 1908 tot den koers van 99} pct. |
|
45198 |
ten kantore der maatschappij opengesteld. Op 26 November 1908 stond |
|
45199 |
bij de Nederl. Handel Maatschappij de inschrijving open op f 1.000.000 4 |
|
45200 |
pets. obligatiën, tot den koers van 101 pct., en op 14 December 1909 bij |
|
45201 |
dezelfde emittente op f 1.000.000 4 pcts. oblig., tot den koers van 101} pct. |
|
45202 |
In Mei 1913 stond bij haar de inschrijving open op f 3.000.000 4 pct. obli- |
|
45203 |
gatiën 1913 tot den koers van 95% pct. Obligatiën, groot |
|
45204 |
f 1000 met coupons per 1 Januari en 1 Juli. Uitloting in |
|
45205 |
December, ter afbetaling op 1 Jan. d.a.v. Rooster van aflossing: |
|
45206 |
Voor het in 1903 uitgegeven gedeelte ad f 2.000.000: Op 1 Jan. 1909-1928 |
|
45207 |
worden aflosbaar gesteld: 58, 61, 63, 66, 68, 71, 74, 77, 80, 83, 87, 90, 93, 97, |
|
45208 |
102, 105, 109, 114, 118 en 124 obligatiën. Voor het in April 1908 uitgegeven ge- |
|
45209 |
deelte ad f 1.000.000, 1 Jan. 1909-33: 24, 25, 26, 27, 28, 29, 30, 31, 33, 34, 36, |
|
45210 |
37, 38, 40, 42, 43, 45, 47, 49, 51, 52, 55, 57, 59 en 62 obligatiën. Van de leè- |
|
45211 |
ning van Dec. 1908 worden afgelost: 1910-1934: 24, 25, 26, 27, 28, 29, 30, 32, |
|
45212 |
33, 34, 35, 37, 39, 40, 41, 44. 45, 46, 49, 51, 52, 55, 57, 59 en 62 stuks; van de |
|
45213 |
leening van Dec. 1909, van 1911-1935 in dezelfde volgorde; van de leening |
|
45214 |
van Mei 1913 van 1914-1938: 72, 75, 78, 81, 84, 87, 91, 95, 99, 103, 107, 111, |
|
45215 |
115, 119, 124, 130, 135, 140, 146, 152, 158, 164, 171, 178, 185 stuks. Uitstaande |
|
45216 |
bedragen op 2 Jan. 1923 resp .: f 570.000, f 520.000, f 561.000, f 601 000 en |
|
45217 |
f 2.135.000. Raad van Bestuur: Jhr. L. P. D. Op ten Noort, voorz .; |
|
45218 |
B. E. Ruys, Dr. C. J. K. van Aalst, G. H. Hintzen, H. Colijn, H. Cremer, |