|
7919 |
676 INDUSTRIEELE ONDERNEMINGEN. |
|
7920 |
6 pct. cumulatief preferente winstdeelende aandee- |
|
7921 |
len B, groot f 1200 (£ 100). Achtereenvolgens werden geplaatst: |
|
7922 |
In Juni 1914 te Londen à 101} pct. (3500 aand. à £ 100, no.s 1-3500)1) f 4.200.000 .- |
|
7923 |
Op 9 Juni 1914 te Amsterdam à 101 pct. (3500 aandeelen à £ 100, |
|
7924 |
no's. 3501-7000)1) 1 4.200.000. |
|
7925 |
Op 30 Sept. 1915 te Amsterdam à 100 pct. incl. halve div. 1915 (3000 aand |
|
7926 |
groot f 1200, no's 7001-10.000)2) 1 3.600.000 .- |
|
7927 |
Op 20 Nov. 1916 à 101 pct. (4000 aand. groot f 1200, no's 10001-14000) f 4.800.000 .- |
|
7928 |
Ondershands in 1917 (2000 aandeelen, nos. 14001-16000) f 2.400.000 .- |
|
7929 |
Op 10 Juli 1917 à 101 pct. (4000 aand. groot f 1.200, no's. 16001-20000, incl. |
|
7930 |
halfjaarsdividend 1917) 1 4.800.000 .- |
|
7931 |
Op 29 Juli 1919 (8000 aand. groot / 1200, no's. 20.001-28.000 à 100 pct., incl |
|
7932 |
¿ div. 1919 en het volle sup .- div.) f 9.600 000 .- |
|
7933 |
In 1919 ondershands geplaatst (604 aand. groot f 1200, no.'s 28.001-28.604 f 724.800,- |
|
7934 |
Uitstaand bedrag 31 December 1919 f 34.324.800 .- |
|
7935 |
1) De aandeelen, genummerd 1-7000 en die 2) genummerd 7001 en hooger worden te |
|
7936 |
Amsterdam afzonderlijk genoteerd, omdat de dividenden van deze met een vast |
|
7937 |
bedrag, van gene naar den pondenkoers betaald worden; zie echter de nadere rege- |
|
7938 |
ling in de kleine letter hierna. |
|
7939 |
Betaald dividend 1916-1918 der aandeelen 1-7000 (pondenkoers) zie jaarg |
|
7940 |
1922, blz. 633. In 1919-1923 werden ingevolge de regeling hierna in de kleine letter |
|
7941 |
genoemd op de „ponden-" zoowel als op de „guldens-aandeelen" gelijke bedragen |
|
7942 |
betaald. De betaling geschiedde tot en met dividend 1921 in drieën, n.l. 3 pct. |
|
7943 |
interim, 3 pct. slot- en een varieerend super-dividend. Te beginnen met 1922 werd |
|
7944 |
het dividend op één datum betaald n.l. no. 9A en 9B elk met f 36 .- op 15 Mei 1923. |
|
7945 |
De super-dividenden werden voorheen steeds in Mei uitgekeerd en bedroegen over |
|
7946 |
1916-1920 resp. 12, 11, 2, 1} en } pct., sedert nihil. |
|
7947 |
6 pct. cumulatief preferente winstdeelende aandee- |
|
7948 |
len C, groot f 1000. Hiervan geplaatst: |
|
7949 |
Op 3 December 1919 à 100 pct. (incl. } div. 1919 en het volle super-div |
|
7950 |
20.000 aandeelen à f 1000 f 20.000.000 .- |
|
7951 |
Deze aandeelen werden 17 Februari 1920 in de officiëele noteering opgenomen. |
|
7952 |
Dividend werd sedert de uitgifte geregeld betaald; over 1919 en 1920 inclusief |
|
7953 |
resp. 3 en 1 pct. superdividend. Verder geen superdividend. Het 1922-dividend was |
|
7954 |
op één datum betaalbaar n.l. no. 9A en 9B elk met f 30 .- op 15 Mei 1923. |
|
7955 |
De prioriteits-aandeelen (f 100.000) zijn uitgegeven ter handhaving van het |
|
7956 |
nationaal karakter der vennootschap. |
|
7957 |
Inzake het dividend op de B's no's 1-7000. Bij de emissie dezer aandeelen |
|
7958 |
werd bepaald, dat haar dividend naar den pondenkoers betaalbaar zou worden |
|
7959 |
gesteld. Door de daling van den koers van het pond sterling als gevolg van den |
|
7960 |
wereldoorlog werd zoodoende het dividend op deze categorie aandeelen belangrijk |
|
7961 |
besnoeid. Dit was aanleiding dat in de „Nieuwe Financier & Kapitalist" van 4 |
|
7962 |
Augustus 1918 ingevolge enkele desbetreffende vragen van een abonné een bespreking |
|
7963 |
werd gewijd aan de statutaire positie der aandeelen B. no's 1-7000. De Directie der |
|
7964 |
N.V. Anton Jurgens' Ver. Fabrieken richtte daarop een schrijven aan de redactie |
|
7965 |
van de „N. F. & K." (zie de correspondentierubriek dezer courant van 28 Augustus |
|
7966 |
1918) waarin zij aan het slot mededeelt: „Eigenmachtig kunnen wij aan de houders |
|
7967 |
van aandeelen B niet tegemoetkomen, doch wij zijn in hun belang bereid aan |
|
7968 |
Commissarissen voor te stellen, uit billijkheidsoverwegingen, een door ons inmiddels |
|
7969 |
uitgewerkt plan te aanvaarden, hetwelk beoogt de houders dier aandeelen voor de |
|
7970 |
toekomst te vrijwaren tegen eene teleurstelling als bereids door hen werd onder- |
|
7971 |
vonden. Wij hopen de beslissing van Commissarissen ten spoedigste te kunnen mede- |
|
7972 |
deelen." In deze kwestie werd in de alg. verg. van 24 Jan. 1919 het volgende voor- |
|
7973 |
stel van het bestuur aangenomen: „Voor de uitbetaling der in de toekomst ver- |
|
7974 |
„vallende dividenden op de cum. pref. winstdeelende aandeelen B., nos. 1 tot en |
|
7975 |
„met 7000, welke in Nederland betaalbaar zijn, zal, zoolang de zichtkoers op Londen |
|
7976 |
„minder dan f 12 bedraagt, een herleidingskoers van / 12 worden aangenomen, voor |
|
7977 |
„zoover de winsten der vennootschap toelaten zulks te doen zonder nadeel voor de |
|
7978 |
„overige houders van cum. pref. winstdeelende aandeelen B." |
|
7979 |
De inschrijvingen stonden telkens open bij de Rotterdamsche Bankveree- |
|
7980 |
niging (Rott. Bank, Labouchere, Oven & Co.'s Bank), de Amsterdamsche |
|
7981 |
Bank en ten kantore der Vennootschap. Voor het prospectus der emissies |
|
7982 |
in 1919 zie men aan het eind van deel I, jaarg. 1920. Bij de toewijzing |