|
66786 |
1652 SPOORWEGFONDSEN. |
|
66787 |
daarvan de twee ongunstige jaren af, en neemt het gemiddeld bedrag der na |
|
66788 |
aftrekking overblijvende vijf jaren, en brengt de alzoo verkregen som, door die |
|
66789 |
met 25 te vermenigvuldigen. tot kapitaal. De prijs kan niet minder bedragen dan |
|
66790 |
het oorspronkelijk vennootschappelijk kapitaal, verminderd met hetgeen voor in- |
|
66791 |
koop en aflossing van aandeelen en obligatiën is besteed. De betaling geschiedt |
|
66792 |
aan de concessionarissen, zes maanden na de finale overname van den spoorweg. |
|
66793 |
Van het voornemen om te naasten wordt minstens een jaar te voren aan de con- |
|
66794 |
cessionarissen kennis gegeven. Art. 90. Zoodra de winst- en verliesreken. een zuivere |
|
66795 |
winst aantoont van meer dan 5 pct., zal dat meerdere tot een bedrag van |
|
66796 |
1 pct. worden ingehouden tot terugbetaling aan den Staat van hetgeen deze voor |
|
66797 |
rente gedurende den tijd van aanbouw heeft betaald, en van de eventueele voor- |
|
66798 |
schotten, door hem verstrekt, ten gevolge van den waarborg der rente. Zoolang |
|
66799 |
de Staat crediteur der vennootschap is, zal geene hoogere winst dan 7 pct. aan |
|
66800 |
de aandeelhouders mogen worden uitgekeerd, maar het meerdere voor twee derde |
|
66801 |
deelen mede moeten øtrekken tot delging der schuld, aan den Staat, terwijl van het |
|
66802 |
overige de helft wordt uitgekeerd aan het bestuur der vennootschap, en de andere |
|
66803 |
helft op de reserverekening wordt gebracht. Zoodra de schuld aan cen Staat ge- |
|
66804 |
heel 18 afgedragen, treedt deze op voor een deel der winsten, die jaarlijks boven |
|
66805 |
de 5 pct. worden verkregen, zuliende dit meerdere aledan worden verdeeld: 50 pct. |
|
66806 |
aan de aandeelhouders, 25 pct. aan den Staat, 15 pct. aan het reservefonds, 10 pct. |
|
66807 |
aan het bestuur der vennootschap. Zoodra het reservefonde tot het maximum |
|
66808 |
van f 500.000 is gebracht, houdt de bijdrage onder dit hoofd op, en wordt het |
|
66809 |
gebracht op de amortisatie-rekening. |
|
66810 |
Gewijzigde concessievoorwaarden voor de Stoomtramwegen der |
|
66811 |
N. I. S. in Midden Java. |
|
66812 |
De voornaamste bepalingen dezer in October 1913 gewijzigde concessievoorwaarden |
|
66813 |
volgen hieronuer. |
|
66814 |
Concessie is verleend voor de volgende groepen: |
|
66815 |
K.M. |
|
66816 |
Groep 1 Djokja-Brossot met zijlijnen 56 : Spoorwijdte 1.435 M. |
|
66817 |
2 Djokja-Willem I „, 111; Id. 1.067 M. |
|
66818 |
3 Goendih-Soerabaja met zijlijnen 352 Id. 1.067 M. |
|
66819 |
" 4 Solo-Bojolali 79: Id. 1.067 M. |
|
66820 |
5 Semarang-Gambringan 60; Id. 1.067 M. |
|
66821 |
658 |
|
66822 |
Dunr der concessie: tot 31 December 1971. |
|
66823 |
Naastingrecht. Na 31 December 1935 kunnen de tramwegen te allen tijde |
|
66824 |
door het Gouvernement worden genaast, mits voorafgaande kennisgeving van één |
|
66825 |
Jaar, welke kennisgeving echter geen bindende kracht heeft. Bij naaeting van den |
|
66826 |
spoorweg Semarang-Vorstenianden vóór of op het tijdstip waarop de conceszie voor |
|
66827 |
dien spoorweg afloopt, is het Gouvernement verplicht den tramweg Djokja-Brossot |
|
66828 |
tevens over te nemen. Voor groep 5 is naasting te allen tijde mogelijk 10 jaren |
|
66829 |
na het eerste jaar, waarop de noofdlijn dier groep in dienst werd gesteld. |
|
66830 |
Bedrag te betalen bij naasting of bij overneming na het |
|
66831 |
einde der concessie. |
|
66832 |
I. Als naastingssom geldt voor elke groep afzonderlijk een bedrag A, berekend |
|
66833 |
naar onderstaande formule: |
|
66834 |
A = B + (25 E-B) B) × C-D G-D |
|
66835 |
Verklaring: |
|
66836 |
B = de boekwaarde der goederen op het oogenblik van naasting, t.w. het totaal |
|
66837 |
der bouw- en uitbreidingsrekening plus de kostprijs van het bij naasting aanwezige |
|
66838 |
rollend materieel. Deze kostprijs is te verminderen met 1} pct. voor elk kalender- |
|
66839 |
jaar, verloopen sedert het eerste jaar van indienststelling; maximum korting 25 pct. |
|
66840 |
C = het aantal maanden tusschen 1 Jan. 1913 en 31 Dec. 1971. |
|
66841 |
D = het aantal maanden op het oogenblik van naasting verstreken sedert |
|
66842 |
1 Januari 1913. |
|
66843 |
E = de gemiddelde netto-opbrengst per jaar gedurende de voordeeligste 5 van de |
|
66844 |
laatste 7 boekjaren, voorafgaande aan den dag van naasting. Als netto-opbrengst |
|
66845 |
wordt verstaan het verschil tusschen: eenerzijds alle baten, inclusief wagenhuren, |
|
66846 |
vergoedingen voor gemeenschappelijk gebruik, pachtsommen, renten van kasgeld, |
|
66847 |
enz., doch niet de opbrengst van vervreemde goederen; anderzijds: alle lasten der |
|
66848 |
Mpij. van welken aard ook - mits geen kapitaalsuitgaven - inclusief uitgaven |
|
66849 |
voor wagenhuren, voor gemeenschappelijk gebruik, voor pachten enz., terwijl verder |
|
66850 |
in aftrek zal worden gebracht een nader vast te stellen en door de Regeering te |
|
66851 |
vergoeden aandeelen in de kosten van algemeen beheer en voorts uitgaven ontleend |
|
66852 |
aan reserve- en vernieuwingsfondsen, benevens afschrijving op het rollend materieel. |
|
66853 |
II. Tevens zal bij naasting worden betaald de waarde van het besteld of in |
|
66854 |
aanmaak zijnd rollend materieel en der aanwezige of bestelde magazijngoederen. |
|
66855 |
III. Het bovengenoemde bedrag A zal in geen geval méér bedragen dan 125 pct. |
|
66856 |
van de boekwaarde onder B omschreven en niet minder dan 105 pct. dier boek- |
|
66857 |
waarde. In het eerste geval is echter de door het Gouvernement te betalen som |
|
66858 |
te verminderen met 25 pct. van het bedrag, waarmede de uitbreidingsrekening |