|
8784 |
INDUSTRIEELE ONDERNEMINGEN. 689 |
|
8785 |
waarvoor zij op beide laatste soorten hadden ingeschreven, de voor- |
|
8786 |
keur boven andere inschrijvers. Winstverdeeling: Allereerst |
|
8787 |
6 pct. (cumulatief) op de preferente aandeelen; vervolgens 6 pct. |
|
8788 |
(cumulatief) op de preferente winstdeelende aandeelen B en daarna |
|
8789 |
6 pct. (cumulatief) op de pref. winstd. aandeelen C. Daarna nog over- |
|
8790 |
schietende winst is ter beschikking van 'de algem. vergadering ter reser- |
|
8791 |
veering, afschrijving, overboeking op nieuwe rekening of uitkeering. In- |
|
8792 |
geval van geheele of gedeeltelijke uitkeering vindt verdeeling als volgt |
|
8793 |
plaats: eerst 6 pct. op de gewone aandeelen, van de overwinst com- |
|
8794 |
missarissen f 5000, of zooveel minder als de overwinst minder bedraagt, |
|
8795 |
en indien deze meer dan f 5000 beloopt, zoo mogelijk 2 pct. aan directeuren |
|
8796 |
en 16 pct. aan directeuren en beambten van de vennootschap en van de |
|
8797 |
ondernemingen waarin deze aandeel heeft. Het overschot kan geheel of |
|
8798 |
gedeeltelijk gereserveerd worden. Geschiedt dit niet, noch wordt het |
|
8799 |
overschot op nieuwe rekening overgebracht, zoo moet het worden |
|
8800 |
uitgekeerd aan houders van gewone aandeelen, van pref. winstd. aand. B |
|
8801 |
en dito C. Eerstgenoemden ontvangen eerst 4 pct. boven hun primair divi- |
|
8802 |
dend; voor elk procent dat meer wordt uitgekeerd, ontvangen houders van |
|
8803 |
pref. winstd. aandeelen B 1/10 pct. en houders van idem C 1/5 pct. Is |
|
8804 |
op deze wijze aan houders van pref. winstd. aand. B 2 pct. en aan die van |
|
8805 |
dito C 3 pct. uitgekeerd, dan komt het overige geheel aan gew. aandeel- |
|
8806 |
houders ten goede, met dien verstande, dat in dit geval eerst zoo mogelijk |
|
8807 |
aan de houders van prioriteits-aandeelen 6 pct. over hun kapitaal wordt |
|
8808 |
uitgekeerd. Indien de uitkeering uit de overwinst aan houders |
|
8809 |
van gewone aandeelen meer dan f 250.000 bedraagt, wordt even- |
|
8810 |
wel te voren 2 pct. van hetgeen deze uitdeeling meer bedraagt, |
|
8811 |
aan commissarissen uitgekeerd. Dividenden verjaren na 5 jaar. |
|
8812 |
Dividend gewone aand. 1906-1920: 9, 5, 10, 19, 15, 15, 20, 20, 20, |
|
8813 |
25, 25, 25, 15, 25 en 15 pct .; 1921: nihil ; 1922-1924: 3, 6 en 6 pct. (De totaal |
|
8814 |
15 pct. van 1922-1924 moest worden uitgekeerd volgens gerechtelijk vonnis, |
|
8815 |
zie onder „Dividend proces” hierna, en was betaalbaar 14 Mei 1926 op |
|
8816 |
div. bewijs no. 20. De dividendbewijzen no. 16-19 werden waardeloos ver- |
|
8817 |
klaard); 1925: nihil; dividend cum. pref. aandeelen A |
|
8818 |
sedert 1910 telkens 6 pct .; laatste betaling 14 Mei 1926 in eens op nos. 16a |
|
8819 |
en 16b; dividend pref. winstdeelende aandeelen B |
|
8820 |
2e halfjaar 1914: 3} pct .; 1915-1925: 71, 73, 74, 63, 73, 63, 6, 6, 6, 6 en 6 pct. ; |
|
8821 |
laatste betaling 14 Mei 1926 in eens op nos. 12a en 12b (der ponden aan'deelen |
|
8822 |
met f 72.50); dividend pref. winstd. aandeelen C eerste |
|
8823 |
div. 1919: 3 pct. (alleen super-div.); 1920: 7 pct .; 1921-1925: telkens 6 pct .; |
|
8824 |
laatste betaling 14 Mei 1926 in eens op nos. 12a en 12b. Voor de 5 pct. |
|
8825 |
obligatieleening 1906, 1 October 1922 geheel afgelost, zie men |
|
8826 |
jaarg. 1924 en vorige. |
|
8827 |
6 pct. Converteerb. gewaarborgde obligatiën 1922 |
|
8828 |
groot f 500 met coupons per 1 Jan. en 1 Juli, samenvoeg- |
|
8829 |
baar in stukken van f 2500. De coupures van f 500 en f 2500 hebben |
|
8830 |
sedert 27 October 1924 afzonderlijke noteering. De groote |
|
8831 |
stukken kunnen te allen tijde weder in coupures van f 500 worden |
|
8832 |
gesplitst. Tot 31 Juli 1927 geschiedt een dergelijke splitsing |
|
8833 |
of samenvoeging kosteloos, daarna tegen betaling van eventueele |
|
8834 |
zegelkosten. Houders hebben tot en met Juli 1927 telken jare in |
|
8835 |
Januari en Juli het recht hunne obligatiën te converteeren in ge- |
|
8836 |
VAN Oss, Effectenboek voor 1927. XXIV !. 44 |