Page 1643 in yearbook 1937

Page 1643 in yearbook 1937

Page Block

Scanned page

Yearbook Vol. Seq P.no Type Size File
1937 vanoss_1937_domestic 1643 1605 content 1349 × 2306 1937/85586

Blocks on this page 0

No blocks have been marked on this page.

Page content 55

The raw OCR output of this page, line by line.
66419 SPOORWEGFONDSEN. 1605
66420 richting Straelen. De lijn Weiwerd-Delfzijl wordt van 1 Dec. 1934 af als
66421 S.S .- lijn beschouwd. Voor een specificatie van het aantal K.M. in beheer bij
66422 S.S. gedurende de laatste zeven jaren zie men het tabelletje hieronder. Om-
66423 trent het Autobus bedrijf der S.S. en H.S. zie men elders onder H.S.
66424 In 1920 werd een overeenkomst aangegaan met den staat
66425 der Nederlanden, (welke in 1931, ten aanzien van de indirecte
66426 dividend-garantie werd gewijzigd), tot wijziging van de Statuten
66427 en vaststelling van bepalingen nopens de exploitatie van Spoor-
66428 en Tramwegen, afwijkende van die der met den Staat gesloten
66429 overeenkomst van 21 Januari 1890. Uit deze overeenkomst tus-
66430 schen S. S. en den Staat blijkt o.m. dat het op de aandeelen gestort
66431 maatschappelijk kapitaal der Maatschappij gesteld is op veertig mil-
66432 lioen gulden (vroeger 18 millioen). De Staat verbindt zich voor 88000 te
66433 zijnen name gestelde aandeelen der Maatschappij aan deze op de wijze
66434 als bij hare statuten omschreven f 250 per aandeel te betalen. Volgens
66435 de overeenkomst tusschen H. IJ. S. M. en den Staat wordt het aan-
66436 deelenkapitaal dier Maatschappij gesteld op vijftig millioen gulden (vroeger
66437 22} millioen). De Staat verbindt zich voor 27500 te zijnen name gestelde
66438 aandeelen der Maatschappij, f 1000 per aandeel te betalen. De bevoegd-
66439 heid der beide Maatschappijen tot opzegging der overeenkomst van 1890
66440 vervalt. Artikel 8 der overeenkomst, betrekking hebbend op de winst-
66441 verdeeling, luidt na de wijziging van 1931 als volgt; (1). In afwijking van
66442 het bepaalde bij het eerste lid van artikel 33 der overeenkomst 1890 H. S.
66443 verblijft telken jare het winstsaldo tot een bedrag van 4 pct. van het op de
66444 aandeelen aan toonder gestort en niet terugbetaald maatschappelijk ka-
66445 pitaal aan de Mpij., ontvangt de Staat daarna een bedrag van één (1)
66446 ten honderd van gezegd kapitaal en wordt hetgeen dan nog overblijft
66447 in dier voege tusschen den Staat en de Mij. verdeeld, dat ieder van beide
66448 partijen daarvan een gelijk aandeel verkrijgt, totdat het geheele aandeel
66449 der Mij. bedraagt zes en een half (6.5) ten honderd van gemeld kapitaal,
66450 als wanneer van hetgeen dan nog beschikbaar is vier vijfde gedeelten (4/5)
66451 aan den Staat worden uitgekeerd en één vijfde gedeelte (1/5) aan de Mij.
66452 verblijft. (2) Daarentegen betaalt de Staat aan de Mij. - zoo daarvoor
66453 noodig met afwijking van het laatste lid van genoemd artikel 33 - het-
66454 geen in eenig jaar blijkens de winst- en verliesrekening der Mpij. vereischt
66455 mocht zijn om tot een winstsaldo van 4*) pct. van het op de aandeelen
66456 aan toonder gestort en niet terugbetaald maatschappelijk kapitaal te
66457 komen. Deze betaling geschiedt binnen ééne maand, nadat de jaarlijksche
66458 balans en winst- en verliesrekening op de daarvoor bij de statuten der
66459 Mpij. bepaalde wijze zijn vastgesteld. (3) Hetgeen van het winstsaldo
66460 aan de Mpij. verblijft, is bestemd tot uitkeering als dividend aan de hou-
66461 ders van aandeelen aan toonder en de oprichters der Mpij. In art. 13
66462 staat o.m .: Art. 8 vindt geen toepassing op het op 31 Dec. 1920 eindigende
66463 boekjaar der Mpij. De Mpij. verbindt zich over genoemd boekjaar voor uit-
66464 *) De Ministers van Waterstaat en van Financiën hebben zich omtrent de staats-
66465 garantie ten aanzien van de geldleeningen der N. S. in de Memorie van Antwoord
66466 op het Voorloopig Verslag van de Eerste Kamer der Staten-Generaal betreffende
66467 het ontwerp van wet houdende machtiging tot tijdelijke afwijking van de overeen-
66468 komst 1930 N. S. aldus uitgedrukt: „Uit de verhouding tusschen den Staat en de
66469 Nederlandsche Spoorwegen, zooals die in de overeenkomsten van 1920 is geregeld,
66470 volgt, dat de Staat verplicht is tekorten van het bedrijf, in welks lasten begrepen
66471 zijn rente en aflossing der obligatieleeningen, bij te passen. Hierin is uit
66472 den aard der zaak voor alle schuldeischers, dus ook voor de obligatiehouders, een
66473 feitelijke waarborg gelegen." (Handelingen 1e kamer 1933/34, December 1933).