|
38113 |
SCHEEPVAART-MAATSCHAPPIJEN. 1183 |
|
38114 |
bedrag harer eigen aand. openstelde. In verband met een uitgebreid bouw- |
|
38115 |
plan werden begin 1919 weder f 5.000.000 aand. ingebracht in de N.V. „Ge- |
|
38116 |
meensch. Eigendom" (zie aldaar), welke 6 Maart 1919 de inschrijving op |
|
38117 |
eenzelfde bedrag harer eigen aand. openstelde. In Maart 1920 werd beslo- |
|
38118 |
ten tot vergrooting van het stat. kapitaal tot de tegenwoordige grootte en |
|
38119 |
werden weder nominaal f 5.000.000 aandeelen ingebracht in de N. V. |
|
38120 |
„Gemeensch. Eigendom”, welke 21 Mei 1920 de inschrijving op een gelijk |
|
38121 |
bedrag harer eigen aandeelen openstelde. In 1909 nam de Mpij. de Neptune |
|
38122 |
Line (met 6 stoomers) over. Nadere bijzonderheden omtrent ge- |
|
38123 |
schiedenis en statuten der Mpij. zijn vermeld in jaargang 1907 |
|
38124 |
en 1909. Er zijn 1450 bewijzen van deelgerechtigd- |
|
38125 |
heid uitgegeven. Voor de afgeloste obligatieschuld zie men het |
|
38126 |
laatst den jaarg. 1908, blz. 864. Aandeelen, oorspronkelijk groot f 1000, |
|
38127 |
thans f 500, op naam of aan toonder. De aandeelen werden einde Juli |
|
38128 |
1907 in Brussel geintroduceerd. Sedert October 1917 worden door het |
|
38129 |
Ned. Adm .- en Trustkantoor afgegeven certificaten van aandee- |
|
38130 |
len groot f 100. Kosten van aanmaak f 2.50 plus zegel; uitkee- |
|
38131 |
ringen onder aftrek van 1 pct. van het op de origineele aandeelen |
|
38132 |
ontvangene; royement f 0.50 per certificaat. Officieele noteering 23 April |
|
38133 |
1919. Div .- bewijs no. 9 is aan de stukken. Ten einde de betaling van nog |
|
38134 |
in aanbouw zijnde schepen te kunnen voldoen werden per 1 Mei 1922 uit- |
|
38135 |
gegeven f 30.000.000 6 pct. obligatiën. f 20.000.000 dezer oblig. werden |
|
38136 |
in stukken van f 2500 uitgegeven te New York, door de fa. White Weld |
|
38137 |
& Co., tot den prijs van $ 920 .- per obligatie (dollarkoers 1 Mei 1922 |
|
38138 |
plm. f 2.57), terwijl hier te lande op 25 April 1922 bij R. Mees & Zoonen, |
|
38139 |
de Rotterdamsche Bankvereeniging en de Amsterdamsche Bank de inschrij- |
|
38140 |
ving openstond op f 10.000.000 dezer obligatën elk groot f 500 tot |
|
38141 |
den koers van 96 pct. De stukken van f 500 kunnen op verlangen van |
|
38142 |
den houder op diens kosten tot stukken van f 2500 worden samen- |
|
38143 |
gevoegd, mits met nos. 1-5, of van 6 t/m. een 10-tal, terwijl zij eveneens |
|
38144 |
op zijn kosten weder kunnen worden gesplitst. Coupons per 1 Mei en |
|
38145 |
1 Nov. Aflossing niet voor 1928, te beginnen met welk jaar, jaarlijks |
|
38146 |
in Februari 1/20 gedeelte der leening wordt uitgeloot ter aflossing op 1 Mei |
|
38147 |
d.a.v. Coupons en losbare obligatiën zijn te New York betaalbaar naar |
|
38148 |
den wisselkoers ten tijde der betaling. Coupons verjaren na 5 jaar. |
|
38149 |
Trust ee: Nederl. Administratie- en Trustkantoor. De mpij. mag de |
|
38150 |
eigendommen die zij bij het sluiten der leening had, niet bezwaren of |
|
38151 |
verkoopen tenzij voldoende andere activa in de plaats worden gesteld. |
|
38152 |
De aflevering der definitieve obligaties ondervond vertraging; zij |
|
38153 |
kwamen eerst 18 April 1924 in de officieele noteering te Amster- |
|
38154 |
dam. De stukken van f 2500 en f 500 hebben afzonderlijke notee- |
|
38155 |
ring. De geheele leening is te New York genoteerd. Winst- |
|
38156 |
verdeeling: Na de noodige afschrijvingen, enz. eerst 5 pct. aan |
|
38157 |
de aandeelhouders. Van het meerdere: de directie 12} pet., de |
|
38158 |
commissarissen 2} pct., de bewijzen van deelgerechtigdheid 5 pct. |
|
38159 |
en de aandeelhouders 80 pct .; eventueel kunnen deze 80 pct. |
|
38160 |
ook worden aangewend voor extra reserve en voor eventueel te |
|
38161 |
sluiten geldleeningen met aandeel in de winst. Dividenden 1874- |
|
38162 |
1889: 2.975, 0, 0, 0, 0, 5; 5, 10, 9, 0, 0, 0, 0, 0, 0, 11 en 17 pct .; 1890-1897 : |
|
38163 |
nihil; 1898-1921: 6, 7, 14, 6, 5, 8, 2}, 15, 15, 11, 2}, 10, 15, 12, 15, 15, 17, |
|
38164 |
50, 55, 25, 40, 50, 25 en 10 pct. (no. 35); 1922 en 1923: nihil. De bewijzen van |