|
68527 |
1706 SPOORWEGFONDSEN. |
|
68528 |
Mpij. tot Exploit. van Staatsspoorwegen. 4 pcts. |
|
68529 |
obligatiën van 1903 en van 1907. De leening van 1903 |
|
68530 |
wordt gevormd door de seriën 1-8 ad f 1.000.000 elk der leening groot |
|
68531 |
f 15.000.000, uitgegeven 1 April 1903 à 101 pct. (De resteerende f 7.000.000 |
|
68532 |
dezer leening, werden d.d. 1 Maart 1905 als 3} pets. oblig. uitgegeven). De |
|
68533 |
leening van 1 April 1907 wordt gevormd door de seriën 7-15 (de seriën 1-6 |
|
68534 |
zijn in 1906 als 3} pets. obligatiën uitgegeven), der leening van f 15.000.000 |
|
68535 |
tot welker uitgifte de op 21 Juni 1905 gehouden vergadering van aan- |
|
68536 |
deelhouders besloot. De inschrijving op deze f 9.000.000 was op 13 Maart |
|
68537 |
1907 tot de n koers van 100} pct. opengesteld. Obligatiën groot |
|
68538 |
f 1000 met coupons 1 April en 1 October. Aflossing à pari in |
|
68539 |
60 jaar door jaarlijksche uitlotingen in October, ter betaling op 1 April |
|
68540 |
d.a.v. Jaarlijksche aflossing der obligatiën 1903 voor het eerst in 1904 |
|
68541 |
ad f 34.000 en der obligatiën 1907 voor het eerst in 1908 ad f 38.000, ver- |
|
68542 |
meerderd met de vrijgevallen rente uit de vroeger afgeloste bedragen. |
|
68543 |
De Maatschappij behoudt zich het recht voor alle of een deel der nog uit- |
|
68544 |
staande obligatiën te allen tijde à pari af te lossen. Voor de uitstaande |
|
68545 |
bedragen zie men de tabel „Specificatie Obligatieschuld". |
|
68546 |
Koersen 1915: 942-87%; 1916: 982-87; 1917: 96-892; 1918: 91-80 |
|
68547 |
1919: 85 -- 76; 1920: 762-65; 1921: 848-75]; 1922: 82-76; 1923: 853-72}. |
|
68548 |
1924: 83-70%; 1925: 944 81}; 1926: 962-93; 1927: 943-91]; 1928: 954-93. |
|
68549 |
Mij. tot Expl. v. Staatsspoorwegen. 4 pct. leening |
|
68550 |
van 1923, groot f 3.843.600 en verdeeld in 3203 obligatiën groot f 1200. |
|
68551 |
De leening is evenals de 43 pct. leening 1923 ontstaan door omwisseling |
|
68552 |
stuk voor stuk van obligatiën tegen certificaten 4} pct. eerste hypotheek |
|
68553 |
N. B. D. S., welke omwisseling voorzoover geschied in 4 pct. obligatiën |
|
68554 |
S. S., kosteloos plaats vond tusschen 15 Maart en 15 Mei 1923 (zie ook |
|
68555 |
onder 4} pct. obligatiën 1923). De 4 pct. obligatiën zijn groot |
|
68556 |
f 1200 met coupons per 1 Mei en 1 Nov. Aflossing: elk jaar te |
|
68557 |
beginnen 1 Mei 1923 zal 0.42 pct. van het uitgegeven bedrag, vermeerderd |
|
68558 |
met door aflossing vrijgevallen rente worden afgelost, zoodat de geheele |
|
68559 |
leening binnen 60 jaren is gedelgd. Versterkte of geheele aflossing voor- |
|
68560 |
behouden. Loting in Januari (eerste maal 1924). Bij naasting door den |
|
68561 |
Staat is deze bevoegd zich in de plaats der S.S. te stellen Blijkens het no- |
|
68562 |
teeringsbericht werden 3203 certificaten tegen 4 pet. obligatiën verwisseld. |
|
68563 |
De noteering der 4 pcts stukken werd 12 Sept. 1923 verkregen. Men z16 |
|
68564 |
het prospectus in deel II 1923, pag. 59 der prospectussen. |
|
68565 |
Koersen 1923: 772-72; 1924: 81}-66; 1925: 933-80g; 1926: 97-912; 1927: 944-904. |
|
68566 |
1928: 95-92. |
|
68567 |
MIJ. t. Expl. v. Staatsspoorwegen; 3} pct. leening van |
|
68568 |
1887, groot f 17.239.000, waarvan de eerste uitgifte van 5 seriën elk à |
|
68569 |
៛ 1.000.000 plaats vond in October 1887 ter conversie der 5 pct. leening van |
|
68570 |
1873, en de tweede uitgifte van 12 seriën, elk à f 1.000.000 en eene serie à |
|
68571 |
f 239.000 in Januari 1888 geschiedde ter conversie van alle toenmaals be- |
|
68572 |
staande 4 pets. leeningen. Koers van uitgifte telkens 97 pct. Houders van |
|
68573 |
aflosbaar gestelde obligatiën hadden bij de inschrijving den voorrang, daar- |
|
68574 |
na de houders van aandeelen en van bewijzen van oprichtersrechten. Obli- |
|
68575 |
gatiën, groot f 1000; coupons 1 Mei en 1 November. A flo s- |
|
68576 |
sing, aangevangen in 1888 bij jaarlijksche uitloting in October van 0.7 pct. |
|
68577 |
van het bedrag der leening, vermeerderd met de vrijgevallen rente, be- |