|
68532 |
1700 SPOORWEGFONDSEN. |
|
68533 |
met de concessiën voor de hoofdlijn. Na afloop van den termijn voor de concessie |
|
68534 |
bepaald vervalt de weg met alle toebehooren vrij en onbezwaard aan den Staat. |
|
68535 |
Art. 71. De Staat heeft het recht, de onderneming te naasten twintig jaren na- |
|
68536 |
dat de weg in zijn geheel in exploitatie zal zijn geweest, en verder na elke tien |
|
68537 |
jaren exploitatie. De naasting geschiedt tegen den prijs, die volgenderwijze wordt |
|
68538 |
gevonden: Men berekent de zuivere opbrengst van de laatste zeven jaren, trekt |
|
68539 |
daarvan de twee ongunstige jaren af, en neemt het gemiddeld bedrag der na |
|
68540 |
aftrekking overblijvende vijf jaren, en brengt de alzoo verkregen som, door die |
|
68541 |
met 25 te vermenigvuldigen. tot kapitaal. De prijs kan niet minder bedragen dan |
|
68542 |
het oorspronkelijk vennootschappelijk kapitaal, verminderd met hetgeen voor in- |
|
68543 |
koop en aflossing van aandeelen en obligatien is besteed. De betaling geschiedt |
|
68544 |
aan de concessionarissen, zes maanden na de finale overname van den spoorweg. |
|
68545 |
Van het voornemen om te naasten wordt minstens een jaar te voren aan de con- |
|
68546 |
cessionarissen kennis gegeven. Art. 90. Zoodra de winst- en verliesreken. een zuivere |
|
68547 |
winst aantoont van meer dan 5 pct., zal dat meerdere tot een bedrag van |
|
68548 |
1 pct. worden ingehouden tot terugbetaling aan den Staat van hetgeen deze voor |
|
68549 |
rente gedurende den tijd van aanbouw heeft betaald, en van de eventueele voor- |
|
68550 |
schotten, door hem verstrekt, ten gevolge van den waarborg der rente. Zoolang |
|
68551 |
de Staat crediteur der vennootschap is, zal geene hoogere winst dan 7 pct. aan |
|
68552 |
de aandeelhouders mogen worden uitgekeerd, maar het meerdere voor twee derde |
|
68553 |
deelen mede moeten strekken tot delging der schuld, aan den Staat, terwijl van het |
|
68554 |
overige de helft wordt uitgekeerd aan het bestuur der vennootschap, en de andere |
|
68555 |
helft op de reserverekening wordt gebracht. Zoodra de schuld aan den Staat ge- |
|
68556 |
heel is afgedragen, treedt deze op voor een deel der winsten, die jaarlijks boven |
|
68557 |
de 5 pct. worden verkregen, zullende dit meerdere alsdan worden verdeeld: 50 pct. |
|
68558 |
aan de aandeelhouders, 25 pct. aan den Staat, 15 pct. aan het reservefonds, 10 pct. |
|
68559 |
aan het bestuur der vennootschap. Zoodra het reservefonds tot het maximum |
|
68560 |
van f 500.000 is gebracht, houdt de bijdrage onder dit hoofd op, en wordt het |
|
68561 |
gebracht op de amortisatie-rekening. |
|
68562 |
Gewijzigde concessievoorwaarden voor de Stoomtramwegen der |
|
68563 |
N. I. S. in Midden Java. |
|
68564 |
De voornaamste bepalingen dezer in October 1913 gewijzigde concessievoorwaarden |
|
68565 |
volgen hieronder. |
|
68566 |
Concessie is verleend voor de volgende groepen: |
|
68567 |
K.M. |
|
68568 |
Groep 1 Djokja-Brossot met zijlijnen 59 |
|
68569 |
" 2 Djokja-Willem I 111 |
|
68570 |
" 3 Goendih-Soerabaja 383 |
|
68571 |
4 Bojolali-Solo-Kakap 99 |
|
68572 |
,, 5 Semarang-Gambringan 62 |
|
68573 |
714 |
|
68574 |
Duur der concessie: tot 31 December 1971. |
|
68575 |
Naastingrecht. Na 31 December 1935 kunnen de tramwegen te allen tijde |
|
68576 |
door het Gouvernement worden genaast, mits voorafgaande kennisgeving van één |
|
68577 |
jaar, welke kennisgeving echter geen bindende kracht heeft. Bij naasting van den |
|
68578 |
spoorweg Semarang-Vorstenlanden vóór of op het tijdstip waarop de concessie voor |
|
68579 |
dien spoorweg afloopt, is het Gouvernement verplicht den tramweg Djokja-Brossot |
|
68580 |
tevens over te nemen. Voor groep 5 is naasting te allen tijde mogelijk 10 jaren |
|
68581 |
na het eerste jaar, waarop de hoofdlijn dier groep in dienst werd gesteld. |
|
68582 |
Bedrag te betalen bij naasting of bij overneming na het |
|
68583 |
einde der concessie |
|
68584 |
I. Als naastingssom geldt voor elke groep afzonderlijk een bedrag A, berekend |
|
68585 |
naar onderstaande formule: |
|
68586 |
0 -- D |
|
68587 |
A = B + (25 E-B) X - |
|
68588 |
0 |
|
68589 |
Verklaring: |
|
68590 |
B = de boekwaarde der goederen op het oogenblik van naasting, t.w. het totaal |
|
68591 |
der bouw- en uitbreidingsrekening plus de kostprijs van het bij naasting aanwezige |
|
68592 |
rollend materieel. Deze kostprijs is te verminderen met 1} pct. voor elk kalender- |
|
68593 |
jaar, verloopen sedert het eerste jaar van indienststelling; maximum korting 25 pct. |
|
68594 |
O = het aantal maanden tusschen 1 Jan. 1913 en 31 Dec. 1971. |
|
68595 |
D = het aantal maanden op het oogenblik van naasting verstreken sedert |
|
68596 |
1 Januari 1913. |
|
68597 |
E = de gemiddelde netto-opbrengst per jaar gedurende de voordeeligste 5 van de |
|
68598 |
laatste 7 boekjaren, voorafgaande aan den dag van naasting. Als netto-opbrengst |
|
68599 |
wordt verstaan het verschil tusschen: eenerzijds alle baten, inclusief wagenhuren, |
|
68600 |
vergoedingen voor gemeenschappelijk gebruik, pachtsommen, renten van kasgeld, |
|
68601 |
enz., doch niet de opbrengst van vervreemde goederen; anderzijds: alle lasten der |
|
68602 |
Mpij. van welken aard ook - mits geen kapitaalsuitgaven - inclusief uitgaven |
|
68603 |
voor wagenhuren, voor gemeenschappelijk gebruik, voor pachten enz., terwijl verder |
|
68604 |
in aftrek zal worden gebracht een nader vast te stellen en door de Regering te |
|
68605 |
vergoeden aandeel in de kosten van algemeen beheer en voorts uitgaven ontleend |
|
68606 |
aan reserve- en vernieuwingsfondsen, benevens afschrijving op het rollend materieel. |
|
68607 |
II. Tevens zal bij naasting worden betaald de waarde van het besteld of in |